Wetenschap - 5 januari 1995

Slakjes bufferen achteruitgang zeegras in Waddenzee

Slakjes bufferen achteruitgang zeegras in Waddenzee

Het toenemen van de voedselrijkdom van het Waddenzeewater, de eutrofiering, kan een oorzaak zijn van het afnemen van het areaal zeegras. Het leidt immers tot een groei van kleine algen, bacterien en zooplankton. Het dode organische materiaal (perifyton) komt op de bladeren van de waterplanten terecht en belemmeren de fotosynthese. Deze hypothese lag ten grondslag aan het promotie-onderzoek van Katja Phillippart die op 20 december promoveerde bij prof. dr J. Wolff.

Uit de experimenten van de promovenda bleek in ieder geval dat beschaduwing van zeegras leidde tot afname van het aantal planten en afname van het gewicht van de planten. Hoogstwaarschijnlijk, zo meent Phillipart, heeft dat ook gevolgen voor de reserves die opgeslagen zijn in de wortelstok, waardoor de overlevingskansen in de winter afnemen.

Een tegenwerkend mechanisme ontstaat door de toegenomen aantallen wadslakjes die gretig op het zogenaamde perifyton grazen. De beestjes leveren, zo meent de promovenda, een aanzienlijke bijdrage aan de groei en overleving van klein zeegras. Met name in de westelijke Waddenzee.

Een andere invloed op de arealen zeegras wordt gevormd door de zeepieren die aan de randen van de gebieden voorkomen. De wormen gedijen niet in zeegrasvelden, maar voorkomen door hun destructieve eetgewoonten uitbreiding van het veld. Aangezien zeegras goed gedijt met een kleilaag op tien centimeter diepte en pieren niet is het onwaarschijnlijk, meent Phillipart, dat de pieren de zeegrasvelden verder zullen aantasten.

Een laatste belangrijke oorzaak voor de teloorgang van het zeegras is de schelpdiervisserij: op platen waar intensief wordt gevist verdwijnt de plant nagenoeg geheel. De visserij bedreigt dus niet alleen bestaande velden, maar ook potentiele arealen.

Re:ageer