Wetenschap - 27 november 1997

Symposium Diversiteit als strategie

Symposium Diversiteit als strategie

Symposium Diversiteit als strategie
Veerman: Wageningen moet uit de pas durven lopen
De Nederlandse landbouw staat op zijn kop. Zaken die vroeger vanzelfsprekend waren, staan tegenwoordig ter discussie. Heerste onder boeren vroeger grote eensgezindheid en solidariteit, inmiddels kampen ze met tegengestelde belangen. Op een symposium ter gelegenheid van het vijftigjarig jubileum van de KLV-studiekring Landbouweconomie zochten landbouweconomen vorige week naar nieuwe wegen voor de Nederlandse landbouw en het Wageningse onderzoek
In het verleden produceerden boeren zo veel mogelijk tegen een zo laag mogelijke prijs. Door de schaal van de bedrijven te vergroten en de kostprijs te verlagen wist de Nederlandse landbouw goed te boeren. Voor iedere boer gold hetzelfde devies: of je nu tuinder of varkenshouders was of twee keer daags de koeien molk, je deed mee met de race om tegen zo laag mogelijke kosten te produceren
Consument en handel stelden weinig eisen. Als boer kon je produceren tot je erbij neerviel; je product werd toch wel verkocht. De eensgezindheid over het doel van de Nederlandse landbouw was groot, en daardoor bestond er een grote solidariteit onder boeren
Maar het tij is gekeerd. De consument is voorwaarden en eisen gaan stellen. En die eisen leggen tegengestelde belangen tussen sectoren en regio's bloot en drijven de boeren uit elkaar. Is het bijvoorbeeld de varkenshouderij, niet langer aan grond gebonden, die voor een mestprobleem zorgt? Of zijn het de melkkoeien die met hun uitwerpselen tijdens het weiden het milieu verzuren? Steeds meer zijn boeren, die op hun bedrijf veel moeten investeren om aan kwaliteits- en milieueisen te voldoen, geneigd om collega's uit andere sectoren en in anderen regio's aan te wijzen als schuldigen aan de problemen
Symposium-voorzitter ir Gerrit Braks, oud-minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, stipt bij aanvang van de studiemiddag op 20 november het gebrek aan solidariteit aan. Hetgeen wordt onderschreven door ir Bernard Koeckhoven, secretaris van LTO-Nederland, die als eerste spreker het spits afbijt. Koeckhoven vindt dat er meer en meer verwarring optreedt in boerenland. Er een trend naar meer diversiteit tussen en binnen sectoren. Als gevolg moet kennis specifiek zijn toegesneden op het bedrijf, en zijn collectieve instrumenten steeds minder inzetbaar.
Spelregels
Tegelijkertijd wordt de keuzevrijheid van de boer om als ondernemer zijn bedrijf naar eigen goeddunken in te richten meer en meer beknot, als gevolg van kwaliteitseisen die in de keten worden gesteld. De spelregels in de keten nemen toe en de vrijheid van de boer neemt af. De relatie tussen enerzijds de producenten en anderzijds de banken en cooperaties wordt steeds zakelijker.
Toch meent Koeckhoven dat de Nederlandse landbouw wel kan voldoen aan de eisen die de consument stelt aan producten. Hij stelt: De slag om de kwaliteit maken we als landbouw gezamenlijk. Als het om de toekomst gaat, zie ik meer problemen ontstaan bij de invulling van het landelijk gebied. De tijd die mensen beschikbaar hebben om te recreeren zal toenemen, en dat legt een extra grote druk op het landelijk gebied.
De vrees van de landbouwvoorman dat de landbouw in de toekomst nog veel grond zal moeten inleveren, wordt bevestigd door Roel Robbertsen, boer en lid van het college van Gedeputeerde Staten in Utrecht. Het is onontkoombaar dat er nog heel veel hectares aan de landbouw worden onttrokken. Daar waar de druk op het gebied vanuit andere sectoren groot is, bestaat geen plaats voor landbouw, ook al is deze economisch en ecologisch duurzaam. Zo'n duurzame landbouw kan niet binnen een straal van tien kilometer van de grote steden plaatsvinden.
Volgens Robbertsen is diversiteit in de landbouw hard nodig, alleen al vanuit het ruimtelijk beleid dat wordt gevoerd. Hij pleitte voor grote gesegregeerde landbouwkerngebieden in het landelijk gebied. Daarbinnen moeten boerenbedrijven komen te liggen die de Europese concurrentie aankunnen
Zorglandbouw
Daarnaast kan in gebieden die niet als landbouwkerngebied zijn aangewezen landbouw met een verbrede doelstelling plaatsvinden. Daar moet de fabricage van specialiteiten, zorglandbouw of bijvoorbeeld een camping het bedrijf van een extra inkomen voorzien
Volgens prof. dr Cees Veerman, voorzitter van het Kenniscentrum Wageningen, moet het Wagenings onderzoek nieuwe wegen inslaan wil het in staat zijn oplossingen aan te dragen voor de gerezen problemen. In deze is complexiteit van veranderingen moet Wageningen lering trekken uit de natuur. En daar zie je dat een grote veelzijdigheid en veelsoortigheid weerstand kan bieden tegen bedreigingen van buitenaf. Ook het Wagenings onderzoek zal veelsoortig en veelzijdig moeten zijn. Dat betekent dat in het onderzoek niet langer lineaire trajecten worden afgelegd van A naar B. We moeten uit de pas durven lopen en andere benaderingen durven kiezen die gericht zijn op een bredere oplossingsgerichtheid.
Volgens Veerman moeten in Wageningen maatschappelijke problemen als uitgangspunt voor onderzoek gelden, waar vervolgens wetenschappelijk gefundeerde oplossingen bij worden gezocht. Een brede, integrale, multidisciplinaire aanpak is nodig om die oplossingen te vinden, waarbij de muren van de Wageningse instituten geen belemmering mogen zijn voor samenwerking. We moeten met zijn allen in Wageningen de wil en ambitie hebben om weer een rol te spelen in het debat over de landbouw in relatie tot de maatschappij. Daarbij moet Wageningen de nieuwe wegen wijzen in de zoektocht naar een gezonde landbouw.

Re:ageer