Wetenschap - 27 november 1997

Op zoek naar de graal

1

Op zoek naar de graal

Op zoek naar de graal
The Knights
Yeah klink het sonoor uit meerdere kelen bij het openen van de deur. De ruimte is schemerdonker. Vijftien ridders in Schotse kilt zitten op versleten bankstellen in een kring. Metertje bier in het midden op de grond. De twee koningen, Thur 12 alias Sven Drillenburg en Ar 13 alias Douwe Miedema, bekijken het gebeuren vanaf hun troon: twee stoelen op een tafel. Het zwaard Excalibur staat tussen hen in
Iedere woensdagavond komt dispuut The Knights of the round table van studentenvereniging KSV Sint Franciscus Xaverius bijeen. Alvorens een buitenstaander het bijzondere voorrecht van het meebeleven van zo'n avond mag smaken, willen de ridders van deze ronde tafel eerst wel uitgebreid weten wat voor vlees ze in de kuip hebben
Na de eenzijdige kennismaking vraagt een ridder de koningen hoe het nu verder moet vanavond, gezien de aanwezigheid van een buitenstaander. Want duidelijk moge zijn dat de doorgaans besloten club niet van zins is al te veel tippen van de kilts op te lichten. Een reunite, een oud-ridder, zal vertellen over zijn wederwaardigheden in Afrika, besluiten Ar en Thur. Het duurt niet lang of er worden vragen gesteld. Heb je nog op neushoorns geschoten? Nee? Op gezeten dan?
Geluid van gebroken glas. Een nieuwe meter. The Knights baseren zich op het boek van Terence H. White over koning Arthur en zijn ridders van de ronde tafel. Het dispuut bestaat elf jaar. De leden noemen zich een graalgenootschap met een constitutionele hierarchie. Koningen aan top, shitcarriers aan de onderkant, daartussen schildknapen - squires - en ridders. Belangrijk: het dispuut wordt gesponsord door jeneverfabrikant Ketel 1
Wat de shitcarriers allemaal moeten doen om te promoveren naar squire, wil je niet weten, verzekert koning Thur vanaf zijn troon. En hoe hij het zelf tot koning heeft weten te schoppen, blijft eveneens in het vage. Dat is namelijk holy. Yeah, yeah!
We zijn allemaal op zoek naar de graal, vertelt een squire. Maar die zullen we nooit vinden en dus zullen wij altijd blijven bestaan. Andere disputen houden een keer op, wij niet. Yeah. De jacht is mooier dan de vangst, klinkt het van een ander bankstel. Ieder heeft zijn eigen graal. Als ik die vind zal ik sterven, meldt een squire van amper twintig. The Knights zijn vooral een vriendenclub, vertelt weer een andere kiltdrager. Ridder word je door een heldendaad te verrichten. En ben je eenmaal ridder, dan streef je naar koning.
De eisen om bij het dispuut te kunnen zijn minimaal: Franciscaner zijn, een lul hebben en een driebladig cv inleveren bij de koning. Plus de belastingschaal van je ouders meenemen, grapt iemand. Katholiek zijn hoeft niet en een voorkeur voor carnaval is geen pre. Kortom, alle mannen van KSV kunnen in principe bij het dispuut
In de kroegzaal is ondertussen een feest van dispuut Brasserie Elitaire (BE) aan de gang. Mannen met witte pruiken en geschminkte gezichten, pijp of sigaar rokend. Suzanne Boetekees en Judith van Langevelde, twee leden van dispuut L'Esprit de la Licorne - de geest van de eenhoorn - zitten aan de bar. Zij vinden The Knights niet doorsnee. Ze zijn altijd goed aanwezig, aldus Boetekees. Er zit een maar aan: het is soms wat ranzig.
Het blijkt moeilijk op KSV iemand te vinden die een mening over de ridders wil ventileren zonder anoniem te blijven. Zelfs praeses Joost Brouwer van de vereniging, zelf een ridder, wil er niet veel over kwijt. BE-lid Erik Walker is de eerste die echt wat kwijt wil over The Knights. Overigens niet alvorens zijn eigen dispuut uitvoerig te belichten. BE richt zich, anders dan de doeners van The Knights, op het woord. Leren spreken in het openbaar, discussieren en debatteren. De andere component van BE is la bonne vie. Cognac, sigaren, lekker eten, etiquette, wijnproeven, af en toe zeevissen, cricket en golf. Decadent dus, stelt Walker
Tussen BE en The Knights bestaat van oudsher rivaliteit. Uitdagingen worden uiteraard door ons beantwoord, weet Walker. The Knights zijn van een lagere orde. Ze kenmerken zich door laffe acties zoals het stelen van meters. Wij zouden dat nooit doen. Verder willen ze vooral shockeren, denkt Walker, en selecteren ze nieuwe leden meer op kwantiteit dan op kwaliteit. Hoe anders is BE
The Knights hebben inmiddels ook hun honk verruild voor de kroegzaal. Terwijl een over de bar geklommen ridder door een viertal BE'ers weer wordt verwijderd, zegt Walker schertsend: Ik kijk erop neer. Veel eerstejaars kijken ertegen op, zo van wat een stoere club, maar er worden daar meer grenzen verlegd dan ik persoonlijk zou willen.
Behalve de bijeenkomsten op woensdag organiseren The Knights excursies naar bedrijven en weekendjes weg. Zoals naar oud-ridder Sir William, die in het Brabantse Esbeek een terreintje heeft met daarop een heus kasteel, Camelot geheten. Hier gaan The Knights jaarlijks drie dagen ravotten. De boeren uit de omgeving kunnen genieten van hoe wij studentikoos door de modder rollen, weet Thur 12
De volgende dag tref ik Thur aan de bar, waar hij een pannenkoek consumeert. Wij zijn een intensief dispuut. Ik durf te beweren dat wij het meeste hier zijn en voor de vereniging doen. Vier van de laatste acht praeses waren Knight. Robuuster en fysieker zijn woorden die Drillenburg gebruikt om zijn dispuut met de andere te vergelijken. Wij voelen ons er goed bij.
De zoektocht naar de graal en het verleggen van grenzen past goed in het studentenleven, vindt hij. Pret prevaleert weliswaar, maar men kan niet oppervlakkig ontspannen zonder de diepte in te gaan. Het is niet zo van lasergamen is hot dus nu gaan we lasergamen. Het mooie van een dispuut is: het houdt zichzelf in leven. Bestond het alleen maar uit bierdrinken, dan gingen iedereen wel naar de kroeg. Over zijn lidmaatschap zegt Thur: Straks stap ik over de brave lijn. Ik wil dan kunnen zeggen dat ik een heftige studententijd heb gehad. Dat kan prima binnen een studentenvereniging alleen. Sommigen zoals ik willen echter nog meer hun studentenei kwijt.

Re:acties 1

  • Sir Private

    Yeah

    Reageer

Re:ageer