Wetenschap - 29 juni 1995

Studenten vrezen inflexibel blokkenonderwijs

Studenten vrezen inflexibel blokkenonderwijs

Houd het bij de huidige vakjes en haal de overlap eruit

Studenten in richtingsonderwijscommissies zijn weinig enthousiast over de nota Onderwijs op weg naar 2000, die onlangs door de universiteitsraad is aangenomen. Vooral de verblokking van het onderwijs spreekt ze niet aan. Het onderwijs wordt ontzettend inflexibel," verwacht een student.


Verblokking van het onderwijs. Inhoudelijk valt daar best iets voor te zeggen, vindt economiestudent Jasper Dalhuisen. Je krijgt meer samenhang tussen vakken." Dalhuisen heeft ervaring met onderwijs in blokken. Voor hij naar Wageningen kwam, studeerde hij een jaar economie aan de Rijksuniversiteit Limburg, de universiteit waarvan Wageningen het blokken-idee heeft afgekeken.

Hoe de in Onderwijs 2000 voorgestelde verblokking er precies uit gaat zien is nog niet duidelijk. Allereerst wordt uitgezocht hoe verblokking in het derde jaar vorm kan krijgen. Een onderwijsblok duurt ongeveer zes weken en wordt afgesloten met een examen. Dalhuisen kan zich wel zo'n blok voorstellen voor zijn studierichting: Internationale economische betrekkingen in samenhang met agrarische economie of ontwikkelingseconomie, dat zou best goed zijn."

Maar verder ziet Dalhuisen vooral praktische bezwaren. Invoering van een blokkensysteem vereist nauwe samenwerking tussen vakgroepen. In de Leeuwenborch ziet Dalhuisen dat niet zomaar gebeuren. Bovendien vreest hij dat de studeerbaarheid van de programma's in het gedrang komt. Je krijgt ontzettend inflexibel onderwijs. Hoe gaat dat als straks de norm van de tempobeurs omhoog gaat? Wat doe je met studenten die delen van blokken niet beheersen?"

Agnes Oomen, student moleculaire wetenschappen, vindt het verblokken niet zo handig. Ze wijst erop dat moleculaire wetenschappers een aantal specialistische vakken moeten volgen en voorziet bovendien een lastig dilemma bij de inhoudelijke invulling van de blokken. Je kunt blokkenonderwijs op twee manieren bekijken. Aan de ene kant kun je zo de overlap uit het onderwijs halen. Dat is mooi. Om dat te realiseren moet je vakken van dezelfde groep bij elkaar zetten. Maar anderzijds is natuurlijk de bedoeling dat er interdisciplinaire blokken komen. En dat bijt met het eerste principe."

Ook vreest Oomen een vermindering van de keuzemogelijkheden voor studenten. Vakgroepen moeten veel blokken aanbieden. Anders wordt de keuzevrijheid voor studenten wel erg beperkt. Persoonlijk denk ik: Houd het bij de huidige vakjes en haal de overlap eruit."

Laboratorium

Bioprocestechnoloog Geertje van Veen meent dat verblokking een ramp is voor vakgroepen. De ene studierichting wil dit; de andere wil het net ietsje anders. Meer samenhang kan een voordeel zijn voor studenten, maar ook meer studievertraging geven." Van Veen wijst erop dat opeenvolgende vakken, bijvoorbeeld tweedejaars en derdejaars vakken, vanwege het niveauverschil niet zomaar zijn samen te voegen. In een jaar tijd leren studenten veel bij."

Verplichte stages of niet, dat was bij de discussie over Onderwijs 2000 een belangrijk item. De moleculaire wetenschappers zijn blij dat voor de vierjarige programma's geen verplichte stage is opgenomen, zoals bij de vijfjarige opleiding het geval is. De moleculairen doen liever twee afstudeervakken in plaats van een afstudeervak en een stage. Oomen: Moleculaire wetenschappen is vooral een onderzoekersopleiding. Het merendeel van de afgestudeerden wordt aio. Wanneer je maar een afstudeervak doet ben je heel beperkt. Zeker als je je stage doet bij de vakgroep waar je je afstudeervak hebt gedaan - wat meestal het geval is. Bij die vakgroep kun je immers het makkelijkst een stage regelen." De meerwaarde van een periode buiten de deur ziet Oomen niet zo, want moleculaire wetenschappers staan vooral in het laboratorium. Of een lab nou in Wageningen staat of in Barcelona, het blijft een lab."

Het woord specialisatie heeft in de nota Onderwijs 2000 niet meer dezelfde betekenis. Het college van bestuur wilde het begrip helemaal afschaffen. Uit bezuinigingsoverwegingen overigens, want specialisaties gaan gepaard met een groot aantal verplichte vakken en het college wil het aantal vakken aan de LUW juist terugdringen.

Maar zover wilde de universiteitsraad niet gaan. Met het oog op de herkenbaarheid voor werkgevers is gekozen voor een compromis: het begrip specialisatie blijft bestaan, maar het krijgt een nieuwe betekenis. Het geeft straks vooral aan welk afstudeervak een student heeft gevolgd.

Spijt

Oomen heeft weinig moeite met de nieuwe invulling van het begrip specialisatie: Ik kan me er wel iets bij voorstellen. Een afstudeervak is een van de belangrijkste onderdelen van de studie." Dalhuisen vindt de huidige specialisaties echter belangrijk. Hij is bang dat de herkenbaarheid voor werkgevers verloren gaat. Economen profileren zich met hun specialisatie, dus als bedrijfskundige of marktkundige. Ik vind dit een zwak punt in de nota."

Landbouwtechniekstudent Maurice Bastings ziet een heel ander bezwaar: Je wordt gedwongen vroeg te kiezen. Vroeger konden studenten die spijt kregen van hun specialisatie-keuze makkelijk switchen. Dat is straks uitgesloten. Studenten moeten met het kiezen van blokken een duidelijke richting volgen naar een afstudeervak. Maar als je precies weet wat je wilt, worden die blokken snel een lijdensweg. Want er zitten geheid dingen bij die je niet ziet zitten."

De inperking van de vrije keuze van 42 studiepunten, een heel jaar, naar 28 was voor de Progressieve Studentenfractie bijna aanleiding om uit de universiteitsraad te stappen. Op de vraag of die inperking ook daadwerkelijk minder vrijheid betekent - een verplicht afstudeervak met alle bijbehorende voorvereisten zit er immers niet meer in - kunnen de studenten niet goed antwoord geven. Ik weet ook niet precies hoe dat zit", bekent Bastings eerlijk. Er is een afstudeervak uit, maar weer een verplichte stage bij." Hij heeft wel de indruk dat het minder wordt. Er wordt voortdurend aan de vrije keuze geknabbeld. En dat is jammer want Wageningen wordt toch geroemd om die grote vrijheid."

Zieltjes

Bij het begrip onderwijsinstituut kunnen studenten zich nog niet veel voorstellen. De nog op te richten onderwijsinstituten, waarin meerdere richtingsonderwijscommissies (roc's) moeten gaan samenwerken, krijgen als taak het geld voor onderwijs te verdelen over de vakgroepen. De studenten melden heftige discussies in hun roc's. Vooral over de vraag welke richtingen zouden moeten samengaan in een instituut. Het is wel ingrijpend, geloof ik", zegt Bastings. Oomen meent daarentegen dat het wel mee zal vallen met de invloed van de instituten. Wij hebben het binnen de roc uitgerekend. Vakgroepen krijgen allereerst geld op basis van het aantal studenten. Dan blijft er voor de onderwijsinstituten niet zo veel meer te verdelen over."

Ook Dalhuisen houdt zich op de vlakte: Wat ik daar van moet vinden? Het is nog zo onduidelijk. Wel zou ik het verwerpelijk vinden als de verdeling van geld teveel is gebaseerd op het studentenaantal. Goede specialistische vakken verdwijnen dan. Moet een docent straks echt zieltjes gaan winnen?"

Re:ageer