Wetenschap - 6 april 1995

Rwanda staat maand van rouw en wraak te wachten

Rwanda staat maand van rouw en wraak te wachten

Wageningse hulpverlener vreest nieuwe golf van geweld

Rwanda gaat een spannende maand tegemoet, stelt Wagenings afgestudeerde Marion Herens, die in Rwanda voor de Disaster Relief Organisation werkte. Gevreesd wordt dat de herdenking van de dood van voormalig president Habyiramana aanleiding zal zijn voor nieuwe geweldadigheden. De vrouwenorganisatie Profemmes roeit ondertussen wanhopig op tegen de stroom van wraakgevoelens.


Een vrouw zei: Alles is weer net als vroeger, eigenlijk ben ik teleurgesteld, er kan ons elke dag iets overkomen. Die uitspraak is tekenend. Rwanda kent zoveel rechteloosheid, niemand weet tot wie hij zich wenden kan. De nieuwe overheid heeft het leger onvoldoende in de hand. Veel mensen worden bedreigd en als ik terugga naar Rwanda, bestaat er een goede kans dat ik sommige vrouwen niet meer terugzie."

Marion Herens is net teruggekeerd uit het Afrikaanse staatje, waar ze werkte voor het Nederlandse Disaster Relief Agency, dat samenwerkt met de ontwikkelingsorganisaties SNV en Novib en een brug wil slaan tussen structurele hulp en noodhulp. De voormalige studente Voeding verhaalt over angstige voorgevoelens en een broeierige sfeer in de hoofdstad Kigali. Het is namelijk precies een jaar geleden dat het vliegtuig van voormalig president Habyiramana uit de lucht werd gehaald, waarna de grootste slachting in de Afrikaanse historie, met een kleine miljoen doden, een aanvang nam.

Het geweld verminderde pas echt vorig jaar juli, toen het Rwandese Hutu-leger de wijk nam naar het buitenland en het uit Tutsi's bestaande rebellenleger RPF een nieuwe regering installeerde. Maar schijn bedriegt, vertelt Herens. In de vluchtelingenkampen in Tanzania, Zaire, Oeganda en Burundi werken de verslagen troepen aan hun militaire come-back en geinfiltreerde milities van de extremistische Hutu-beweging Interahamwe zijn opnieuw actief in Rwanda. Gevreesd wordt dat de herdenking van de dood van Habyiramana op 6 april het startsein zal zijn voor een maand van rouw en wraak.

Daarbij wordt ook angstig uitgekeken naar de verrichtingen van het RPF-leger. Gespeculeerd wordt dat het zich zal uitleven in de gevangenissen, die tot de nok toe gevuld zijn met vooral Hutu's. Deze worden verdacht van moordpartijen tijdens de eerste geweldsgolf en wachten nog steeds op hun berechting.

Vrouwen

Het voorkomen van een nieuwe geweldsgolf staat uitdrukkelijk in het programma van de organisatie Profemmes, een platform van dertien Rwandese vrouwenorganisaties. Ze richt zich expliciet op vrouwen, omdat juist deze groep het slachtoffer is geworden van geweld. De Interahamwe doodde vooral mannen en kinderen. Ze liet de vrouwen weliswaar in leven, maar verkrachtte ze veelal, hetgeen inmiddels heeft geleid tot talrijke ongewenste zwangerschappen. Verder bleven talloze Hutu-vrouwen alleen achter. Juist hierdoor bestaat er meer lotsverbondenheid tussen vrouwen en tonen ze zich eerder bereid tot verzoening, meent Profemmes.

Daarom wil deze organisatie met een mediaoffensief en activiteiten verspreid over het hele land deze verzoening stimuleren. Een nobel streven, meent Herens, maar veel te ambitieus. Dat merkte ze toen ze in februari ter ondersteuning bij de organisatie werd gestationeerd. Van de dertien organisaties die Profemmes telt, draaien er maar vier echt. Het merendeel ligt op zijn gat, want ze hebben enorm te lijden gehad van de oorlog: het hogere kader is weggevlucht of vermoord, bureaus zijn vernield, auto's verdwenen, al het materiaal is weg. Ook missen vaak officiele statuten en dat is nogal onhandig, want de nieuwe regering wil dat elke organisatie zich opnieuw officieel registreert."

Haar taak, de beoogde ondersteuning bij de mediacampagne, was dan ook weinig reeel, vertelt Herens. Het Relief Agency heeft de capaciteiten van de vrouwenorganisatie overschat. Maar ja, je wilt toch ergens beginnen." Dat kwam uiteindelijk neer op het wederom opstarten van deelnemende organisaties, een manifestatie op de wereldvrouwendag en een tweedaagse workshop waarin de deelneemsters kritisch hun eigen potentieel doorlichtten. Die zelfanalyse leerde dat Profemmes, als typische stadse organisatie, onmogelijk op adequate wijze een verzoeningsproces op gang kan brengen op het platteland. Daarvoor beschikt Profemmes domweg niet over genoeg kennis en vrouwkracht.

Vluchtelingenkampen

Een complicerende factor is dat de spanningen zich niet beperken tot het land van de duizend heuvels. Naar schatting twee miljoen inwoners heeft de wijk genomen naar vluchtelingenkampen in omringende landen. Daar zullen ze nog wel even blijven, want de schrik zit er na alle moordpartijen goed in. Volgens de vluchtelingenorganisatie van de VN zijn van januari tot maart slechts zeshonderd van de zeshonderdduizend vluchtelingen uit het kamp Ngara in Tanzania teruggekeerd naar Rwanda. Daarbij heeft de vluchtelingenorganisatie volgens Herens verzuimd na te gaan hoe het de zeshonderd is vergaan.

Daardoor blijft onduidelijkheid troef en geven vluchtelingen de voorkeur aan zitten blijven. Weggaan is sowieso link doordat de in de kampen aanwezige militairen en Interhamwe-milities dreigen met geweld: teruggaan staat gelijk met heulen met de vijand en daarmee met je eigen doodvonnis. De spanning in kampen kan nog verder oplopen, voorspelt Herens, als de VN besluit om uit geldgebrek haar bijdragen te verminderen. Nu al is sprake van voedseltekorten en dat probleem kan nog sterker opspelen nu de VS heeft aangekondigd dat ze haar noodhulp programma met de helft zullen inkrimpen. En daarmee tikt er een forse tijdbom langs de grenzen.

Wel teruggekomen zijn de vele Rwandezen die enkele decennia geleden de wijk hadden genomen naar het buitenland wegens onlusten in eigen land. Een deel richtte het RPF-leger op, anderen verbleven in vluchtelingenkampen en weer anderen bouwden een nieuw bestaan op. Met de val van het oude regime keerden sinds vorig jaar naar schatting zeshonderdduizend voormalige vluchtelingen terug. Die vloedgolf geeft eveneens problemen. Zo heeft de nieuwe regering flink wat nieuwkomers opgenomen in overheidsinstellingen en deze voorkeursbehandeling maakt ze niet direct geliefd, is Herens' inschatting.

Gekraakt

Een ander probleem is het gekrakeel over grondrechten. Eenmaal terug in de geboortedorpen eisen de reizigers hun oude gronden op, die inmiddels door anderen worden gebruikt. Het oplossen van dergelijke twistpunten is allerminst eenvoudig in het dichtstbevolkte land van Afrika dat kampt met een schrijnend tekort aan vruchtbare grond. De problemen worden nog groter als de binnenkomers hun elders gefokte kudde meenemen.

Vergelijkbare twistpunten spelen volgens Herens op de woningmarkt. Veel mensen zijn gevlucht en hun huizen zijn nu gekraakt. Ook zijn tal van woningen finaal afgebroken. De Tutsi's moesten immers volledig van de aardbodem worden weggevaagd. Maar de achtergebleven vrouwen hebben nieuwe woningen nodig." Een van de lidorganisaties van Profemmes bouwt daarom wars van etnische tegenstellingen nieuwe huizen, samen met weduwen en wezen. Ook is voorzien in activiteiten als gezamenlijk dansen en akkers bewerken. Dit moet weer een basis van vertrouwen creeren, het grote wantrouwen wegnemen."

Kleine stapjes, weet Heren. Helemaal als ze worden afgezet tegen de enormiteit van het vluchtelingenprobleem en de angst en wraakgevoelens waarmee de hele samenleving is doorspekt. Maar juist daarom zijn dergelijke initiatieven van zo'n klein groepje dappere vrouwen extra belangrijk, meent de Wageningse. Haar enorme woordenstroom blijft ondertussen voortdurend voorzien van een ondertoon van twijfel. Wat staat Rwanda te wachten, vooral nu Burundi ook op springen staat?

Insiders voorspellen dat als daar de etnische strijd werkelijk losbarst, het geweld geen grenzen zal kennen en mogelijk zo'n twintig miljoen mensen zal treffen. Diezelfde insiders beweren dat daarom de internationale gemeenschap de betrokken partijen aan de onderhandelingstafel moet krijgen. Maar, stelt Herens spijtig vast, de VN opereert allerminst krachtdadig in Rwanda en heeft ook weinig krediet. Somberte alom, al is het bezoek van minister Pronk aan de regio op 7 april een lichtpuntje. De Wageningse hoopt ondertussen dat haar contract wordt verlengd, zodat ze Pronk kan nareizen en haar werk bij Profemme kan voortzetten. Maar niet gelijk, want de maand van rouw en wraak laat ze graag aan zich voorbijgaan.

Re:ageer