Wetenschap - 29 oktober 1998

Podium

Podium

Podium
Samen op weg
Bij tijd en wijle komen de grote onenigheden en controverses binnen het departement Plantenteeltwetenschappen naar buiten, nu weer rond de ruimte voor Ecologische landbouw, in de Groene Amsterdammer van 14 oktober 1998. Saamhorigheid is ver te zoeken
Zo'n in zichzelf verdeeld huis houdt niet stand. Hoog tijd voor verzoening, en voor de ontdekking dat men elkaar en elkaars expertise keihard nodig heeft. Alleen samen, eensgezind, kunnen we de grote problemen in de landbouw met succes aanpakken. Met minder kunnen we niet toe
Bestaat de LUW nog in 2010?
Ik heb iets tegen trendwatchers, nog meer problemen heb ik met captains of industry die in deze kwakzalvers geloven. Neem nu de lekkages die in het WUB zijn verschenen over het streefbeeld internationalisering. Ik wil niet flauw zijn, maar er is een aardige column te schrijven over de voorzieningen die getroffen moeten worden om allure en buitenlanders in Wageningen te brengen. Onze trendwatchers doen dat al een beetje, in ieder geval weet ik nu dat buitenlanders houden van lekker eten en goede hotels en dol zijn op goed openbaar vervoer
Ik heb er nog een paar, want als Rotterdammer ben ik natuurlijk geen achterlijke provinciale kneus. Laten we in navolging van Rotterdam van Wageningen een New York aan de Rijn maken. De ingredienten kunnen bestaan uit het stimuleren van hoogbouw op palen in de uiterwaarden, een tweede nationale luchthaven in het Binnenveld (vrij naar Veeger Keesownmainport), een ondergrondse railverbinding met Randwijk en Zetten, het vestigen van club Rosie in het hoofdgebouw en een baseballstadion op de Wageningse berg, de zogenaamde Veermansdagdroom (eveneens vrij naar Veeger)
Zo kan ik nog wel even doorgaan, maar ik wil er geen column van maken. Ik heb maar een paar vragen. Waarom zouden Europese geleerden naar Wageningen komen als ze het thuis al goed hebben en niet geplaagd worden door bezuinigingen die hun hele universiteit op de kop zetten? Wat is er mis met Giessen, Brno, Uppsala, Hohenheim, Praag, Kiel, Reading, Bonn, Montpellier, Leuven en zelfs Gent en met de andere agrarisch-universitaire vestigingen binnen de Europese Unie? Zelfs de fameuze Wageningse wisselleerstoel is in mijn VCW-tijd teloor gegaan aan gebrek aan buitenlandse belangstelling
En waarom zouden buitenlandse studenten massaal naar Wageningen komen? Hoeveel Nobelprijzen hebben we al binnen, hoeveel echte geleerden hebben we eigenlijk volgens het Van Raan-model? Zijn het er straks zestig of toch nog negentig als we alle doctores, gewone en habilitas, uit Rusland en wijde omgeving tegen een aio-loon benoemen? Gaat LNV ons meer betalen, sluist de Europese Unie haar overschot straks naar Wageningen door? Wat bieden we de buitenlandse studenten na afloop? Migratiepapieren voor Canada, Australie of de Verenigde Staten? Voeren we het Japanse model in en bieden we voor de meest voortreffelijke een permanent verblijf aan bij de universiteit?
College of raad van bestuur, wilt u mij niet als echte trendwatcher inhuren? In mijn adv-tijd kan ik u voor enkele tienduizenden guldens straks miljoenen besparen
Dwarsliggers
Ik overschrijd nogal eens drempels van de Centrale Diensten (cd's) en dus wilde ik de aangekondigde plenaire bijeenkomst van de cd's bijwonen. Mijn eigen werk kon ik natuurlijk niet in de weg lopen, dus begon ik die dag lekker vroeg. Wat een ervaring te komen in een gebouw dat in ruste is. Doe ik vaker!
Zo zat ik die middag achterin in de zaal de verhalen van drie heren aan te horen. Het was indrukwekkend wat ik hoorde, want ik had deze verhalen al veel vaker gehoord. De nieuwe organisatie zou beter, gestroomlijnder, efficienter, soepeler en vlotter werken. Iedereen zou zich binnen deze nieuwe organisatie thuis voelen. Onderwijl werd tussen werkvloer en directie een niveautje erbij getekend. Als uit de lucht geplukt, zoals je een muskiet wegvangt, kwam de opmerking: De reorganisatie voeren wij uit met eigen mensen. Deze opmerking was overigens niet ter zake doende
Na de toelichting stond een vragensteller op: Dit is de zoveelste reorganisatie die wij over ons heen krijgen. Tot nu toe heb ik geen resultaten gezien van al die veranderingen. Een van de heren nam het woord: Deze reorganisatie is uniek, want wij gaan strikter facilitair, dus meer marktconform, werken. Neem van mij aan dat ze ons niet voor niets ingehuurd hebben. Vragensteller zakte onderuit
Een tweede vragensteller stond op: Komen nu echt de goede mensen op de juiste plaatsen? Maar meneer, wat dacht u van ons? Het komt echt allemaal goed. Spreker draaide om de vraag heen. Vragensteller kon begrip opbrengen, want hij knikte, begrijpend (?)
Vragensteller drie stond op: Kunt u mij het verschil uitleggen tussen facilitair en dienstverlenend? Mensen uit de industrie horen wel eens wat en vragen mij naar die reorganisaties. Wanneer ik ze vertel dat dit facilitaire bedrijfsvoering genoemd wordt, dan kunnen ze het lachen niet laten, want dienstverlening en facilitair zijn toch synoniem aan elkaar? Antwoord: Laten wij het maar facilitair blijven noemen. Vragensteller bleef achter als een gestrekt vraagteken. Voorzover nog licht aanwezig, ging nu ook de zaklamp uit. De voorzitter (de sprekers stonden overigens) vroeg nog of de uitleg duidelijk en helder was geweest. Natuurlijk was de uitleg helder en duidelijk, want wat moet je aan met een verhaal dat oogt als een gladde black box?
Ik denk met het bovenstaande redelijk te hebben weergegeven hoe het verhaal van de drie heren ontvangen werd. Ik meen te mogen constateren dat alle voorgaande reorganisaties alleen maar wantrouwen gezaaid hebben en niet geleid hebben tot beter, gestroomlijnder, efficienter, soepeler en vlotter werken
Het eerste wat bij mij opkwam was dat altijd al perfect, efficient, soepel, goed en goedkoop dienstverlenend gewerkt is en nog steeds wordt. Waar wat op aan te merken viel was dat wel eens betalingen in natura verrekend werden: een vlotte, efficiente en goedkope wijze van werken. Ja, de kosten werden niet helemaal zichtbaar, maar wat heb je liever: een organisatie die veel papier (en dus mensen) vreet en stroef loopt of een gesmeerde organisatie, waarin wel eens wat smeer ongecontroleerd verdwijnt?
Waarom die reorganisaties? Op een morgen fietste ik richting Biotechnion toen plots in het ochtendgloren een licht om mij heen straalde met daarin het woordje marktconform. Aha, facilitair = marktconform. Marktwerking in een non profit-instelling? Wie bepaalt de markt en wie stelt de marktregels op? Zijn de regels wel conform de markt buiten de instelling? Wie genereert het geld? Marktwerking betekent concurrentie. Concurrentie tussen de vakgroepen en de cd's? Hoe gaat dat onderling? Wordt dit niet elkaar leegzuigen? Vakgroepen zijn afhankelijk van de kundigheid van de cd's en niet andersom. Machtsophoping is nu (doelbewust?) gecreeerd. Waar komt die terecht? Niet bij de cd's en bij de vakgroepen, die het samen moeten verdienen. De macht komt bij de witte boorden en macht is alleen te handhaven via niveaus
Toen herinnerde ik mij een uitspraak van een nuchtere econoom: Het creeren van een nepmarkt binnen een non profit-instelling roept een witteboordenmarkt op. Ik begrijp natuurlijk wel waarom alles markt moet worden, want markt is jong en flitsend en wat boven de 50-plus is kan niet meer flitsen en moet dus weg, hoewel de beslissers zelf tegen de 50-plus aanlopen (het is bijna pervers dat je oud wordt)
Wat eigen mensen? Welke eigen mensen? De mensen die het dichtst bij het vuur zitten, de jaknikkers, de langsliggers? Opmerkelijk is dat bij reorganisaties dwarsliggers ongewenst zijn, hoewel de NS zijn bestaansgrond vindt in dwarsliggers. Dwarsliggers garanderen een zichtbaar en eenduidig spoor. Dat hadden de spoorwegen 150 jaren geleden al ontdekt. Het college van bestuur is er nog steeds niet achter
Natuurlijk moet bezuinigd worden. Voorbeelden te over van gekke bestedingen en regelingen. De grote vraag is of al dat bezuinigen op de meest logische plaatsen binnen de organisatie en volgens rechte sporen gebeurt! Een reorganisatie boezemt vertrouwen in wanneer de nieuwe organisatie zo plat gemaakt is dat de ontwerpers zelf overbodig geworden zijn en tevens ruimte ontstaan is voor dwarsliggers
Ik eindig met de volgende stellingen uit dissertaties
Het grote gevaar van bepaalde opvattingen over management is dat managementteams ontstaan zonder kennis over de technologie in de ruimste zin, de kennis van het maken. Aangezien dit de taal is van de werkvloer, betekent dit vervreemding en zal leiden tot frustraties. (D.J. van Zuilichem)
De wet van Hoogeveen houdt in dat de mens in het dagelijks leven nergens zo jammerlijk faalt als juist op het gebied dat wordt geacht zijn vakgebied te zijn. (Pamela Hemelrijk)
Wie met de tijdgeest trouwt, zal spoedig weduwe zijn. (Bernard Hulsman)
Wat kan het bijwonen van een plenaire vergadering een mens toch bezighouden!!

Re:ageer