Wetenschap - 5 november 1998

Podium

Podium

Podium
Tsjakka!
Eindelijk heb ik weer een doel in mijn leven gevonden. Dat komt door Nieuwsbrief 7 van onze kennisonderneming. De lat ligt hoog, dat weet ik, maar ik wil erbij horen. Ik wil een echte Millennium Man worden. Ik werk nog bij de Landbouwuniversiteit, maar bij RTL 4 zat er ik al tien seconden als Millennium Man in. Ik wil daarom liever vandaag dan morgen werken voor de missie. De missie van de nieuwe zaak. Ik wil mijn persoonlijkheid, mijn grote ego volgens mijn intimi, nog verder ontwikkelen in een inspirerende en een uitdagende werkomgeving
Ik heb het eerst thuis uitgeprobeerd. Ik heb de folders van Range Rover en Jeep laten komen, want als leidinggevende Millennium Man weet ik nu dat mijn beloningsstructuur er straks stukken op vooruit zal gaan. Ik heb vrijwel alle sociologische boeken de deur uit gedaan, want de planken moeten vrijkomen voor ordners van de klanten uit het bedrijfsleven, van de onderwijsmarkt en uit de samenleving in het algemeen. En met sociologie in het bijzonder en met de gamma in het algemeen heb je daar niet zo veel aan
Ik ben eigenlijk ook geen Gamma Man. Ik weet het wel, met sociologie is het mogelijk om af te geven op achterlijke heikneuters of om een toekomstvisie te schrijven over een universiteit die niet bezuinigt en soms is het zelfs wel mogelijk om er hoofd van de Vara mee te worden of minister van een of ander marginaal departement. Maar een echte Millennium Man doet niet aan politiek in rokerige zaaltjes
Ik heb mijn haar laten groeien en met HRM-kleurshampoo laten behandelen. Mijn huisgenoten vroegen zich af ik nu definitief gek geworden was. Maar dat zijn geen HRManegers, ik weet het beter. Ik ga mijn menselijk kapitaal door het kenniscentrum helemaal laten beheren. Sterker nog - voor pakweg twee ton ben ik binnenkort, onder de titel Millennium Man-Human Resource Management (MM-HRM), de directe lijn naar de raad van bestuur. Want wij, de drie-Keezen en Millennium-Kees, ik dus, gaan onze krachten bundelen om u in harmonie uw talenten, thuis of op het werk, optimaal te doen laten ontplooien. Tsjakka!
Eentalig Engels armoedebod
Het college van bestuur wil naar een Engelstalige universiteit (WUB 22 oktober 1998). Over het onderzoek aan de LUW wordt nu al grotendeels in het Engels gerapporteerd. Proefschriften zijn bijna zonder uitzondering Engels. Doctoraalscripties en het MSc-onderwijs met in zijn kielzog veel hogerejaarscolleges eveneens. Of het kandidaats ook Engels moet betwijfel ik. Buitenlanders zouden dat niveau moeten hebben om hier te komen studeren
Maar hoe Europees of internationaal is dat nu allemaal? Spaans en Frans zijn net zo goed wereldtalen. In de Europese Unie is elke lidstaattaal een officiele taal, en er is niet een taal gekozen die iedereen wel wat kan volgen. De Europese Commissie hanteert Frans en Engels als werktalen
Zelfs als de lingua franca in de wetenschap het (Amerikaans) Engels is, zou de LUW er goed aan doen de troef van meertaligheid te spelen in plaats van te hopen de concurrentie met de echte Engelstalige universiteiten aan te kunnen. Publiceren en doceren in het Engels, maar communiceren en mensen ontvangen in de taal die beide gesprekspartners het best past. In deze lijn verdient de LUW een Frans- en Spaanstalige webpagina
Plantentaxonomie is gespecialiseerd in de flora van de Afrikaanse regenwouden, grotendeels in Franstalige landen. Samenwerking betekent Franstalige contracten, correspondentie en ontvangst. Op het Herbarium vadense klinkt meer Frans dan Engels, maar meertaligheid is troef
Op de Wageningse computers is de klok echter alvast op 2010 gezet. Monomaan Amerikaans spreken die dingen, en als je niet oplet, zit je onder de inches, letter size paper en in een accentloze wereld. Met Engelstalige software is het leertraject stukken langer dan met Nederlandstalige help. We moeten de machine aan de mens aanpassen, niet omgekeerd. En het is niet omdat de Amerikanen maar een taal spreken dat de LUW hen daarin moet volgen
Wageningers bijziend
Op de voorpagina van WUB 33 las ik dat twee Wageningers een verbeterd model ontwikkeld hebben om de nationale CO2-emissie te monitoren. CO2-vastlegging in hout wordt in hun model ook meegerekend, met als consequentie dat landen die hout importeren (zoals Nederland) meteen ook CO2-emissies het land binnen halen
Zo ken ik er nog een. Nederland exporteert chemisch of radioactief afval naar een derde land en heeft daarbij weer schone handen, terwijl het derde land als viespeuk wordt aangemerkt. Wat je wint op de moeder, verlies je net zo hard weer aan je dochter, placht C.T. de Wit zoiets te noemen. Want of je nu hout, hier of elders, goed of slecht conserveert, uiteindelijk vervliegt het toch weer tot CO2 door verrotting, verbranding of houtwurm (tenzij je het anaeroob onder de grond opslaat). De globale nettowinst op de lange termijn van houtteelt is dus nul procent, hoe veel je ook verft, beitst, im- of exporteert
Ik heb mij jarenlang afgevraagd hoe het toch komt dat Wageningers, zo goed als ze vaak zijn op de vierkante micron of op moleculair niveau, aan zulke koeien van waarheden voorbij zien. Ik houd het er maar op dat dat komt door het onuitroeibare lineaire input/output-denken in een tijdsbestek van een, hooguit drie a vier seizoenen proefgewassen als tarwe of aardappel. Kringloopdenken in energie- en nutrienten-flows over decennieen, lang geleden door ecologen opgevoerd, is inmiddels ook door milieu-economen als Repetto, Commoner en Dahlberg opgepakt en uitgewerkt. Wageningen lijkt die overstap maar moeizaam te kunnen maken, getuige bijvoorbeeld ook de gemiste kans de goegemeente de ogen te openen voor de enorme stikstofoverschotten van de veeteelt (daar werd pas begin jaren tachtig door Leidse biologen op gewezen, naast enkele medewerkers van het IBS (nu AB-DLO), dat in zijn gouden jaren veel ecologen van buiten Wageningen aantrok)
Nu Brussel, terecht, met de tuchtroede dreigt omdat ons miljoenen manuren verslindend MINAS-systeem geen genade in hun ogen kan vinden, vraag je je af wat toch wel de nationale nettowinst van die rationele veehouderij en bioindustrie is geweest. Zouden Wageningse economen ons eens de werkelijke kostprijzen van Nederlandse melk, kotelet, kipfilet et cetera kunnen voorrekenen, naast de schaduwprijzen van de vrije markt en de schappen van Albert Heijn? Merkwaardig, die scherpe blik van twee Wageningers voor de consequenties van de commerciele import van bomen voor de lokale CO2-emissie, maar dat bijziend oog, dus veel te laat besef van het voortsluipend bodem- en waterbederf, van hoogleraren die alles weten van de momentane kationenomwisselcapaciteit van een grondmonster van honderd gram

Re:ageer