Wetenschap - 23 oktober 1997

Podium

Podium

Podium
Grondbewerking publiceerde wel
De jaarlijkse hitlijst van LUW-vakgroepen in het WUB van 9 oktober 1997 meldt dat de leerstoelgroep Grondbewerking in 1996 geen publicaties had. Bron van alle cijfers is het Wetenschappelijk jaarverslag 1996. Daarin zit helaas een storende fout: de onderzoektijd is vermeld bij Grondbewerking, de publicaties staan echter onder Agrotechniek en -fysica, waarvan Grondbewerking in 1996 een sectie was. In 1996 had Grondbewerking een dissertatie, drie gerefereerde artikelen, zes overige wetenschappelijke publicaties en drie vakpublicaties. Qua productiviteit (aantal publicaties gedeeld door onderzoektijd) zit Grondbewerking weinig onder het LUW-gemiddelde
Wij zullen een erratum binnen de LUW verspreiden. De voormalige vakgroep Agrotechniek en -fysica en de leerstoelgroep Grondbewerking hebben wij hierover geinformeerd en wij bieden hen hierbij (nogmaals) onze welgemeende excuses aan
Hitlijsten
Afgelopen week heeft het WUB een aantal lijstjes gepubliceerd op basis van het wetenschappelijk jaarverslag 1996. Dit jaarverslag wordt gemaakt op basis van gegevens die door de vakgroepen worden aangeleverd. Naast een lijst van publicaties werd de vakgroepen ook gevraagd aan te geven hoeveel fte (fulltime equivalent) er aan onderzoek is ingezet gedurende 1996
Al het getel op de vakgroepen en het bestuurscentrum heeft volgens het jaarverslag geresulteerd in een totaal van 2389 wetenschappelijke artikelen voor 1996. Hierbij zitten echter ook een groot aantal publicaties die twee keer zijn meegeteld. Immers, als twee vakgroepen iets samen publiceren dan worden deze publicaties twee keer meegeteld. Er zijn dus minder dan 2389 wetenschappelijke LUW artikelen verschenen in 1996
Raadpleging van Current Contents van het ISI, waarin meer dan zesduizend tijdschriften zijn opgenomen, laat zien dat er in 1996 slechts 1073 wetenschappelijke publicaties zijn verschenen in ISI-tijdschriften waar een of meerdere groepen van de LUW aan hebben bijgedragen. Wetenschappelijke publicaties in tijdschriften die niet worden opgenomen in Current Contents zullen hoogst waarschijnlijk onopgemerkt blijven in de rest van de wetenschappelijke wereld. Het heeft dan ook weinig zin om ze te tellen
Van de 1073 publicaties zijn er 1046 toe kunnen kennen aan een vakgroep van de LUW. Hierbij is de desbetreffende publicatie steeds toegekend aan de eerstgenoemde LUW-vakgroep. Van een aantal publicaties is de eerste auteur overigens helemaal niet (meer) werkzaam bij de LUW. Toch zijn ook deze publicaties meegeteld om aan de 1073 te komen
Op basis van Current Contents (dus alleen gemakkelijk traceerbare literatuur) en zonder dubbeltellingen, ziet de top-tien er iets anders uit dan die in het WUB (Tussen haakjes het aantal publicaties volgens het LUW jaarverslag)
  • = 1Humane voeding85(79)
  • = 2Biochemie45(52)
  • = 3Fysische en kolloidchemie42(51)
  • = 4Entomologie38(48)
  • = 5Veehouderij37(99)
  • = 6Microbiologie35(56)
  • = 7Fytopathologie34(46)
  • = 7Levensmiddelenchemie en -microbiologie34(80)
  • = 9Bodemkunde en plantenvoeding32(52)
  • = 10Agronomie31(83)
  • = 10Geintegreerde levensmiddelen-technologie en fysica31(44)
  • = 10Humane epidemiologie en gezondheidsleer31(84)
    Nummers 2, 3, 4 en 6 van deze lijst komen niet eens voor in de WUB top-10-wetenschappelijke publicaties per vakgroep. De tweede top-tien in het WUB, het aantal weteschappelijke publicaties per onderzoeker, is helemaal twijfelachtig. Hier worden twee getallen, die vaak zeer verschillend worden geinterpreteerd, op elkaar gedeeld om de productiviteit van de vakgroepen te berekenen. Volgens het jaarverslag is de totale LUW onderzoeksinspanning over 1996 916,1 fte. Dat zou 1,17 Current Contents-publicaties per fte betekenen. Ongeveer wat wij verwachten van een aio
    De genoemde 916,1 fte is voor een groot gedeelte extern gefinancierd. Als men kijkt naar de geoormerkte LUW-middelen voor onderzoek (de VF-capaciteit) dan omvat dat slechts 172,5 fte. Overigens is het saillant dat een van de vakgroepen in de WUB top-10 (met een bijzonder grote productiviteit) volgens het jaarverslag minder onderzoek heeft uitgevoerd dan zij aan VF-capaciteit ontvangt. Door het getal onder de streep maar klein genoeg te maken kom je hoog in de WUB top-10!
    Daarom is het beter om met de VF-capaciteit te rekenen. Van deze 172,5 fte staat netjes vast wie wat krijgt, zodat betrouwbare cijfers te berekenen zijn die laten zien wat de impact is van een door de LUW gefinancierde fte bij de verschillende vakgroepen uitgedrukt in publicaties in ISI-tijdschriften
    De top-10 die hieruit volgt is niet veel anders dan in voorgaande jaren. Immers, de verdeling van VF-capaciteit ligt al jaren vast!
    Vakgroepen met meer dan tien publicaties in ISI-tijdschriften per fte VF-capaciteit in 1996
  • = 1Industriele microbiologie42,2
  • = 2Humane voeding25,4
  • = 3Geintegreerde levensmiddelen-technologie en fysica19,6
  • = 4Proceskunde14,8
  • = 5Theoretische productie ecologie14,3
  • = 6Levensmiddelenchemie en -microbiologie13,0
  • = 7Biochemie11,7
  • = 8Toxicologie11,2
  • = 9Plantenveredeling11,0
  • = 10Fytopathologie10,7
  • = 10Moleculaire genetica van industriele micro-organismen10,7
  • = 12Milieutechnologie10,6
  • = 13Agronomie10,4
  • = 13Humane epidemiologie en gezondheidsleer10,4
  • = 15Microbiologie10,1
  • = LUW gemiddelde6,2
    Bul-uitreiking
    In de rubriek Podium verhaalt ir Bas van Gestel over de beroerde bul-uitreiking op 26 september jongstleden. Daarin meldt hij dat de groep Ecologische landbouw geen informatie heeft gegeven over een afstuderende student. Dat is correct. Niet correct is echter de suggestie dat ik daarvoor niet de moeite nam. Integendeel. Het is mijn gewoonte om voor elke afstuderende student een stukje tekst in te leveren bij de hoogleraar die de bul uitreikt. In onderhavig geval bleek dat niet mogelijk. Betrokkene deed drie jaar geleden bij de toenmalige vakgroep op uitstekende wijze een afstudeervak. Zijn begeleider werkt al ruim twee jaar niet meer op de groep. Niemand op de groep kende de student in voldoende mate. Het was dus onverantwoord om een eerlijk afstudeerverhaal te formuleren. Dat is gemeld. Ik zou er in zo'n geval van zijn uit gegaan dat de teksten van begeleiders van andere afstudeervakken van de student gebruikt hadden kunnen worden bij de bul-uitreiking. Een en ander neemt evenwel niet weg dat ik het gebeurde betreur, zeker ook vanwege het feit dat de uitreiker het nodig vond om expliciet te zeggen dat het Ecologische landbouw was die geen tekst leverde. Ik heb nimmer een afstuderende student zonder een begeleidend woordje uitgezwaaid. Gaarne nodig ik de jonge ingenieur bij mij uit voor een nader gesprek in de hoop het nog een beetje goed te kunnen maken
    Ecologische landbouw heeft geen monopolie
    In de discussies rondom het toekomst van de leerstoelgroep Ecologische landbouw wordt vaak net gedaan alsof alleen op die plaats onderzoek wordt verricht naar de verschillende mogelijkheden van ecologisering van de primaire productie. Dat moet echter berusten op een grove misvatting. Prof. Bouma refereerde in zijn eerdere reactie reeds aan de vorderingen van het onderzoek over de zogenaamde precisielandbouw. Het is wellicht ook van belang om te verwijzen naar het onderzoek rondom de sociale en economische effecten van hoge- en lage-externe-inputlandbouw voor kleine boeren in ontwikkelingslanden, waarbij de vakgroep Ontwikkelingseconomie en het AB-DLO zijn betrokken
    Merkwaardig genoeg bestaat voor deze sociaal-economische aspecten niet of nauwelijks belangstelling bij de collega's van Ecologische landbouw. Dat komt wellicht doordat de uitkomsten van dergelijk onderzoek de vinger leggen op nogal wat problemen: lage-externe-inputtechnieken vereisen vaak een veel hogere arbeidsinzet en kunnen daardoor leiden tot een vermindering van het arbeidsinkomen. Dat is voor veel arme boeren in ontwikkelingslanden een niet erg aantrekkelijk perspectief. Bij het zoeken van wetenschappelijke en praktische oplossingen voor dergelijke dilemma's zou het goed zijn als wordt erkend dat de leerstoegroep Ecologische landbouw niet over het monopolie beschikt op dit onderzoeksterrein

  • Re:ageer