Wetenschap - 27 maart 1997

Universiteiten profileren zich te weinig als onderwijsinstelling

Universiteiten profileren zich te weinig als onderwijsinstelling

Universiteiten profileren zich te weinig als onderwijsinstelling
Scholieren verwachten na universiteit slechte arbeidsmarkt
Waarom kiezen steeds minder scholieren voor een technische of wetenschappelijke opleiding aan een universiteit? De decaan van de Wageningse scholengemeenschap Pantarijn, Kees Vijlbrief, zoekt de verklaring vooral in de abstracte voorlichting van de universiteiten
Het percentage scholieren dat technische en natuurwetenschappelijke opleidingen kiest, neemt de laatste jaren flink af. Een mogelijke verklaring is dat de geringe studiefinanciering scholieren heeft aangezet tot risicomijdend gedrag. Scholieren willen zekerheid dat ze de gekozen opleiding ook afronden en kiezen daarom sneller voor een hbo-opleiding in plaats van een universitaire studie. Vooral universitaire opleidingen die als moeilijk te boek staan, zouden te lijden hebben van deze tendens. LUW-rector prof. Kees Karssen stelde tijdens de verjaardag van de universiteit: Als deze verklaring juist is, zouden de vijfjarige programma's die meer dan de helft van onze opleidingen nu heeft, eerder een vloek dan een zegen zijn.
Decaan Kees Vijlbrief van scholengemeenschap Pantarijn in Wageningen, die vwo'ers adviseert over de te kiezen vervolgopleiding, beaamt dat steeds minder leerlingen technische of natuurwetenschappelijke opleidingen kiezen. Voor verreweg de meeste scholieren is het carriereperspectief de belangrijkste reden om voor een bepaalde opleiding te kiezen. Zij wegen het perspectief, zoals zij dat zien, af tegen de moeite die zij moeten doen om aan het diploma te komen. Je zou kunnen spreken van calculerende scholieren. Scholieren die een natuurwetenschappelijke richting op willen, kiezen vaak vooral uit interesse voor een bepaald vakgebied, maar die groep wordt steeds kleiner.
Werkloosheid
Het beeld dat scholieren hebben van de arbeidsmarkt voor academici klopt trouwens niet altijd met de werkelijkheid, stelt Vijlbrief. De werkloosheid onder academici is de laatste jaren flink gedaald en sommige bedrijven zeggen zelfs ingenieurs uit het buitenland te willen halen, omdat ze in Nederland niet te vinden zijn. Scholieren en hun ouders zijn vaak erg verbaasd als ik cijfers daarover laat zien. Ze hebben het beeld van de werkloze academicus in het hoofd en dat slijt maar langzaam. Natuurwetenschappelijke en technische opleidingen staan bij scholieren dus te boek als moeilijke opleidingen zonder goede carriereperspectieven
De gedachte van de rector dat de vijfjarige opleidingen extra moeilijk klinken en dus extra gemeden zullen worden door aankomende studenten, onderschrijft Vijlbrief niet. Leerlingen zien vijfjarige studies niet als moeilijker dan vierjarige. Aan de andere kant denk ik niet dat ze de extra studietijd zien als een voordeel. Zijn leerlingen zijn verdeeld. Daniel Plooster: Ik vind vier jaar al lang om mezelf vast te leggen. Ik wil eigenlijk zo snel mogelijk een baan, dus ik zou kiezen voor een vierjarige opleiding. Pierre Kemmers zou wel voor vijf jaar kiezen. Ik denk dat een vijfjarige opleiding relaxter is, omdat je meer tijd hebt om af te studeren. En Marloes Penning de Vries wil wel zeker weten dat een vijfjarige studie haar meer biedt dan een vierjarige. Als ik de keuze zou hebben, zou ik vooral naar de inhoud van het studieprogramma kijken. Alleen als zo'n vijfjarige opleiding interessante extra's te bieden heeft, zou ik het doen.
Volgens Vijlbrief zijn vooral ouders gevoelig voor het argument dat een echte universitaire opleiding niet in vier jaar te doen is. Veel ouders hebben zelf een universitaire opleiding gehad in de jaren zeventig. Zij hebben vaak meer dan zes jaar over hun opleiding gedaan en twijfelen aan het niveau van vierjarige opleidingen.
Dat een toenemend aantal scholieren voor een hbo-opleiding kiest, komt volgens de decaan door de afgenomen waardering voor een universitaire diploma en de weinig aantrekkelijke voorlichting van universiteiten. De universiteiten profileren zich als wetenschappelijke theoretische onderzoeksinstituten, terwijl het hbo zich profileert als een modern opleidingsinstituut, meent hij. Hbo-instellingen presenteren zich veel commercieler. Ze laten veel beter de beroepsmogelijkheden voor afgestudeerden zien en maken scholieren goed duidelijk wat ze in de opleiding kunnen verwachten.
Promoveren
Universiteiten proberen vooral interesse te wekken voor een bepaald vakgebied, maar profileren zich te weinig als opleidingsinstituut met opleidingen waar je later wat mee kan. De presentatie is vaak erg abstract en wetenschappelijk gericht. Bij scholieren ontstaat dan het beeld van moeilijke opleidingen waarvan niet duidelijk van is wat je er mee kunt.
Leerling Pierre Kemmers vult aan: Ik ben al op heel wat open dagen van universiteiten geweest, maar het is mij nooit echt duidelijk geworden wat je na een opleiding kunt doen. Je hoort dan dat dertig procent van de afgestudeerden een baan bij Shell krijgt, maar dan weet ik nog steeds niet wat ze daar doen. Daniel Plooster: Ik denk dat je na een natuurwetenschappelijke opleiding aan een universiteit bijna verplicht bent om te promoveren. Eigenlijk leg je je dus voor minimaal acht jaar vast. Met een hbo-opleiding ben je een stuk sneller klaar, het is een stuk praktischer en dat spreekt mij wel aan.
Een aantal universiteiten probeert het tij nu te keren door studenten van betastudies een jaar extra studiefinanciering te bieden. Hoewel de LUW zich tot nu toe niet op de markt van financiele lokkertjes heeft begeven, denkt rector Karssen er niet onder uit te komen. Hij denkt aan een vorm van afstudeerondersteuning zoals die nu geldt voor studenten die bestuurswerk hebben gedaan. Studenten die niet binnen vier jaar hun bul hebben gehaald, kunnen dan een aantal maanden extra financiering van de universiteit krijgen om af te studeren
Kees Vijlbrief ziet de lokkertjes niet zo zitten. Scholieren zijn volgens mij nog niet bezig met studiefinanciering. Wat wel zou aanslaan zijn concretere aanbiedingen als gratis boeken voor het eerste jaar, gratis Internetten of telefoon- en kopieerkaarten. Pierre Kemmers denkt er het zijne van. Ik wil scheikunde doen en ben meteen gevallen voor het extra jaar studiefinanciering dat sommige universiteiten bieden. Het is voor mij niet het enige argument, maar het speelt wel mee bij mijn keuze. Klasgenoot Jeroen Klein Lankhorst: Iedereen weet dat studenten het niet breed hebben, dus wat extra geld zou niet gek zijn.

Re:ageer