Wetenschap - 14 september 1995

Van Aartsen bepleit samenwerking LUW met hogescholen

Van Aartsen bepleit samenwerking LUW met hogescholen

Landbouwminister wijkt af van hoger-onderwijsplan

Pleit minister Van Aartsen voor een fusie van agrarische hogescholen en de Landbouwuniversiteit, waarmee hij afwijkt van het beleid van collega Ritzen van Onderwijs? De hogescholen en universiteit hopen van wel.


Bij de opening van het hogeschooljaar van de agrarische hogeschool Larenstein in Velp deed landbouwminister J.J. van Aartsen op 6 september een opmerkelijk aanzoek. Waarom niet eens gesproken over een fusie tussen de zes instellingen voor het hoger agrarisch onderwijs en de Landbouwuniversiteit?", vroeg hij zich hardop af. Als er goede gronden voor zijn, moeten we daar eens over doorpraten. Ik ben in ieder geval zeer benieuwd naar de gedachtenwisseling daarover."

Van Aartsen stelt voor de twee onderwijsstromen in het hoger agrarisch onderwijs te integreren, terwijl collega-minister Ritzen van Onderwijs zijn best doet om elke vorm van integratie van de twee onderwijsstromen tegen te gaan. In een nieuw wetsvoorstel verbiedt Ritzen studenten zelfs om in de toekomst nog twee studies na elkaar te doen. De rede van Van Aartsen is opmerkelijk, omdat het ministerie van Landbouw altijd het beleid van het ministerie van Onderwijs op de voet volgt.

Een toelichting op deze toespraak kan het ministerie dan ook niet geven. Van Aartsen kan dat niet gezegd hebben", benadrukt plaatsvervangend directeur landbouwonderwijs, ir J.G. Heijnen. Hij heeft alleen gesproken over een fusie van de zes hogescholen. Als hij het wel over een fusie tussen hbo en universiteit gehad zou hebben, zou hij tegen het hoger-onderwijsplan HOOP ingaan en dat plan heeft hij mede ondertekend."

Juist omdat Van Aartsen tegen dat hoger-onderwijsplan HOOP ingaat, zijn de agrarische hogescholen en Landbouwuniversiteit zo ingenomen met zijn uitspraken. Want iedereen die de minister in Velp heeft gehoord, is het ermee eens dat hij het wel degelijk over een mogelijke fusie tussen LUW en de agrarische hogescholen heeft gehad. En dat zou dus betekenen dat Van Aartsen een eigen onderwijsbeleid wil gaan voeren. Daarin zou de doorstroming van hao-afgestudeerden naar de universiteit mogelijk moeten zijn, evenals de samenwerking tussen universiteit en hogescholen bij Professional Masters-opleidingen.

Onafhankelijk

De uitspraken van Van Aartsen komen voor de agrarische instellingen niet helemaal onverwacht. Deze zomer uitten de colleges van bestuur hun ongenoegen over het onderwijsbeleid in een brief aan de minister. Zij vroegen in feite aan Van Aartsen of hij een eigen, onafhankelijker landbouwonderwijsbeleid wilde gaan voeren. De huidige plannen om hbo en wo los te koppelen, doorstroming te blokkeren en verdergaande samenwerking te frustreren zijn niet in het belang van onze studenten, niet in het belang van de sector, niet in het belang van ons land binnen de Europese Unie en ook niet in het belang van onze relaties met de Derde Wereld."

De hogescholen en Landbouwuniversiteit dringen vervolgens gezamenlijk aan op een krachtig beleid gericht op samenhang tussen wetenschappelijk en hoger beroepsonderwijs in onze sector", waarbij een duidelijke koppeling tussen onderwijs en onderzoek wordt aangebracht." Een collegevoorzitter: Het ging ons om de mogelijkheid van een intensieve samenwerking en niet direct om een fusie. Maar ik denk dat de ambtenaren van Van Aartsen dat wel zullen begrijpen."

Goede gronden voor een fusie zien de instellingen vooralsnog niet. Veel belangrijker is dat er met de huidige minister blijkbaar te praten valt over het in stand houden van het landbouwonderwijs. Hij sloot zijn Larenstein-rede af met de wens samen te werken aan een goed sectoraal onderwijs.

Het belang daarvan is om verschillende redenen groot, vinden de instellingen. Ze vrezen dat de fusies in het hoger beroepsonderwijs nog niet over zijn. De relatief kleine agrarische hogescholen zouden in de nabije toekomst wellicht moeten fuseren met algemene hogescholen in de buurt.

Terugloop

Voor de LUW geldt iets dergelijks. Sinds het studentenaantal terugloopt, groeit de angst dat de universiteit een faculteit moet worden van de universiteit van Nijmegen of Utrecht. Als de hogescholen en de LUW elkaar in stand kunnen houden, heeft dat voor de meesten de voorkeur. Voornamelijk voor de primaire produktierichtingen als plantenteelt en zootechniek is sectoraal onderwijs belangrijk, vinden de instellingen.

Ook erkennen de hogescholen dat de concurrentie om de student de laatste jaren te ernstige vormen heeft aangenomen. De maatschappelijke druk op het onderwijs is zo groot geworden dat dat niet meer kan, meent dr ir W.R. Simons van het Van Hall-instituut in Leeuwarden. Ik vind het zeer noodzakelijk dat het hao de samenwerking binnen een aantal jaren aanzienlijk heeft versterkt. Dat betekent niet meteen dat er onderling verdeeld en afgestoten moet worden, maar wel samengewerkt aan innovaties, onderwijsontwikkeling en voorlichting. Ik denk daarbij in eerste instantie aan samenwerking tussen de hao-instellingen, en nog niet meteen aan de LUW."

Eerst moet duidelijk worden wat de voordelen zijn van een eventuele fusie. Zo benadrukt Larenstein-voorzitter ir M.J. Hijink dat de verschillende partners gelijkwaardig aan elkaar moeten zijn. Als ik de concepten uit HOOP lees en de redes van Heuver (DLO) en Vos (LUW) hoor, dan proef ik daaruit dat er vanuit de omgekeerde weg wordt geredeneerd. Ik vind dat je eerst moet kijken hoe het gehele kennissysteem er moet uitzien om daar vervolgens aan te werken, en niet andersom."

Plaatsvervangend collegevoorzitter mr I.W.R. Bernasco van de Hogeschool Delft heeft nog geen enkel argument gehoord waarom een bestuurlijke samenwerking of fusie het onderwijsproces zou verbeteren.

Voorzitter van het samenwerkend hoger agrarisch onderwijs SHAO, mr ing. J.M. Latijnhouwers, meent dat de samenwerking moet worden gestart via een gemeenschappelijke regeling. Dat betekent dat er een overkoepelend bestuur komt met een aantal bevoegdheden. In het begin kan dat vooral gaan over bijvoorbeeld gemeenschappelijke opleidingen of voorlichting naar scholieren. Van daaruit kunnen we vervolgens stapje voor stapje kijken wat de voordelen zijn van een verdere samenwerking. De laatste fase zou dan een eventuele fusie kunnen zijn."

Re:ageer