Wetenschap - 30 maart 1995

Raad schrapte

Raad schrapte

Cluster probeert leerstoelenplan open te breken

Een van de grootste verliezers in het nieuwe leerstoelenplan is Arbeid en gezondheid. Tot op het moment van stemming hadden de ijveraars voor deze nieuwe hoogleraarpost niet in de gaten wat er zich in de universiteitsraad afspeelde. Het cluster geeft nu toe dat het geen duidelijk voorstel had ingediend; afgestraft door een redelijk staaltje van arrogantie.


Het leek allemaal zo goed te gaan. Het voltallige clusterbestuur van Bodemkunde en Milieuhygiene stond achter het voorstel voor een nieuwe leerstoel Arbeid en gezondheid in de cluster. Het college van bestuur steunde dit streven en uit het raadscircuit kwamen evenmin negatieve geluiden. Zorgvuldig was afgewogen welke leerstoel daarvoor moest sneuvelen en de nieuwe hoogleraar werd expliciet opgenomen in de plannen.

Op 13 maart, de dag voor de beslissende universiteitsraad vergadering kwam zelfs al een structuurcommissie bijeen die de nieuwe leerstoel moest gaan inbedden. Alles gaat goed totdat op 14 maart de griffier opbelt en meldt dat de universiteitsraad de leerstoel zojuist heeft geschrapt. Twee jaar werken aan het leerstoelenplan plotsklaps teniet gedaan, verzuchten de clusterbestuursleden.

Het ging om een 0,4 leerstoel Arbeid en gezondheid. In het plan stond de naam cursief gedrukt met wat vraagtekens erbij. Dat betekende: even opletten, hier is wat aan de hand. Zo redeneerde ook de raad en die zag dat een andere hoogleraar, dr ir B. Brunekreef, ook al Milieu, arbeid en gezondheid in zijn leeropdracht had staan. Bovendien doceert prof. dr J.S. Boleij over arbeidsomstandigheden en bestudeert prof. dr J. Lelieveld Luchtkwaliteit. Lichtelijk overdreven, oordeelde de Progressieve studentenfractie PSF en hun voorstel om de leerstoel Arbeid en gezondheid te schrappen ten gunste van een eerder gesneuvelde bodemkundeleerstoel werd aangenomen.

Binnenbocht

Het clusterbestuur is door de hele affaire danig gedemotiveerd. Dat de raad zomaar zoiets doet zonder het cluster te raadplegen is toch wel het toppunt. De meningen lopen uiteen van dit neigt tot wanbestuur, hoogst ongelukkig en onverstandig tot we kunnen misschien maar beter opstappen. Voorzitter prof. dr ir F.J. Kok: Als bestuur hebben we het leerstoelenplan heel zorgvuldig voorbereid. We hebben het cvb ingelicht en dat was het met ons eens. We hebben heel uitgebreid de argumenten voor de leerstoel op schrift gezet en dan krijgen we een summier briefje terug zonder argumentatie: de leerstoel is geschrapt. Als ik het heel direct moet zeggen: hier is een lobby door de binnenbocht gekomen en dat is een slechte zaak. Ik houd hier een naar gevoel aan over. Volgens mij is de raad op onvolledige informatie afgegaan. Wij hebben ons niet voldoende kunnen verdedigen."

Zelfs bij Bodemkunde", vervolgt Kok, de vakgroep die nu ineens een extra leerstoel kreeg, zeiden ze dat ze nu wel eventjes blij waren, maar dat het gewoon niet past in de lange termijnplannen van het cluster. Procedureel klopt het misschien wel, maar als wij alles zo goed hebben voorbereid en de raad maakt dat plotsklaps ongedaan, dan klopt dat toch niet?".

Het is echter de vraag of het clusterbestuur inderdaad niet kon voorzien dat de raad zou gaan schrappen. Een week voor de vergadering sprak immers een raadscommissie over het leerstoelenplan. De PSF verzette zich toen al tegen een extra leerstoel Arbeid en gezondheid en maakte duidelijk daarover een amendement te willen indienen. Het verslag van diezelfde commissievergadering leert verder dat de PSF kon rekenen op de instemming van de christelijke studenten. Ook de fractie van TAP 1982 zette haar vraagtekens bij de leerstoel evenals het Progressief Personeel. Alleen de Centrale lijst en de buiten-universitaire leden vonden dat de raad de mening van het cluster moest respecteren.

Bijna-ramp

De bui hing er dus al, maar het cluster trok toch niet aan de bel, hetgeen duidt op gebrekkig inzicht in de bestuurlijke verhoudingen. Maar de raad had het cluster ook niet ingelicht. PSF-student Marijke Keet: Wij kregen enorm veel reacties op allerlei voornemens van hoogleraren, vakgroepen, clusters en docenten. Daardoor dachten wij in de faculteit weten ze wel wat wij doen. En omdat we in die laatste week geen reactie kregen van het cluster Bodemkunde en Milieuhygiene dachten wij ze zullen het wel goed vinden, of er in ieder geval geen grote problemen mee hebben."

PSF diende het amandement in, omdat volgens de studenten te weinig aan bodemkunde werd gedaan op hoogleraarsniveau. De 0,4 leerstoel Arbeid en gezondheid kon dus beter daarvoor worden gebruikt. Bovendien formuleerde het cluster wel heel vaag waarom die leerstoel nodig was en wat voor hoogleraar het moest worden. Dat kwam omdat ze het onderling niet eens waren. Dus als ze zelf niet kunnen aangeven hoe ze de leerstoel willen inrichten en waar precies een hiaat ligt, dan zal het allemaal wel meevallen. Bij Bodemkunde wisten we echter honderd procent zeker dat er een hiaat zou ontstaan", aldus Keet.

Dat heeft de PSF allemaal verkeerd ingeschat, vindt het cluster. Het is volgens de aanpalende hoogleraren een bijna-ramp als de leerstoel uitblijft, want ze begeleiden nu zo'n twintig promovendi en even zoveel afstudeervakkers. Bovendien gaat Boleij met emeritaat en heeft Brunekreef maar een aanstelling van twee dagen in de week. Brunekreef: Wij achtten een uitbreiding noodzakelijk. Het was echter nog niet duidelijk, of die extra 0,4 naar mij zou gaan of dat er een extra hoogleraar zou komen. In dat laatste geval zouden we het grote vakgebied Milieu, arbeid en gezondheid opsplitsen in Arbeid en gezondheid en Milieu en gezondheid."

Arrogantie

De meningsverschillen over een of twee hoogleraren en de onduidelijke rapportage naar de raad, zijn het cluster uiteindelijk fataal geworden. Dat geven clustervertegenwoordigers achteraf ook toe. De macht van de raad is onderschat: het idee dat de raad zomaar zonder argumenten een clusterconsensus kan wegstemmen is voor de meesten nog nauwelijks te bevatten.

Het cluster heeft in een eerste reactie het college van bestuur gevraagd of zij het besluit ongedaan kan maken. En aangezien dat niet kan, is de tweede stap overleg met de universiteitsraad. Weliswaar te laat, maar de hoop is dat de raad door betere en vollediger informatie alsnog tot het gewenste inzicht komt.

Keet is sceptisch, maar erkent dat het niet allemaal even mooi is gelopen. Wij hebben inderdaad niet met ze gesproken. Dat komt omdat we de raadsfracties onderling hadden afgesproken wie welke informatie zou nazoeken. Wij hebben niet met dit cluster gesproken maar vertrouwden op de informatie van de andere fracties. Achteraf bezien hadden we dat misschien toch ook zelf moeten doen. Nu leggen we een unaniem besluit van een cluster naast ons neer. Tja, dat is misschien wel een redelijk staaltje van arrogantie. Maar elk cluster heeft nu eenmaal haar eigen wensen en alleen de raad kan zich een totaalbeeld vormen over de hele universiteit. Daar is de raad ook voor. Natuurlijk willen wij met het cluster praten als dat daaraan behoefte heeft, maar voorlopig blijven wij achter ons amendement staan."

Re:ageer