Wetenschap - 20 februari 1997

Student, Hester

Student, Hester

Student, Hester
Er zijn ouderen die nog behoorlijk gezond zijn. Maar soms missen die mensen de contacten met vrienden, die allemaal overleden zijn, en wonen de kinderen bijvoorbeeld in het buitenland. Voor die mensen is wonen in een bejaardentehuis nodig vanwege de sociale contacten, niet vanwege de zorg. Maar dat mag tegenwoordig niet meer. Dan zie je dat ze een uurtje thuiszorg krijgen en de rest van de dag alleen zitten
Dat is de keerzijde van het nieuwe zorgbeleid van de overheid. Steeds langer moeten mensen zo veel mogelijk zelfstandig blijven. Een sympathiek streven, dat uiteraard ook een financieel doel dient. Je kunt je afvragen wat dit beleid betekent voor de organisatie van de zorg en aan welke eisen de zorg moet voldoen. Ik verdiep me in hoe mensen die zorg beleven. Dus niet over de mensen heen praten maar ervoor zorgen dat de consument of patient het beste tot zijn recht komt
In het derde trimester ga ik stage lopen bij het Wageningse zorgloket. Dat is een stichting waarin allerlei organisaties op het gebied van zorg, zoals de thuiszorg en verpleeghuizen, samenwerken. Zo'n loket moet Wageningse burgers van alle leeftijden verwijzen naar de voor hen passende zorg. Mensen worden geholpen na te denken over wat voor zorg ze nodig hebben, in welke toestand ze verkeren en welke mogelijkheden ze zelf nog hebben. Ze worden niet meer van het kastje naar het muurtje gestuurd. Ook daar zie je meer consumentgerichtheid
Ik ben nu aan het bedenken wat ik na de zomer wil doen. De standaardprogramma's zijn niets voor mij. Veel studenten volgen die wel, met het liefst veel marktkunde. Voor die studenten moet onderzoek ook liefst meteen iets zichtbaars opleveren of nuttig zijn. Daarom gaan ze vaak met huisvesting of wasmachines aan de slag
Zorg als studiethema is zeker niet vaag, maar toch zit ik vaak met slechts een enkele medestudent. Er zijn wel wat vakgroepen die theoretische vakken op het gebied van zorg geven maar die zijn met een lantarentje te zoeken. Ik heb dus als nadeel dat ik geen ouderejaars of jaargenoten hebt om over de studie te praten. Tot nu toe heb ik een vak verzorging in vergelijkend perspectief gedaan. Dus zorg gezien vanuit een filosofische of theologische invalshoek. Daarbij gaat het om onderwerpen als materiele versus immateriele zorg. Dat vereist kwalitatief en kwantitatief onderzoek, want het gaat mij ook nog steeds om praktische zaken. Daartoe volg ik nu een vak over kwantitatieve onderzoeksmethoden met veel statistiek. Ook daar zit ik weer met slechts een enkele medestudent

Re:ageer