Wetenschap - 30 januari 1997

Theo Vos, de bestuurder van de dialoog

Theo Vos, de bestuurder van de dialoog

Theo Vos, de bestuurder van de dialoog
Theo Vos nam deze week officieel afscheid als collegevoorzitter van de LUW. Hij heeft het landbouwnetwerk met zijn informele dialogen nooit verwaarloosd. Daardoor legde hij de basis voor de vijfjarige opleidingen in Wageningen en de fusie van LUW en DLO. De wetenschappers dienen volgens Vos dienstbaar te zijn aan de missie van de universiteit
Deze week sprak Theo Vos zijn laatste rede uit als collegevoorzitter van de Landbouwuniversiteit. Het was geen spetterende rede met opzienbarende uitspraken, maar daar kijkt niemand binnen de LUW van op. Een bezielend spreker is Vos niet geweest gedurende de zeven jaar dat hij in Wageningen de universiteit vertegenwoordigde. Eerder waren zijn publieke optredens wat grijs. In zijn betogen greep hij veelvuldig terug op zijn verleden als student en promovendus bij deze instelling, twintig jaar geleden
Slechts weinigen kennen Vos van tweegesprekken en informele onderonsjes. Dan ontstaat een ander beeld. De collegevoorzitter is eerlijk, recht-door-zee, nuchter en wars van moderne managementtheorieen. De Brabantse boerenzoon is gevormd in de hierarchie van het ministerie van Landbouw, waarin de persoonlijke, onderlinge afspraken op managementniveau van groter belang waren dan het publieke draagvlak voor beleid. En hij koppelde zijn missie in Wageningen aan zijn netwerk van collega's in landbouwland. In Wageningen zaten er een aantal, maar ze werkten vooral elders. Vos vergaderde niet met ze, hij sprak ze
Bij zijn komst keek hij raar aan tegen de democratische structuur van de universiteit, die bureaucratie veroorzaakte. Vos wilde zaken regelen aan de universiteit, maar hij kwam te veel gesprekspartners tegen die allemaal een eigen mening hadden en geneigd waren eerst de nulvraag te stellen. Het college van bestuur is druk bezig geweest de zogenaamde middenstructuur in te richten, om het aantal gesprekspartners terug te brengen
Buitenwacht
Ook ergerde Vos zich aan de kritiek van wetenschappers op college of universiteit tegenover de buitenwacht. De socioloog Norman Long werd door hem op het matje geroepen toen hij het college betichtte van ignorance and incompetence. In het bedrijfsleven zou je ontslagen worden, zou Vos de flegmatieke en hoogstverbaasde Brit hebben toegevoegd
Zijn kritiek op de bureaucratie strekt zich echter ook uit naar zijn eigen ministerie, Landbouw, dat de baas wil blijven spelen en almaar wil blijven aansturen, waar een dialoog natuurlijk meer op zijn plaats was geweest, aldus Vos in zijn slotrede. Hij kon zijn geliefde en beproefde dialoog echter niet voeren met de Directie Wetenschapsbeleid en Kennisoverdracht en zocht zijn gesprekspartners hoger in de LNV-bureaucratie en in het bedrijfsleven - vooral het agrarische bedrijfsleven en de agribusiness
Dat leverde de universiteit geen windeieren op, bijvoorbeeld toen de drie technische universiteiten onder leiding van Delft een deal sloten met de industrie om vijfjarige opleidingen in Nederland te realiseren en gemakshalve de boeren uit Wageningen links lieten liggen. Vos mobiliseerde zijn kennissen binnen de agroindustrie en overtuigde enkele Tweede-Kamerleden via de telefoon, zodat Wageningen alsnog elf studies mocht opwaarderen
De belangrijkste constatering van Vos na twintig jaar afwezigheid in Wageningen was: de Landbouwhogeschool was universiteit geworden. Niet slecht, maar de veel grotere differentiatie in opleidingen en vakdisciplines was gepaard gegaan met het op eigen koers varen van wetenschappers. In de loop der jaren hadden te veel medewerkers de gelegenheid gehad zelf te bepalen welke koers zij op wilden.
Voedselkolom
ls remedie kwam het college van bestuur in 1992 met het strategisch plan richting 2000, waarin de LUW voor het eerst een missie formuleerde: een gezonde landbouw in een schoon milieu. Inmiddels is die missie ietwat bijgesteld. Vos: De voedselkolom en de groene ruimte zijn onze taakvelden, duurzaamheid is het sleutelwoord.
Om de nieuwe missie en de wetenschappelijke dienstbaarheid daaraan te realiseren, had Vos het ministerie van LNV nodig. Een etentje met de nieuwe minister Van Aartsen bracht uitkomst; deze wilde namelijk werk maken van de kennisinfrastructuur van LNV. Naar verluidt heeft Vos meegepraat over de ontwikkeling van een nieuwe kennisstructuur, waarbij ook de politieke kans van slagen de revue passeerde. Om die reden werd een PvdAer, Bram Peper, aangezocht om het advies voor de minister te schrijven. Vos repte in zijn afscheidsrede met geen woord over het kenniscentrum Wageningen. Een kwestie van netheid jegens minister Van Aartsen, die aanwezig was om een afscheidswoord tot de collegevoorzitter te richten
Het personeel van de LUW mag dan weinig hebben gemerkt van de impact van Theo Vos als collegevoorzitter, maar daar was het hem ook niet om te doen. Wie zijn dat geweest, de mensen waarvoor ik heb gewerkt? Het zijn onze studenten en al onze andere afnemers van kennis. Verder zijn het de primaire producenten, de afnemende industrie, de toeleverende industrie, de detailhandel en aan het einde zelfs alle miljoenen consumenten.
Aan de LUW is hij dank verschuldigd aan zijn mede-bestuursleden, de mensen in het bestuurscentrum en de vele raadgevers vanuit de faculteit. Ze vormen een grote verscheidenheid. Met zoveel verscheidenheid om je heen te mogen werken, dat maakt het leven wel interessant! Het maakt jammer genoeg ook dat je, zeker als bestuurder, vaak moet kiezen uit de vele mogelijkheden. En kiezen voor de een, is dikwijls pijn voor de ander.

Re:ageer