Wetenschap - 18 mei 1995

Toenemende concentratie in cacao-industrie

Toenemende concentratie in cacao-industrie

Er is een toenemende concentratie van bedrijven in de cacaohandel en cacaoverwerkende industrie en in de chocolade-industrie. In de verschillende schakels tussen de cacaoboeren en de detailhandel domineren nog maar enkele bedrijven. De concurrentie tussen die bedrijven groeit echter. Dit concludeert Rabobank Nederland in haar rapport The cocoa and chocolate market.

Uit de cijfers blijkt dat slechts 3,3 procent van de prijs die consumenten betalen voor chocolade naar de cacaoboeren gaat. Tien procent gaat naar de verkoop van de bonen, 13,3 procent naar de handel, 22 procent naar de chocolade-industrie en 26 procent naar de detailhandel.

De bank concludeert dat de inkomenspositie van de vele kleine en grote cacaoboeren wordt bedreigd. Binnenkort hoopt de EU te beslissen over de heikele kwestie of cacao in chocolade voor vijf procent mag worden vervangen door cacaovervangende vetten. Op dit moment mag dat alleen in Engeland, Ierland, Australie en Zwitserland. De Rabobank verwacht dat als de EU toestemming geeft, de VS en Japan zullen volgen. Dit zal volgens de bank leiden tot vijf procent minder vraag naar cacao. Ook vergrijzing zal tot minder vraag leiden. Daarentegen zal de inkomensstijging in sommige landen de vraag weer doen groeien.

Met de toestemming voor cacaovervangende vetten zijn grote belangen gemoeid voor de deels Nederlandse bedrijven Unilever en Nordica groep, zo blijkt uit het rapport. Samen hebben zij bijna zeventig procent van de markt voor cacaovervangende vetten in handen. Ook de zes bedrijven die tachtig procent van de chocolademarkt in handen hebben (waaronder Nestle, Mars en Philip Morris) worden er beter van, omdat ze minder afhankelijk worden van duurdere cacao.

De vijf industrieen die de verwerking tot cacaoboter en -poeder domineren (waaronder W.R. Grace die in Nederland de vestiging Cacao de Zaan heeft) zullen verliezen. De grootste klappen vallen echter in de cacaoverbouwende Derde-wereldlanden. De Rabobank vreest dan ook dat door het gebruik van vervangende vetten hulpprogramma's in deze landen zullen stagneren, vanwege de terugval in inkomsten.

Re:ageer