Wetenschap - 15 januari 1998

Studenten zitten minder voor de tv of in de kroeg

Studenten zitten minder voor de tv of in de kroeg

Studenten zitten minder voor de tv of in de kroeg
Studentenverenigingen blijven actief ondanks ledendaling
Door de studiedruk worden steeds minder eerstejaars lid van een studentenvereniging. In Wageningen is nu nog zo'n 27 procent lid van een vereniging. Dat is meer dan het landelijk gemiddelde, maar aanzienlijk minder dan een decennium geleden. Toch maken de verenigingen zich niet veel zorgen
Wanneer de lunch achter de rug is en iedereen weer is afgetaaid richting De Dreijen, bevolkt nog slechts een enkel bestuurslid de verder lege kroegzaal van Unitas. Een goed moment derhalve om eens bij te praten over het wel en wee van de studentenvereniging eind jaren negentig. Tachtig nieuwe leden meldden zich vorig jaar aan bij Unitas, een opsteker vergeleken met de veertig a vijftig aanmeldingen in de jaren daarvoor. Daarnaast kan Unitas bogen op driehonderd zogeheten b-leden die op donderdag- en zaterdagavond komen swingen. In tegenstelling tot de andere drie studentenverenigingen is dus sprake van een stijging van het aantal leden
Anouk Brack en Stijn Bierman, respectievelijk de interne en externe voorzitter van Unitas, verklaren dit als volgt: Wij zijn laagdrempelig, hebben geen ontgroening en hebben een lage contributie, slechts honderd piek. Volgens Brack mag alles, maar moet er niets op Unitas, zodat leden geen tijd kwijt zijn aan overbodige zaken
Het huidige bestuur is zeven mannen en vrouwen sterk, de commissies voor de films, bandjes, bar en tuin functioneren goed en er is onlangs zelfs een nieuwe commissie bijgekomen: de keukencommissie. Leden hiervan helpen de kok een handje bij het samenstellen van het menu en het koken. En ook voor mindere karweitjes als eten opscheppen en mensabonnen verkopen zijn voldoende mensen te vinden. Bierman: Je moet het natuurlijk wel leuk proberen te maken. Dat doen we bijvoorbeeld door als bestuur met die mensen na te eten. Dat is een stuk gezelliger.
Studiedruk
Volgens de inmiddels aangeschoven Remco de Kluizenaar, commissaris activiteiten, is de opbloei ook te danken aan het feit dat Unitas in de loop der jaren professioneler is geworden. Het is een stuk minder alternatief, er wordt minder geblowd en de punkscene is van het toneel verdwenen. Volgens Bierman valt het met de trend van dalende ledenaantallen nog wel mee: Het is meer zo dat studenten de laatste jaren beter met hun tijd omgaan. Ze zitten minder voor de tv of in de kroeg. Dat merken we vooral bij onze eerstejaars. Die zijn hier erg actief.
Beneden aan de berg, bij WSV Ceres, luidt het motto: Alles kan, alles mag, als je zelf de boel maar opruimt. In de prachtige bibliotheek, met wanden vol oude boeken, vertelt preses Marnix Beljaars dat Ceres te kampen heeft met een dalend ledenaantal. Dit studiejaar meldden slechts 59 eerstejaars zich aan, waarmee het totaal op amper vierhonderd komt. Begin jaren tachtig kon Ceres prat gaan op minstens tweemaal zoveel leden. Het studentenaantal neemt sowieso af, maar dat is geen afdoende verklaring, meent Beljaars. Wil men zich nog binden ondanks de studiedruk, is men bang voor het lidmaatschap vanwege de tijd die dat kost? Natuurlijk kost een vereniging tijd - Beljaars schat een maand op jaarbasis - maar of dat nu de reden is, betwijfelt hij
Ceres speelt op de tijdsdruk in door ondermeer verplichte studie-uurtjes in te stellen tijdens de introductietijd en de kennismakingsperiode in te korten. Ook richten Ceresleden studiedisputen op en bestaat er binnen de aan de vereniging gelieerde huizen een zekere mate van sociale controle op de studievoortgang
De eeuwige barhangers zijn op de vereniging een steeds sporadischer voorkomend fenomeen. De tijd van lang leve de lol is voorgoed voorbij, weet Beljaars, die in navolging van Bierman stelt: Leden delen hun tijd anders in dan niet-leden; tv kijken doen ze niet meer zoveel. Desondanks is een activiteit, schaken, verdwenen en zijn boksen en fitness samengevoegd. Ook het lustrum is vanuit organisatorisch oogpunt met enkele dagdelen ingekort. Bovendien blijkt het geen sinecure om het grote gebouw met een lager ledenaantal sfeervol te houden. Daarom is de nieuwe bar voorzien van een uitschuifbare afscheiding, die de belangrijkste ruimte van de societeit verkleint en gezellig houdt
Fanatieker
Op de Stadsbrink heeft KSV Sint Fransiscus Xaverius op he moment 350 leden, iets minder dan voorgaande jaren. KSV kent een jaarlijkse aanwas van tussen de zestig en zeventig eerstejaars. Preses Joost Brouwer ziet de laatste jaren meer bewuste leden op de vereniging rondlopen. Ze zijn fanatieker bezig. Iedereen doet wel wat en is lid van een jaarclub, een dispuut of een commissie. Weliswaar schommelt in de loop der jaren de populariteit van het ene dispuut ten opzichte van het andere, maar er is vooralsnog geen dispuut opgedoekt. Slechts ludieke commissies zoals de gokcie zijn van het toneel verdwenen
Absoluut geen levensbedreigende situatie, stelt Brouwer. Wij werken vanuit het idee dat het allemaal wel goed komt. We stellen onze streefaantallen wat bij. Evenals op Ceres houden ze vanuit een ooghoek de studievoortgang van de nieuwe leden in de gaten, want dat is volgens preses Brouwer toch de belangrijkste reden waarom iemand naar Wageningen is gekomen. Je zit hier uiteindelijk voor het halen van studiepunten.
Voorzitter Tineke Hummelen van SSR is weliswaar positief over de toekomst van haar vereniging, maar steekt niet onder stoelen of banken dat ze de situatie zorgwekkend vindt. SSR heeft nog driehonderd leden, de helft van het aantal in de jaren zeventig en tachtig. Dit jaar viel bij SSR een lichte stijging in de aanwas te bespeuren ten opzichte van het jaar ervoor. Toch zijn binnenskamers de mogelijke oorzaken van de dalende ledenaantallen geevalueerd
Hummelen steekt de hand deels in eigen boezem. We hebben gemerkt dat de verenigingspresentatie in de AID belangrijk is voor de aankomende studenten. Wij zullen dit dan ook gaan professionaliseren Maar ook op SSR geldt: kwaliteit is uiteindelijk minstens zo belangrijk als kwantiteit. Ook hier zijn volgens Hummelen steeds minder louter consumerende leden te vinden en relatief steeds meer actievelingen
Voorlichtingsdagen
Toch zetten de verenigingen gezamenlijk de eerste voorzichtige stappen om de daling van het aantal leden te stoppen. Drie van de vier verenigingen plaatsten onlangs een advertentie in het WUB en tezamen profileerden de verenigingen zich in een grote tent op de voorlichtingsdagen, in plaats van het gebruikelijke kleine kraampje
Hummelen en Brouwer menen dat de universiteit meer kan helpen het lidmaatschap van studentenverenigingen te promoten. Brouwer: De LUW zou kunnen helpen door aankomende eerstejaars een brief te sturen waarin het belang van verenigingen wordt onderstreept. Dat een vereniging belangrijk is voor je eigen ontwikkeling, dat er plaats is voor een hoop lol en rare fratsen, maar ook om die dingen te doen die je leuk vindt, of dat nu het organiseren van een gala is of het maken van een boek. Maar bovenal een plek waar je je thuis kunt voelen en waar je snel mensen leert kennen.
Rector Cees Karssen kan deze voordelen zondermeer beamen. Ooit was hij in zijn studententijd lid van SSR in Utrecht. Wel een vrij serieuze, hoor. Ik heb daar geleerd te besturen, in het openbaar te spreken en om te gaan met hotemetoten. De studentenvereniging is een belangrijk element in de opvang van nieuwe studenten. Die krijgen zo een kader en dat is nuttig. Bovendien zijn verenigingen goed voor de ontwikkeling en karaktervorming en ook dat is nuttig.
Als universiteit moet je je echter niet te veel bemoeien met de verenigingen, vervolgt de rector. Bestuursbeurzen helpen en we kunnen met de mond reclame maken. Daar waar dat nodig is, verschijn ik ook graag.

Re:ageer