Wetenschap - 19 december 1996

Plattelandsontwikkeling

Plattelandsontwikkeling

Rob Gast van het IBN roert een aantal belangrijke zaken aan in zijn reactie (WUB 5 december) op het WUB-artikel Kennissysteem LNV hobbelt achter innovaties aan. Allereerst een misverstand dat we zelf veroorzaakten: de achttien deskundigen die we ondervroegen voor ons onderzoek naar toonaangevende publicaties over plattelandsontwikkeling zijn niet allen econoom, socioloog of planoloog. Onder de geinterviewden bevonden zich tenminste drie ecologen/biologen. Belangrijker is dat alle achttien werkzaam zijn op het gebied van plattelandsontwikkeling in brede zin. In de lijst van publicaties die de deskundigen bepaalden, en vooral de door hen samengestelde top 10, is de aandacht voor de ecologische invalshoek evident. De nummers 2 (Plan Ooievaar), 4 (Natuurbeleidsplan) en gedeeltelijk zelfs de hoogst geeindigde (op 1: de Relatienota) zijn producten van ecologische analyse, probleemstelling en ontwerp. Verbreden we ecologisch tot ecologie en milieu, dan behoren zelfs zeven pub
licaties uit de top 10 tot dat veld.

De door Gast gesuggereerde indeling naar vier kennisdomeinen (sociale, economische, ruimtelijke en ecologische kennis) die betrokken (behoren te) zijn bij politieke besluitvorming, is verhelderend, al zijn wij geneigd daaraan een vijfde, sturingskennis, toe te voegen.

Bij een mogelijk vervolg van ons onderzoek dienen niet de publicaties centraal te staan, maar de innovatieprocessen zelf met hun knelpunten. Hier liggen zeer belangrijke vragen waarvan de antwoorden bijzonder relevant kunnen zijn voor de onderzoeksinstellingen op het gebied van rurale ontwikkeling. Relevant ook, en niet in het minst, voor het functioneren van het Kenniscentrum Wageningen. Een inbreng van het IBN en andere centra van expertise over rurale ontwikkeling wordt daarbij zeer op prijs gesteld.

Het rapport Rurale ontwikkeling in publicaties verschijnt binnenkort bij de NRLO.

Re:ageer