Wetenschap - 11 mei 1995

Plattelandsjongeren willen niet meer natuurgebieden

Plattelandsjongeren willen niet meer natuurgebieden

Ruim tachtig procent van de jongeren op het platteland heeft geen behoefte aan meer natuurgebieden in de streek. Dat blijkt uit een enquete die het agrarisch marketingbureau Geelen Consultancy in Wageningen in opdracht van het Wagenings Landbouwdebat heeft uitgevoerd. Driehonderd jonge agrariers en tweehonderd niet-agrarische plattelandsjongeren tussen de 18 en 35 jaar werden ondervraagd over de toekomst van de land- en tuinbouw en het platteland. Van de plattelandsjongeren vindt 79 procent dat de overheid meer maatregelen moet nemen om te zorgen dat minder bedrijven verdwijnen, 69 procent van de agrariers is dat met hen eens. Bijna de helft van de plattelandsjongeren en een derde van de agrariers vindt dat de overheid nog strengere milieueisen op moet leggen. Zelfde aantallen vinden dat de intensieve veehouderij veel diervriendelijker moet worden.

Als het gaat over toekomstverwachtingen van jonge agrariers, dan ziet 76 procent specialisatie en produktie voor de (inter)nationale markt als toekomststrategie, 31 procent verwacht in de toekomst een breed opgezet bedrijf te hebben, en ziet toekomst voor afzet in de regio. Specialiserende ondernemers werden vooral gevonden in de verschillende veehouderij takken (ruim zestig procent), terwijl akkerbouwers (24 procent) en tuinbouwers (46 procent) veel minder van specialisatie verwachten. De resultaten van de enquete worden opgenomen in het slotdocument dat de organisatoren van het Wagenings Landbouwdebat momenteel aan het maken zijn. Zij willen dit document op 8 Juni aan het college van bestuur van de Landbouwuniversiteit aanbieden. Tevens vindt die dag de allerlaatste discussie plaats met als thema de Nederlandse landbouw in relatie tot de Europese landbouw.

Re:ageer