Wetenschap - 26 januari 1995

Utrecht krijgt geld voor nieuw klimaatcentrum

Utrecht krijgt geld voor nieuw klimaatcentrum

Het instituut voor Meteorologie en Oceanografie van de Universiteit van Utrecht krijgt de komende acht jaar zeven miljoen voor versterking van het klimaatonderzoek. Dit geld, dat staatssecretaris drs A. Nuis van het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschappen ter beschikking stelt, moet besteed worden aan de oprichting van een nieuw centrum voor klimaatonderzoek. Utrecht investeert zelf nog eens zes miljoen in het centrum. Grote instituten als KNMI en het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiene) nemen deel in het centrum. Maar ook Wageningen participeert. De vakgroep Meteorologie is erbij betrokken en het ligt in de bedoeling dat prof. dr J. Lelieveld, hoogleraar Atmosferische Chemie van de vakgroep Luchtkwaliteit ook gaat samenwerken met het Utrechtse centrum. Hoe is nog niet duidelijk. Hierover lopen nu onderhandelingen.

Het Utrechts Centrum betekent niet echt concurrentie voor Wageningen. Het zwaartepunt van het Utrechts Klimaatcentrum zal liggen bij de atmosferische kant van klimaatveranderingen. Het Wagenings Centrum voor Milieu- en Klimaatstudies richt zich meer op de gevolgen voor landgebruik en ecosystemen. Je ziet die specialisaties nu langzaam ontstaan", aldus drs R. de Groot van het Wagenings Centrum (CMKW). De oprichting van het Utrechts Centrum vindt plaats ondanks de sterke bezuinigingen op klimaatonderzoek. Het budget van het Nationaal Onderzoekprogramma Mondiale Luchtverontreiniging (NOP) slonk van zestig miljoen voor de eerste vier jaar naar veertig miljoen voor de komende vier jaar. Maar misschien ontspringt ook Wageningen deze bezuinigingsdans. Volgens prof. dr L. Hordijk van het CMKW zien de plannen er goed uit en krijgen DLO en de Landbouwuniversiteit nog behoorlijk wat geld voor projecten. Half februari neemt de stuurgroep van het NOP een definitief besluit.

Re:ageer