Wetenschap - 2 april 1998

Podium

Podium

Podium
Aandacht voor biologische landbouw
Landbouwuniversiteit versterkt aandacht voor biologische landbouw, dat was de kop boven een persbericht van afgelopen maandag. Laten we eens kijken wat daarmee bedoeld wordt: momenteel heeft de Landbouwuniversiteit een vakgroep biologische landbouw, waar prof. dr E.A. Goewie een staf van acht vaste wetenschappelijke medewerkers leidt (omgerekend naar voltijdse arbeidsplaatsen). In het persbericht lezen we dat dit gaat veranderen. Er komt een nieuwe leerstoel bedrijfssystemen met aandacht voor biologische landbouw. Een aanzienlijke uitholling van de biologische landbouw dus
Verder kampt de universiteit met tekorten die in de miljoenen lopen, en daarom is al herhaaldelijk meegedeeld dat zo'n leerstoel op niet meer dan drie a vier man staf kan rekenen. Dat betekent dus een krimp van meer dan vijftig procent! Maar dat staat natuurlijk niet in het persbericht
Als klap op de vuurpijl lezen we dat hoogleraar Goewie niet op zijn oude plek terugkomt. Hij wordt parkeerhoogleraar met automatische schietstoel. Dat is een typisch Wagenings fenomeen dat wordt ingezet om lastige hoogleraren met een zo klein mogelijk risico op gerechtelijke procedures en ongewenste publiciteit de mond te snoeren. In het geval van Goewie houdt dat in dat hij 0,5 hoogleraarschap krijgt op het gebied van de maatschappelijke betekenis van de biologische landbouw, onder voorwaarde dat hij op zijn 61e ook maakt dat hij wegkomt. Of hij daar nog personeel bij mag verwachten blijft onbekend
Door dit persbericht heeft de Landbouwuniversiteit weer eens laten merken dat ze altijd goed genoeg is om met de mond te belijden wat met de voet wordt dwarsgezeten. Waarom moet Goewie eigenlijk weg? Heeft hij het soms niet goed gedaan? Goed genoeg in ieder geval om zijn uitspraken te gebruiken als wervende teksten boven personeelsadvertenties van de Landbouwuniversiteit. Goed genoeg om tegengas te geven tegen al die hoogleraren die in de afgelopen tijd zo effectief hebben bijgedragen aan de productieverhoging van onze varkensstapel en de vergiftiging van ons drinkwater en slootwater. De enige hoogleraar die zijn financien op orde heeft
De Landbouwuniversiteit heeft hem met veel bombarie binnen gehaald, maar heeft de universiteit een cent in hem geinvesteerd? De aftandse barak waarin hij werd ondergebracht en waarin hij geen van zijn vele vacatures heeft mogen vervullen, spreekt voor zich. De landbouwuniversiteit moet zich schamen met haar groene imago!
De rector van de Landbouwuniversiteit heeft verklaard dat hij het Wagenings Universiteitsblad een ongeschikt medium vindt om in te communiceren. Maar de grote vraag blijft: waar dan wel? De Landbouwuniversiteit voert een doortastend en volhardend non-communicatiebeleid waarin de medewerkers over het vertrek van hun hoogleraar worden ingelicht via een persbericht in hun postvak. Human resource management, noemt de rector dat. Slaap zacht!
ICA
In het artikel van Lianne Kersbergen (WUB 12, 26 maart) wordt een beeld van the Institute of Cultural Affairs (ICA) geschetst waarin ik mij als ICA-medewerker niet in kan vinden. Dat wil ik nu even rechtzetten
ICA werkt aan een cultuur van participatie middels het ondersteunen van civil society-organisaties. Initiatieven waarmee mensen hun eigen leef- en werkomgeving vorm kunnen geven worden gestimuleerd. Daarom is het ICA vanaf de jaren zestig bezig met het ontwikkelen van praktische participatieve methodieken en het toepassen daarvan in ngo's in het noorden en zuiden. De duurzaamheid van de methodes blijkt uit het goede functioneren van de dertig ngo's uit het netwerk en de grote belangstelling bij internationale congressen. ICA International heeft een consultatieve status bij de United Nations Economic and Social Council (ECOSOC) en UNICEF. Tevens werkt ICA samen met onder andere de WHO
ICA Nederland maakt deel uit van dit netwerk en probeert een emancipatoire visie uit te dragen door het tot stand brengen van een culturele uitwisseling van levensvisies en praktische ervaringen tussen mensen in noord en zuid. De vrijwilligers die door ons worden uitgezonden hebben niet per se ervaring als ontwikkelingswerker. Wel hebben zij levenservaring en deskundigheid op hun eigen vakgebied en kunnen ze deze op een gelijkwaardige manier delen met de teamleden van de lokale organisaties waar zij gaan werken
In het artikel wordt gesuggereerd dat er al genoeg ondeskundige mensen in het zuiden zijn en dat het zenden van vrijwilligers de ondeskundigheid aldaar slechts vergroot. ICA gaat er echter van uit dat de vrijwilliger en de lokale ontwikkelingsorganisatie elkaar wel wat te bieden hebben. Vrijwilligers zien een jaar in het buitenland bijvoorbeeld als een verrijking van hun wereldbeeld, en kunnen de organisaties ondersteunen door in een team mee te draaien door onder andere het werven van fondsen, het doen van veldwerk, PR en het toepassen van participatieve methoden
Voor 2100 gulden krijgen de vrijwilligers in spe een degelijk trainingstraject (met kost en inwoning) waarin professionele trainers en teruggekeerde vrijwilligers een intensief voorbereidingsprogramma presenteren. Hierbij komen onder andere participatieve methodes, praktische vaardigheden (projectvoorstellen schrijven, monitoring, evaluatie, financieel management) en de menselijke factor in ontwikkeling (teambuilding, acculturatie) naar voren
Met het grote enthousiasme en de creativiteit van de ICA-medewerkers en de progressieve manier van werken dragen we bij tot de emancipatie van wereldburgers. Als je meer van ons wilt weten, dan kun je op dinsdag en woensdag van 10 tot 15 uur telefonisch contact met ons opnemen op nummer 417756. Je kunt natuurlijk ook e-mailen: icanedxs4all.nl
Taartjes bakken in Wageningen
Jan Douwe van der Ploeg, behalve hoogleraar sociologie ook landbouwopinist en columnist, mag van het bestuur de diesrede uitspreken en doet precies wat van hem verwacht wordt. Hij zet een aantal vraagtekens bij de praktijk van moderne veeteelt en bio-industrie. Daarmee reikt hij de hand naar de samenleving, die, na de varkenspest en andere schandalen, steeds wantrouwender tegenover Wageningen is komen te staan. De hoogleraar fokkerij, tegen wiens zere been die rede is, is op dat moment op excursie met studenten zootechniek, maar reageert gepikeerd in het WUB van 19 maart. Ook Brascamps reactie is voorspelbaar. Hij ontkent glashard dat er iets mis is en staaft dit met zijn objectieve, juiste en keiharde cijfers. Wat wegwerpzeugen? Er is helemaal niets aan de hand, de bio-industrie is in goede handen bij de zootechnici, de cijfers bewijzen het
Van der Ploeg daagt Zodiac uit, maar Brascamp gaat er niet op in, er is geen debat of interactie. Is het KCW wel op de goede weg met zulke verkettering en verzuiling? De oude universiteitsstad begint op een zandbak te lijken waar kleuters elk in hun eigen hoek een zandtaartje van eigen makelij willen bakken, en ook nog eens elkaar de schepjes en vormpjes betwisten. Er lijkt ook in dit geval weer geen sprake van het serieus nemen door vakgroepen van milieugroepen, Lekker Dier, of de bezorgde burger in het algemeen
Ik was vorige maand op bezoek bij een kippenboer. Zijn 25 duizend leghennen waren veertien maanden oud, half kaal, verfomfaaid en tot op de draad versleten, op het punt om afgedankt te worden. Nederlandse koeien, dat is bekend, zijn na 2,5 lactaties op, en het vlees van die uitgemelkte dieren is alleen nog maar goed voor gehakt of verse worst; voor een goed stukje vlees moet de groothandel naar het buitenland
Brascamp wil toch niet met zijn juiste cijfers en representatieve statistieken beweren dat het streven naar topprestaties op genetisch en fysiologisch gebied, bij een zo vroeg mogelijk ingezette productie, niet ten koste gaat van de productieve levensduur? Volgens de Wageningse etholoog Wiepkema kan een zeug gemakkelijk acht of negen keer werpen, maar worden de gestresste zeugen in Nederland al na twee of drie keer werpen nauwelijks meer berig. Als ze naar het slachthuis worden afgevoerd, hebben ze volgens Wiepkema bijna allemaal een maagzweer of hartaandoening
Brascamps voorganger Politiek vond een jaar of vijf geleden een melkgift van zevenduizend liter wel welletjes voor een koe. Hij vond dat koeien hun melk vooral uit gras en ruwvoer moesten halen, en niet uit steeds meer ingevoerd krachtvoer. Ook Goewie en zijn groep, de bd-mensen uit Driebergen en zelfs de LTO-vakbondsleider melkvee Jan Cees Vogelaar maken zich zorgen over de voortgaande intensivering en versmalling van de fokkerij
Ik ken de colleges die Brascamp zijn studenten geeft niet, maar vrees het ergste. In de waterschappen zitten tegenwoordig, naast boeren die naar vervroegde en versnelde waterafvoer in de polders streven, ook burgers die landschappelijke en recreatieve aspecten in het oog houden. Wordt het ook niet eens tijd dat enkele geinformeerde burgers toezicht houden op de leerstof van leerinstellingen als die van Brascamp, en dat ook burgers plaatsnemen in fokkerijorganisaties zoals het NRS? Kunnen ze mooi enig tegengas geven tegen het opdrijven van de INET (Index netto melkgeld) of ander eenzijdig fokkerijcriterium, waar we op termijn misschien helemaal niet zo mee gediend zijn
Hoe Willy Wortel gelijk kreeg
In het artikel Het gelijk van Willy Wortel wordt de heer Schelbergen geciteerd naar aanleiding van de trieste situatie dat er technische en ondersteunende personeelsleden zijn die op hun werkplaats niet (voldoende) nuttige bezigheden vinden. Om dit te ondervangen worden deze mensen ondergebracht bij de gecombineerde diensten. Dit zou een bezuinigingsmaatregel van de vakgroepen zijn. Op zich lijkt dit nog niet zo'n rare oplossing. Of deze redenatie klopt zal de toekomst uitwijzen
Een nog grotere bezuiniging wordt gehaald als deze diensten opgeheven worden, zoals bij mijn eigen leerstoelgroep, Plantencytologie en -morfologie
Als alle plannen doorgaan, verdwijnen bij deze leerstoelgroep vijf obp'ers en een wp'er in het kader van de bezuinigingen. Ik hoop dat bij deze groep de kwaliteit van onderwijs en onderzoek gehandhaafd kan blijven. U(h)d'ers, aio's en resterende analisten moeten naast hun al bestaande taken veel meer zelf doen, waardoor onderzoek en onderwijs in het gedrang komen. Ook lijkt het mij een slechte bezuiniging als benodigdheden voor practica en dergelijke door een u(h)d'er in plaats van een amanuensis worden klaargezet. Een somber toekomstbeeld zou kunnen zijn dat de leerstoelgroep door gebrek aan output en kwaliteit helemaal wegbezuinigd wordt

Re:ageer