Wetenschap - 22 januari 1998

Nutroma, heren?

Nutroma, heren?

Nutroma, heren?
Ria van Maurik, pantry bestuurscentrum
Ik ben een vreselijke flapuit. Ja, daar moet ik wel een beetje mee oppassen, zegt de opgewekte, goedlachse Ria van Maurik in haar pantry in de nok van het bestuursgebouw, vanwaar ze het college van bestuur van koffie en thee voorziet
Niettemin wil ze wel wat vertellen over haar ervaringen, opgedaan in 27 jaar werken aan de LUW. Over de tijd waarin het nog eenvoudig was om een baantje te krijgen. Al kon je maar met een oog zien, bij wijze van spreken. Nu krijg je nog geen baantje al kun je met drie ogen zien!, grapt ze
Boven het bureau in haar pantry hangt een prikbord vol kinderfoto's. Van haar twee kinderen en haar kleinkinderen, de rest afkomstig van LUW-personeel. Ze vindt zichzelf een overbezorgde moeder en met de kleinkinderen is ze nog gekker. De volwassen kinderen van nu hebben zulke drukke levens. Geen wonder dat ze aan stress lijden en aan PMS. Pre-Menstruatie-Syndroom. Nou, daar had je vroeger toch nooit van gehoord? Wel van de overgang, al die vervelende problemen. Als Maria ons had geschapen, hadden we wel minder problematisch in mekaar gezeten.
In 1970 kwam ik bij de schoonmaakdienst. In het begin ben ik eens met zo'n zware boenmachine door een ruit gegaan. Ik wist niet waar de knop zat om het ding af te zetten! Aan haar lachje is te horen dat ze stevig rookt
In 1974 werd er iemand ziek bij de restauratieve dienst. Ria van Maurik werd haar vervanger. Het werd een vaste baan. Mijn ouders hadden vroeger een cafe in de Gerdesstraat, dus ik had wel enige ervaring met het werk dat ik in de kantine moest doen. De vroegere voorzitter, Van der Schans, kreeg in zijn studententijd wel eens een kommetje soep van mijn moeder.
Ria kwam terecht in kantine De andere Wereld, gelegen bij het oude hoofdgebouw op het Salverdaplein. Nostalgisch staat ze in gedachten even stil bij de oude senaatskamer. Op een dag gooit ze vrolijk de deuren van de vergaderzaal open: Nutroma, heren? Maar in plaats van de vertrouwde gezichten staart een totaal onbekend gezelschap haar aan. Foute zaal. Bent u hiervoor getraind, mevrouw?, vraagt de voorzitter
Ria van Maurik heeft heel wat veranderingen meegemaakt. We hebben nu een ondernemingsraad en een studentenraad. Maar toen, in het oude gebouw, had je nog die andere raden en daar werd zo vreselijk veel en lang vergaderd! Soms vier, vijf keer per dag, nou, kapot ging je d'r aan.
De bezetting herinnert ze zich vooral door de troep die ze erna moest helpen opruimen. Wat we daar aantroffen, onvoorstelbaar! Pyjamapakken, ondergoed, slaapzakken, keukengerei en veel vuil. Ze hadden daar weken geleefd, ze durfden niet naar buiten. Die studenten deden dat niet voor niks, natuurlijk. Maar toch ik denk dat de hoge heren nu niet meer zo tolerant zullen zijn als toen.
Maar ik kan je een ding zeggen: er wordt hier in dit gebouw verschrikkelijk hard gewerkt. Echt waar. De mensen hebben amper tijd om koffie te drinken. Het is maar goed dat ik hier loop met de koffie en dat er hier een pantry is, want als ze helemaal naar beneden zouden moeten de telefoons staan hier altijd roodgloeiend.
Het was eerst wel wennen hier. Een openbaring, zo'n mooi gebouw, maar o wat heb ik het moeilijk gehad. Ik had nooit gedacht dat ik dat ouwe gebouw met al zijn kwalen en gebreken zo zou missen. Het was er toch knus en intiem. Hier is het hol en lawaaierig.
Om 7.45 uur begint haar werkdag. Haar man Arie, de portier, doet de lampen aan en zij gaat meteen naar boven en zet koffie. Want soms vergaderen ze al om acht uur. Zij voorziet het college van bestuur en de vergadersystemen, van koffie, thee, lunches en drankjes. Ze geven haar op wat ze willen en zij zorgt dat het voor elkaar komt
Karssen, dat is een fijne man. Die heeft ze zelfs eens persoonlijk achter de kopieermachine zien staan! Nee, dat had ze geen enkele rector ooit zien doen. Waar anderen bij zijn, noemt ze hem nooit Cees. Als ik binnen kom bij het college is het altijd: Ha, daar heb je Rietje met de koffie! Ik kom binnen en ik voel of ik wat kan zeggen of niet. Want ze hebben soms hele zware gesprekken. Dus dan ben ik niet lollig, he?
Ach, ik mis Hendrik zo! Van den Hoofdakker bedoel ik. Die had zo'n humor. Eens kwam er iemand en die vroeg of ik ook eikeltjesthee had. Hendrik keek over z'n brilletje en ik zag hem denken: Wat zal ze daar nou weer op zeggen? Want hij kent mij goed. En ik antwoordde: Als ik effe tijd heb, zal ik er in het bos een paar gaan zoeken. Hij lachte zich slap. Maar Van Ast, van DLO, dat is ook een scheet, hoor. Zo'n bescheiden mens. Hij moest wel wennen in het begin.
Ja, ik word altijd met respect behandeld. De restauratieve dienst draait hier goed, die twee dames beneden in de kantine werken ook heel hard. We zijn gefuseerd met DLO, maar die heeft alleen een cateringservice. Ik denk dat er voor veel mensen wel wat gaat veranderen. Ik kan het niet pakken, maar ik voel het aan, zie soms zorgelijke gezichten ze praten wel eens over cateringservice hier. Tja, dan valt de persoonlijke service helemaal weg. Maar ja, als thuis de portemonnee leeg is, is ie leeg; dat is hier net zo.

Re:ageer