Wetenschap - 7 september 1995

Propaedeuse lijkt geen lastige

Propaedeuse lijkt geen lastige

Studenten waarderen vakken via onderwijsevaluatie

Via de Muggen-enquete geven studenten aan wat ze van een vak vinden, of ze de stof bijhouden en of het examen is gehaald. Op basis daarvan kan het vak desgewenst worden verbeterd, maar ook kunnen de nieuwe eerstejaars inschatten wat hen te wachten staat. Het beruchte struikelvak Wiskunde wordt eigenlijk best goed gedaan, maar het Engelse boek bij Inleiding oecologie is wat lastig.


Wat!? Het slagingspercentage voor Fysische chemie was vorig jaar hoger dan dat voor Biologie van de cel?" Tweedejaars voeding M. Homs kan het nauwelijks geloven, maar de uitslag van de onderwijsevaluatie wijst het uit: in december vorig jaar slaagde 72 procent van de eerstejaars voor het bij studenten beruchte vak Algemene en Fysische Chemie A. Bij Biologie van de cel was dat percentage maar 64 procent.

Biologie van de cel:
Je wilt studenten niet steeds lastig vallen met dingen die ze allang hebben gehad, maar die kleine groep met een kennisachterstand wil je ook helpen

Maar Biologie van de cel vindt iedereen gemakkelijk en over fysische chemie hoorde je best veel mensen klagen", sputtert Homs. Nieuwsgierig kijkt ze wat studenten bij Biologie van de cel vonden van zaken als de onderwijsopzet en het studiemateriaal.

Het onderwijs aan de LU wordt regelmatig geevalueerd met behulp een standaard enqueteformulier, ook wel de Muggen-enquete genoemd. In het studiejaar 1994-'95 werden aan het einde van het eerste trimester negen propaedeusevakken met behulp van deze methode tegen het licht gehouden. Naast het slagingspercentage en de waardering van het vak geeft de Muggen-enquete aan in hoeverre de studenten de colleges volgden en de stof bijhielden.

Uit de waardering die studenten het vak Biologie van de cel gaven op een vijf-puntsschaal, komt naar voren dat de meesten redelijk tevreden zijn over de werkvorm en het studiemateriaal. Bij geen enkel aspect wordt een attentiewaarde overschreden. Dat gebeurt als 45 procent van de studenten een lage waardering (1 of 2) voor een aspect geeft. Homs loopt met haar vinger het rijtje cijfers langs en knikt instemmend. Ja, dat was allemaal wel goed."

Laveren

Het slagingspercentage van Biologie van de cel was in december inderdaad niet zo hoog, erkent dr J.H.N. Schel van de vakgroep Plantencytologie en -morfologie. Hij schat dat het percentage normaal gesproken tussen de zeventig en 75 procent ligt. Schel wijt de uitslag aan toevallige omstandigheden. Misschien was het examen iets moeilijker of was er sprake van een soort varkenscyclus-effect. Als een vak de naam heeft niet zo moeilijk te zijn, besteden studenten er minder aandacht aan, zodat het slagingspercentage omlaag gaat, redeneert Schel.

Voor studenten die biologie in het eindexamenpakket hadden, is de stof van Biologie van de cel deels bekend. Anderen missen deze kennis. Voor de docenten betekent dit laveren tussen beide groepen. Je wilt studenten niet steeds lastig vallen met dingen die ze allang hebben gehad, maar die kleine groep met een kennisachterstand wil je ook helpen", zegt Schel. Toch wil hij studenten met biologie in het vwo-pakket waarschuwen het vak niet te licht op te vatten. Want er zitten wel degelijk nieuwe dingen in. Sommige onderwerpen, zoals de opbouw van een plantaardige celwand en de opbouw van een celskelet, waren een paar jaar geleden nog onderwerp van promotieonderzoek.

Ontwikkelingsproblematiek:
De vragen van de studenten zijn soms intersanter dan de antwoorden

Wiskunde heeft de naam een struikelvak te zijn. Toch slaagde vorig jaar 71 procent van de eerstejaars in een keer voor Wiskunde A. De Wiskunde B-studenten hadden het moeilijker: slechts 62 procent slaagde.

Op het evaluatieformulier klagen studenten steevast over de tijd die ze in Wiskunde moeten steken. Maar liefst 54 procent van de studenten meent dat het meer uren kost dan de 120 die ervoor staan. Wiskunde-docent drs O.A. van Herwaarden betwijfelt dat echter. Honderdtwintig uur, dat is veel tijd. Dat betekent dat studenten naast de studiebegeleiding nog bijna twee dagdelen per week moeten studeren. Ik heb niet de indruk dat de gemiddelde student er meer tijd in steekt."

Slagingspercentage

Als je de stof bijhoudt, heb je goede kans Wiskunde in een keer te halen, drukken Van Herwaarden en zijn collega's de studenten tijdens het eerste college steevast op het hart. Dat advies wordt door ruim de helft van de studenten opgevolgd.

Bijna driekwart van de studenten geeft aan 67 tot 100 procent van de colleges te volgen. Niet ieder vak wordt door studenten zo trouw gevolgd. Bij Inleiding sociologie ligt niet alleen het aantal trouwe collegebezoekers tien procent lager, maar geeft slechts twintig procent van de studenten aan de stof bij te houden. Dit gedrag komt overigens niet tot uiting in het slagingspercentage dat op 81 procent ligt.

Een slagingspercentage van honderd procent bij Introductie ontwikkelingsproblematiek! Dr G. Ruivenkamp van de werkgroep Technologie en agrarische ontwikkeling, die het vak verzorgt, heeft wat moeite met dat cijfer. Er zijn in december wel studenten voor het examen gezakt", zegt hij beslist. Bij de berekening van het slagingspercentage worden echter alleen eerstejaars die voor de eerste keer examen doen, meegeteld.

De conclusie dat Introductie ontwikkelingsproblematiek een eitje is, ligt voor de hand. Toch is deze indruk niet gerechtvaardigd. De helft van de studenten meent dat het vak veel meer tijd kost dan er voor staat. Ruivenkamp kan zich die klacht goed indenken. Studenten moeten in groepjes, onder begeleiding van een studentassistent, een werkstuk maken. Hiervoor raadplegen ze niet alleen literatuur, maar interviewen ze ook deskundigen. Dat kost veel tijd.

De bedoeling van het vak is studenten een kritische kijk te geven op de ontwikkelingsproblematiek, niet om ze veel feitjes te leren. Het examen Ontwikkelingsproblematiek is dan ook een open-boekexamen. Die opzet is volgens Ruivenkamp geslaagd. Hij merkt het bijvoorbeeld aan de vragen die de studenten tijdens een afsluitend college stellen aan een panel van deskundigen uit het veld. De vragen van de studenten zijn soms interessanter dan de antwoorden."

Interdisciplinair

Ook de studenten zijn tevreden: tachtig procent van de studenten geeft aan veel van het vak te hebben geleerd. Ruivenkamp: Ik hoop dat de goede evaluatie ertoe leidt dat de werkgroep in de toekomst meer interdisciplinair onderwijs mag verzorgen. Wij zouden dolgraag andere vakken geven, zoals een introductie in de biotechnologie voor de technologen."

Een breed en orienterend vak", zo omschrijft dr A.M.H. Brunsting van het Centrum voor oecologie Wageningen het propaedeusevak Inleiding oecologie. Het vak gaat in op vragen als: waar hangt de soortenverspreiding op aarde van af, hoe kun je een ecosysteem goed beschrijven en wat is de optimale territoriumspreiding?

Inleiding oecologie:
Studenten kwamen dan het examen eerst een keertje proberen. Het vak had een beetje de naam heel logisch te zijn. Maar het viel dan tegen op het examen zelf zo'n logisch verhaal op te hangen

Inleiding oecologie is vorig jaar bij de L-richting geevalueerd. Het slagingspercentage bedroeg 82 procent. Dat is wel eens lager geweest", aldus Brunsting. Studenten kwamen dan het examen eerst een keertje proberen. Het vak had een beetje de naam heel logisch te zijn. Maar het viel dan tegen op het examen zelf zo'n logisch verhaal op te hangen."

De vakgroep probeert de studenten te prikkelen meer te studeren. De dictaten zijn vervangen door een Engels boek, waarbij de vakgroep een leerwijzer heeft gemaakt. De studenten zijn over deze verandering niet te spreken. Veertig procent geeft het schriftelijk studiemateriaal een lage waardering van een of twee.

Klachten

De klachten zijn Brunsting bekend. Ze vinden het teveel lezen", weet hij. Brunsting is niet van plan van literatuur te veranderen. Het boek is didactisch goed opgezet. Het geeft alleen heel veel voorbeelden. Ik vind dat ze moeten leren omgaan met zo'n boek. Ik adviseer studenten om de stof de eerste keer snel door te lezen en zich niet te laten ophouden door kleinigheden die ze niet begrijpen. Aan de hand van de leerdoelen en de vragen kunnen ze dan nagaan of ze de stof goed beheersen of nog verder moeten bestuderen."

Inleiding oecologie is dit jaar nieuw in het programma voor tropisch cultuurtechnici. De landbouwtechneuten hebben het vak echter juist uit hun propaedeuseprogramma gegooid. Brunsting begrijpt dat wel. Het waren de wat minder gemotiveerde studenten. Ze volgden de vak braaf, dat wel, maar ze zagen niet goed in waar ze het vak voor nodig hadden. Wij vonden het ook altijd wat lastig om ze dat uit te leggen. Hoewel het natuurlijk niet gek is om te weten dat als je met een tractor voren in een akker trekt, je daarmee miljoenen wormen om zeep brengt."

Re:ageer