Wetenschap - 22 februari 1996

Richard van Apeldoorn, Karin de Langen

Richard van Apeldoorn, Karin de Langen

Administratief medewerkers

Richard van Apeldoorn en Karin de Langen zijn beiden gehandicapt. Richard loopt moeilijk, Karin is visueel gehandicapt. Ze zijn voor twee jaar aangesteld aan de LUW in het kader van de leer/arbeidsovereenkomst, respectievelijk bij het sectorbureau Plant- en gewaswetenschappen en Financiele en economische zaken.


Vanachter het bureau zie je Richard van Apeldoorn (26) zijn handicap niet aan. Pas wanneer hij opstaat, blijkt dat hij moeilijk loopt. Karin de Langen (25) is visueel gehandicapt, maar ook dat is op het eerste gezicht niet duidelijk waarneembaar.

Ik kan desnoods de hele dag door de stad lopen", verklaart Richard van Apeldoorn. Natuurlijk is dat vermoeiend en het kost mij meer energie dan iemand die normaal kan lopen, maar dat is niet belangrijk. Als ik ergens kom en ze bieden mij een stoel aan, dan weiger ik met de mededeling dat ik al de hele dag heb gezeten. Bieden ze me even later weer een stoel aan, dan weet ik dat het om mijn handicap gaat. Dat vind ik wel vervelend. Want juist dat lopen maakt mijn spieren soepeler, dat is gezond, dan gaat het veel beter. Ik wil zo normaal mogelijk proberen te leven. Ik wil dat de omgeving me daar de kans voor geeft."

Met zijn aangeboren handicap gingen ze thuis hard en strak om. Dat is veel beter. De maatschappij is ook niet zachtzinnig. Hij woont al jaren zelfstandig. Via een open sollicitatie kwam Van Apeldoorn bij de LUW terecht.

Tijdens de bezuinigingsoperatie van afgelopen jaar werd gevreesd voor de mogelijkheid van gehandicapten om aan de LUW te werken. Na ampel overleg is besloten dat elke twee jaar twintig leerlingen uit het leerlingwezen voor twee jaar worden aangesteld. De helft van het aantal plaatsen is voor leerlingen met een handicap gereserveerd.

De voorwaarde om in aanmerking te komen voor een leer/arbeidsovereenkomst bij de LUW is dat de leerling de opleiding in het economisch en administratief beroepsonderwijs moet volgen. Van Apeldoorn: Ik had het mavo-diploma, ben vervolgens naar de meao en de mts gegaan, maar daar lukte het niet. Toen ben ik een automatiseringsopleiding gaan doen, dat was een opleiding voor administratief medewerker, computer- en praktijkgericht. Ik ben gek van computers. Ik heb in Nijmegen mijn stage doorlopen."

Data-entry

Via Sara, een klein bureau dat bemiddelingsprogramma's heeft voor lichamelijk gehandicapten, hoorde ik van deze mogelijkheid bij de LUW. Ik werd meteen aangenomen bij het sectorbureau. Op 31 augustus zit mijn opleiding in Arnhem erop. Dan doe ik examen, maar dan is ook mijn contract bij de LUW afgelopen. Ik doe hier data-entry en facturen. Deels besteed ik ook tijd aan bedrijfsorientatie en mijn werkboek. En natuurlijk ga ik een dag in de week naar school. Het is tenslotte een leer/arbeidsovereenkomst", zegt hij lachend.

Van Apeldoorn ondervindt nauwelijks hinder van zijn handicap bij zijn huidige collega's. Ze vergeten het gewoon. Laatst vroegen vrienden me of ik mee ging skeeleren!" Nu lacht hij hardop. Nou, prima toch? Zo moet het ook. Ik wil als een normaal mens behandeld worden!"

Karin de Langen is geboren en getogen in Zetten. Ze volgde het basisonderwijs op een school voor visueel gehandicapten in Grave. Later ging ze naar de gewone mavo in Zetten, waar ze haar diploma haalde. Maar ze vond dat ze voor een betere positie toch meer onderwijs moest volgen. Ze ging naar de meao in Oosterbeek, maar dat bleek te druk en te chaotisch. Ze zat eerst thuis bij haar ouders, maar besloot toen werk te gaan zoeken. Na allerlei baantjes en vele afwijzingen zat ze weer thuis.

Wat moet ik nou, dacht ik telkens. Ik stapte voor informatie naar die school in Grave. Maar ik was die sfeer ontgroeid, ik wilde in de gewone wereld, om het zwart-wit te zeggen. Niet in de wereld van de gehandicapten." Ze kreeg documentatie van de Gemeentelijke medische dienst. Daar kijken ze wat je zou kunnen doen, waartoe je in staat bent. Het is meer advies dan bemiddeling die ze geven. Maar de dienst subsidieert wel speciale apparatuur voor gehandicapten."

Karin de Langen bleef solliciteren en kreeg een baantje bij de Rabobank in Zetten. Dat vond ik erg fijn. Ik kende de mensen daar nog van de mavo. De chef van de bank vond het goed dat ik een opleiding voor secretarieel-administratief medewerker ging doen, met een dag per week naar school. Dat was in het blindeninstituut in Ermelo. Maar toen ik klaar was met mijn opleiding, was het contract met de bank ook afgelopen. Dus zat ik voor de zoveelste keer thuis. Zes maanden lang. Verschrikkelijk!"

Toen ben ik gaan samenwonen. Koken, wassen, poetsen. Maar ik hou niet van thuis zitten. Ik miste mijn collega's. Toen hoorde ik via Ermelo dat er een vacaturebank voor visueel gehandicapten is. Die weten welke aanpassingen er nodig zijn in de bedrijven waar je eventueel komt te werken. Daar kreeg ik de informatie over die leer/arbeidsovereenkomsten aan de LUW en ook dat je daar alleen kunt komen als je een opleiding volgt voor bedrijfsadministratief medewerker. In augustus 1994, toen ik hier op FEZ kon beginnen, ben ik tegelijkertijd aan die opleiding in Ermelo begonnen. Ik doe ook eind augustus examen, dan ben ik hier twee jaar."

Eerst werkte De Langen hele dagen bij FEZ waar ze de debiteurenadministratie doet. Dat vind ik zulk leuk werk. Fascinerend. Wie wel betaalt en wie niet, en waarom." Sinds enige tijd werkt ze ook halve dagen op het sectorbureau bij Richard. Ik heb dus twee werkplaatsen. Dat betekent dat ik twee grote computerbeeldschermen heb, een bij FEZ en een bij het sectorbureau."

Bril

Ze lacht even. De mensen die even op de afdeling komen, zeggen vaak: Wat heb jij een mooi groot beeldscherm. Je moet het altijd uitleggen. Als ik iets moet opschrijven, zit ik met mijn neus op het papier om te kunnen zien wat ik doe. Laatst zag iemand van een andere afdeling mij schrijven en zei: Nou, jij hebt ook hard een bril nodig, zeg! Mijn collega's vonden dat een vervelende opmerking en waren bang dat ik gekwetst was. Het doet ook wel even pijn, maar ik ben wel wat gewend. Het is meer een schrikreactie. Maar de meeste mensen die binnenkomen, zeggen niets. Mijn collega's wel, die weten hoe ik reageer. Die plagen soms: Ik dacht dat je lag te slapen! Ik kan wel ergens tegen, hoor. Bovendien kan ik mijn mond heel goed gebruiken. Ik schaam me helemaal niet voor mijn handicap."

Richard van Apeldoorn: Je leert elkaar kennen, je leert de grenzen kennen. Net als Karin wil ik ook in de gewone wereld leven, niet in de gehandicaptenwereld. Ik heb wel aan para-sailing gedaan." Hij lacht om de verbazing. Dat is erg leuk, hangen aan zo'n vierkante parachute. Ik was afgekeurd voor de sporttraining. Logisch, he? Maar ik heb het toch gedaan. Ja, ik had mijn benen wel kunnen breken. Daar heb ik wel aan gedacht. Maar er is niets gebeurd."

Karin de Langen: En ik fiets gewoon. Mijn gehoor is in het verkeer heel belangrijk. Ik fiets soms ook alleen. Ja, je neemt risico's. Je gaat wel heel diep..." ...want je wilt niet toegeven", zegt Van Apeldoorn. Ik zal nooit nee zeggen, ik wil zelf aangeven hoever ik kan gaan." De Langen: Ik ook! Ik wil niet dat een ander dat voor mij doet. Ik fiets in Zetten, waar ik goed bekend ben, in het donker naar mijn moeder." Van Apeldoorn: Ik sjees altijd door het drukste verkeer. Ik woon in Arnhem. Ook in de spits fiets ik, geen probleem."

Karin de Langen mag na 31 augustus nog blijven werken; twintig uur per week heeft ze gekregen. Ze is er heel blij mee, want ze vindt het werk erg leuk en heeft het met de collega's bijzonder naar haar zin. Waarom kan Van Apeldoorn niet blijven? Ik vind mijzelf eigenlijk geen data-entry-figuur. Ik wil liever in een profit-organisatie werken, waar je produkten maakt die met winst kunnen worden verkocht. Een klein bedrijf lijkt mij leuker. De universiteit ligt mij niet zo; je bent maar zo'n klein radertje in het grote geheel. Maar dat heeft niets met mijn collega's te maken. Ik heb een leuke afdeling, we hebben veel schik samen. Wat dat betreft heb ik 't goed getroffen."

Re:ageer