Wetenschap - 18 juni 1998

Nieuws Voorpagina

Nieuws Voorpagina

Nieuws Voorpagina
Directeur RIVO-DLO op non-actief gesteld
De bestuur van Kenniscentrum Wageningen, tegenwoordig Wageningen URC, heeft directeur dr Jan Willem Henfling van het Rijksinstituut voor Visserijonderzoek (RIVO-DLO) op 15 juni met onmiddellijke ingang geschorst
De hoofddirectie van KCW heeft het vertrouwen in het functioneren van Henfling als instituutsdirecteur opgezegd en hem met onmiddellijke ingang geschorst, stelt de voorlichter van het RIVO. Zij verwijst voor een toelichting op de schorsing naar bestuursvoorzitter Cees Veerman, maar die geeft geen commentaar op dit moment. Ook Henfling, die een raadsman in de arm heeft genomen, heeft geen behoefte aan commentaar
Het is begrijpelijk dat beide partijen afzien van commentaar op de schorsing; er dreigt een juridische procedure tussen hen. Volgens anonieme zegslieden heeft Veerman Henfling vorige week verzocht om vrijwillig op te stappen als instituutsdirecteur, maar weigert de laatste daaraan mee te werken, waarop het bestuur tot schorsing is overgegaan. Henfling zou in een onwerkbare situatie zijn terechtgekomen met zijn personeel, met name met de ondernemingsraad. Voorts zou er een conflict zijn over de toekomstige positie van het RIVO - Henfling wil het RIVO zelfstandig laten voortbestaan, de raad van bestuur denkt aan opsplitsing en verdeling van het visserij-instituut over het ID (diergezondheid), het IBN (natuur) en het ATO (agrotechnologie). (ASi)
Macho-mees is een slechte verliezer
Brutaliteit bij mannelijke koolmezen zit in de genen. Dat zegt ir Monica Verbeek, die 19 juni promoveert bij etholoog prof. dr Piet Wiepkema. Volgens Verbeek zijn mannelijke koolmezen in te delen in twee groepen. Brutale mezen die hun omgeving snel verkennen en snel het gevecht met rivalen aangaan, en voorzichtige mezen die graag rustig en grondig hun omgeving verkennen en weinig agressief zijn tegenover soortgenoten
Tot welke groep een mees behoort is al vroeg te bepalen. Verbeek observeerde de manier waarop jonge meesjes een vreemd object in hun kooi - een acht centimeter grote plastic Pink Panther - benaderen. Agressieve mezen gaan snel op het vreemde voorwerp af; voorzichtige mezen kijken liever de kat uit de boom. De twee groepen verkennen ook hun omgeving verschillend. Brutale mezen vliegen snel door het gebied en verkennen het oppervlakkig; voorzichtige mezen nemen rustig de tijd. Als Verbeek de voederplek van de dieren veranderde, hadden de voorzichtige mezen dat snel door, terwijl de agressieven vaak nog naar de oude plek vlogen
In een groep jonge koolmezen is de hoogste in rang vaak een agressieve mees. Vlak daaronder komen echter de voorzichtige mezen. Dat komt volgens Verbeeks begeleider dr. Piet Drent van het Nederlands Instituut voor Oecologisch Onderzoek doordat agressieve mezen niet tegen hun verlies kunnen. Een agressieve mees die een gevecht verliest, blijft lang van slag. Een voorzichtige mees kan veel beter tegen zijn verlies en zal een gevecht met een gefrustreerde agressieveling makkelijk winnen. Daardoor zakken de agressieve mezen in de hierarchie
In de natuur verovert de agressieve leider van een groepje jonge mezen al snel een mooi territorium, waarmee hij zich populair maakt onder de vrouwtjes. Andere territoria worden verdeeld onder de voorzichtige mezen die in de hierarchie net onder de leider staan. Mezen die het laagst in de orde staan, zien zich gedwongen te verhuizen naar een onbekend gebied waar zij de roofdieren en voedselplaatsen nog niet kennen. Dat verklaart ook waarom beide strategieen in de evolutie hebben overleefd. De agressieve strategie heeft als voordeel dat de leider van de groep het mooiste territorium krijgt, maar de minder succesvolle agressievelingen lopen grotere risico's bij het vinden van een thuishaven
Agressieve mezen blijken volgens Drent minder goed bestand tegen stress dan hun voorzichtige soortgenoten. Voorzichtige mezen gaan bij ziekte op zoek naar geneeskrachtige planten; agressieve mezen blijven stil in een hoekje zitten. Ze kunnen er niet tegen als het niet gaat zoals het moet gaan. Drent probeert in een vervolgonderzoek de erfelijke basis van het mezengedrag op te helderen, door agressieve en voorzichtige mezen te kruisen en hun nageslacht te bestuderen. (KVe)
Sepers manager ad interim bij LNV

Dr Anton Sepers, die twee weken geleden met onmiddellijke ingang zijn functie als directeur van het Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek (IBN-DLO) ter beschikking stelde, krijgt een tijdelijke managementfunctie bij de directie Natuur van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. Sepers lichtte zijn plotselinge vertrek vorige week toe aan het IBN-personeel. Volgens Sepers had bestuursvoorzitter Cees Veerman hem te kennen gegeven dat hij niet in aanmerking kwam om de reorganisatie bij het IBN te leiden. (ASi)

Re:ageer