Wetenschap - 3 september 1998

Nieuws

Nieuws

Nieuws
De Hoog krijgt drie ton voor armoede-onderzoek
Na twee jaar heeft dr Kees de Hoog van de leerstoelgroep Huishoudstudies de benodigde drie ton bij elkaar voor het in kaart brengen van agrarische armoede. Hij zoekt samenwerking met LEI-DLO. Als eerste moet worden bepaald wanneer een boer arm is
De aandacht voor boerenarmoede is niet groot, denkt De Hoog. In de jaren tachtig deed hij in opdracht van het ministerie van WVC onderzoek naar armoede in huishoudens; toen kreeg hij met weinig moeite vier ton. Nu krijgen we na twee jaar lang bedelen 160 duizend gulden van LNV, van speciale fondsen van de Rabobank een ton, en uit de eigen middelen van LUW zo'n vijftigduizend gulden. Terwijl het toch om geringe bedragen gaat, als je kijkt naar een NWO-onderzoek naar sociale cohesie dat zeven miljoen moet kosten.
De Hoog gaat voor het onderzoek samenwerken met het LEI-DLO. Ze hebben daar het Bedrijven Informatie Net, een boekhouding met duizend boerenbedrijven waarin we indicatoren kunnen vinden die wijzen op armoede. Bij het onderzoek voor WVC was de norm voor armoede duidelijk. Na acht jaar in de bijstand waren mensen arm. Bij boeren ligt dat moeilijker. Ze bezitten grond, gebouwen en waardevolle erfenissen, hebben nevenverdiensten, enzovoorts.
Het eerste project is dan ook bepalen wat boerenarmoede is. De Hoog wil de bedrijven nader bekijken op rentabiliteit, vermogen, overlevingsstrategieen, onbetaalde krachten en informele netwerken. Een zelfde onderzoek is volgens De Hoog overigens ook bij andere ondernemers te doen. We hebben dan wel een Landbouwuniversiteit en geen sigarenboerenuniversiteit, maar in het midden- en kleinbedrijf is dergelijke armoede ook te vinden. (MWo)
OR ongerust over reorganisatie hoofdgebouw
De ondernemingsraad van de LUW maakt zich ongerust over de reorganisatie van de centrale dienst in het bestuurscentrum. Aukje Bangma van de AbvaKabo vreest dat het centrale bureau van Wageningen UR na de samenvoeging van de bureaus van LUW en DLO te weinig aandacht zal hebben voor ondersteuning van de faculteit. Centraal DLO is een stafbureau dat het bestuur ondersteunt, maar het hoofdgebouw van de LUW voert ook allerlei taken uit voor de rest van de universiteit.
Volgens de projectleider van het stafbureau, ir Peter Booman, zijn deze zorgen onterecht. Een aantal stafdiensten zal de raad van bestuur ondersteunen, maar er zijn natuurlijk ook afdelingen, zoals Studentenzaken en studentenwerving, die absoluut noodzakelijk zijn voor de faculteit. Dat blijven we ook absoluut doen, hopelijk zelfs beter dan nu.
De raad van bestuur wil de nieuwe afdelingen Onderwijs, Onderzoek en Stafbureau volgend jaar in een keer reorganiseren. De afdeling Bedrijfsvoering, waar veel ondersteunende diensten onder vallen, zal later worden gereorganiseerd. Het bestuur wil per afdeling bekijken of de taken die de diensten uitvoeren in de toekomst uitbesteed kunnen worden
Geruchten in het hoofdgebouw dat de afdelingen Kennisbemiddeling en Onderwijs- en onderzoeksbeleid op 31 december 1998 zouden worden opgeheven, zijn volgens Booman gebakken lucht. Er zijn nog geen besluiten genomen over de toekomst van verschillende afdelingen van het bureau. (KVe)
Alleen universiteiten zelf maken zich druk over bezuinigingen
Zeg later niet dat we je niet gewaarschuwd hebben. Dat is de strekking van de boodschap die tijdens de opening van het academisch jaar bij drie universiteiten te horen was
Collegevoorzitter Veldhuis in Utrecht haalde het prestigieuze tijdschrift Nature aan. Dat omschreef de voornemens van Paars-II om geen extra geld uit te trekken voor wetenschappelijk onderzoek als een rearrangement of deckchairs on a sinking ship
Zelf noemde Veldhuis het beleid van het nieuwe kabinet beangstigend. Universiteiten leiden de komende jaren een groeiend aantal studenten op, terwijl de vraag naar academici op de arbeidsmarkt alleen maar zal stijgen. Het zou dus logisch zijn als het kabinet het hoger onderwijs meer geld geeft. Zeker nu de Nederlandse economie de wind in de zeilen heeft
Maar niets is minder waar. De universiteiten moeten honderd miljoen gulden ophoesten vanwege een efficiencykorting die Paars-II heeft bedacht. Ook moeten zij de nog openstaande bezuiniging van tweehonderd miljoen uit het tijdperk-Ritzen voldoen
De teneur in Delft was niet veel anders. Voorzitter De Voogd haalde het Amerikaanse blad Business Weekly aan. Daarin stond onlangs dat grensverleggend onderzoek en onderwijs belangrijke factoren zijn voor economische groei, welvaart en welzijn. Toch komt het woord techniek maar een keer in het regeerakkoord voor, aldus De Voogd. En toch gaat het nieuwe kabinet gewoon door met bezuinigen op universiteiten. Delft wil zich daarom minder afhankelijk maken van de overheid. De TU gaat op zoek naar fondsen voor onderzoek. Doel is om de derde geldstroom van de huidige 130 miljoen gulden uit te breiden tot 175 miljoen
Volgens Veldhuis moeten de universiteiten het regeerakkoord toch maar uitvoeren - ook al omdat behalve de universiteiten zelf niemand zich druk maakt over de bezuinigingen
Veldhuis heeft de stille hoop dat het kabinet straks door meevallers extra geld kan uitgeven. En dat minister Hermans dan zo bekwaam zal zijn om daarvan een deel te veroveren voor de universiteiten. (HOP)
Nieuwsfoto, In schort en overall
Te krap budget voor uitwonende studenten
Uit een onderzoek van het NIBUD onder 440 studenten blijkt dat uitwonende studenten maandelijks ruim honderd gulden meer uitgeven dan de maandbudgetten van de Informatie Beheer Groep hen toestaan. Thuiswonenden daarentegen houden gemiddeld per maand zo'n honderd gulden over. Door hun geldtekort hebben veel uitwonende studenten schulden, die kunnen oplopen tot meer dan 1500 gulden
Het tekort is voornamelijk te wijten aan hoge kamerhuren, die kunnen oplopen tot vijfhonderd gulden. Daarnaast geven studenten relatief veel geld uit aan cafes, restaurantjes, verenigingen en de bioscoop. Verder zijn ze maandelijks 150 gulden meer geld kwijt aan eerste levensbehoeften als voedsel en drank dan de IBG begroot
Hoewel uitwonende studenten van het ministerie van Onderwijs 330 gulden per maand meer krijgen dan thuiswonende studenten, kunnen zij van hun studiefinanciering niet rondkomen. Om er toch een sociaal leven op na te kunnen houden, moeten ze terugvallen op hun ouders of op een bijbaantje. Hiermee vullen de uitwonenden hun maandbedrag gemiddeld met zeshonderd gulden aan, waardoor ze uitkomen op 1350 gulden. Thuiswonenden verdienen gemiddeld 480 gulden bij en hebben zo'n 760 gulden te besteden. Het bedrag dat de studenten tekortkomen, wordt vaak geleend bij de bank of de staat
Vooral studiemateriaal blijkt een veel benutte bezuinigingspost. Hieraan geven studenten ongeveer de helft uit van het bedrag dat IBG begroot, mede dankzij een levendige ruilhandel in tweedehands studieboeken, lenen en kopieren
Terwijl kamerbewoners met moeite rondkomen, houden thuiswonende studenten juist geld over. Dit komt doordat het merendeel geen kostgeld betaalt. Daarnaast betalen de ouders ook de telefoonrekening en andere huishoudelijke uitgaven
De IBG wil de resultaten van het NIBUD-onderzoek nader bestuderen. (PvdW)
Water stroomt door vingers in komkleigrond
Een groot deel van de komkleigronden in Midden-Nederland en de duinzandgronden langs de kust heeft een waterafstotende werking. Dit betekent dat na een periode van droogte water moeilijk infiltreert, wat leidt tot oppervlakkige afstroming en bodemerosie. Bij langdurige regenval vormen zich zogenaamde vingers ofwel stroomgangen waardoor het water versneld een weg vindt naar het grondwatersysteem. De kans op verontreiniging van het grondwater wordt hierdoor drastisch vergroot. Dit concludeert dr ir Louis Dekker, die op 1 september promoveerde bij bodemkundige prof. dr Johan Bouma en hydroloog prof. dr Reinder Feddes
Dekker onderzocht de hydrologische eigenschappen van bodems op 865 locaties in het duingebied en op honderd locaties in het rivierengebied. De waterafstotende lagen zitten vooral in het bovenste gedeelte van de bodems. Vermoedelijk wordt de waterafstotendheid veroorzaakt door zuren die zich vormen bij de afbraak van organisch materiaal
Dekker bootste de infiltratie van water tijdens regenval na op het proefstation De Vlierd, door kleigrond te besproeien met water. Onderzoek aan bodemprofielen wees uit dat het water zich via een stelsel van gangen verplaatst. Dit is de eerste studie die erop wijst dat komkleigrond waterafstotend is en invloed heeft op de waterstroming door scheuren in de bodem
Dekker ontdekte verder dat wanneer kleigrond niet als grasland maar als bouwland wordt gebruikt, de bovengrond niet waterafstotend is. Dit komt waarschijnlijk deels door oxidatie van waterafstotende stof en deels door het openbreken van klei bij de grondbewerkingen. (HBou)
Bestuur bespreekt verweer tegen bezuinigingen

De raad van bestuur van Wageningen UR heeft op 2 september de dreigende bezuiniging van het ministerie van Landbouw op de LUW, twintig miljoen gulden in vier jaar, besproken. Het bestuur komt waarschijnlijk met een formeel verweer tegen de aanslag, meldt directeur dr Peter Booman van het stafbureau. Hij wil niet vooruit lopen op de verdere strategie van het bestuur. Dat bespreekt de dreigende korting op 9 september met de hoogleraar-directeuren van de LUW. (ASi)
Afvalhopen en ecologische percelen bron phytophthora
Afvalhopen en biologische aardappelpercelen kunnen zich ontpoppen als infectiehaarden van de schimmel phytophthora
In de natte zomer van 1994 vond besmetting van aardappelpercelen vroeg in het groeiseizoen plaats via onafgedekte afvalhopen. Ir Maarten Zwankhuizen van het laboratorium voor Fytopathologie kon dat voor 74 procent van de door hem onderzochte besmette velden duidelijk aantonen. Later in het groeiseizoen waren de biologische aardappelpercelen de boosdoeners. Dit publiceert Zwankhuizen in het augustusnummer van het wetenschappelijke tijdschrift Phytopathology. Zwankhuizen deed zijn promotieonderzoek van 1994 tot 1996 in het zuiden van de Flevopolder
In 1994 waren biologische percelen vroeg in het seizoen geen besmettingsbron. Biologische planten zijn resistenter en ontwikkelen zich wat later, verklaart Zwankhuizen. Maar na een eerste uitbraak van phytophthora via de afvalhopen blijven er op biologische percelen schimmels in leven. Op gangbare akkers kunnen die in een droge periode weer helemaal dood gespoten worden. Als het weer later in het seizoen vochtiger wordt, vormen de biologische percelen een besmettingsbron voor andere bedrijven. Zo'n biologisch perceel is met tien hectare veel groter dan een afvalhoop. Er staan zo honderdduizend zieke planten. Maar gangbare boeren die vroeg in het seizoen al last van phytophthora hebben, hebben dat meestal aan hun eigen afvalhopen te danken.
Om de besmettingsbron van een door phytophthora belaagd perceel te achterhalen, bekeek Zwankhuizen eerst in welke richting de concentratie van de schimmel phytophthora toenam. Zo vond hij de vermoedelijke infectiebron. Daarna bekeek hij of de schimmels in de vermoedelijke infectiebron en in het besmette veld ook genetisch sterk op elkaar lijken. De schimmelkolonie op elke afvalhoop heeft namelijk zijn eigen genetische samenstelling, omdat ze zijn ontstaan uit sporen die aan het eind van vorige seizoen via seksuele voortplanting zijn gevormd. Tijdens het groeiseizoen planten de schimmels zich vooral niet-seksueel voort en veranderen hun genetische eigenschappen nauwelijks
In 1996 zorgden de afvalhopen niet voor problemen. Eind 1995 was het droog en dan groeit de schimmel niet goed. Hierdoor zijn er weinig sporen gevormd die de afvalhopen konden besmetten. Vervolgens was 1996 ook geen nat jaar, waardoor phytophthora nauwelijks de kans kreeg zich te ontwikkelen, vertelt Zwankhuizen. Alleen op biologische percelen en in volkstuinen kwam de ziekte voor
Boeren moeten de afvalhopen beter afdekken, meent de fytopatholoog, zodat de afvalaardappelen niet uitgroeien tot planten die de ziekte kunnen verspreiden. (MS)
Genen voor melkproductie te gebruiken bij fokprogramma
Het is mogelijk om de genen die betrokken zijn bij kenmerken zoals melkproductie op te sporen en deze informatie te gebruiken in de fokkerij. Dat is op te maken uit twee promotieonderzoeken. Marco Bink heeft gewerkt aan een statistische methode die het mogelijk maakt om nauwkeurig te bepalen waar de betrokken genen zich bevinden. Richard Spelman concludeert dat fokkerij-organisaties met de methode uit de voeten kunnen. Beiden hopen op 4 september te promoveren
Het was al langer bekend dat dertig procent van de verschillen in melkproductie bij koeien genetisch bepaald is. Tot voor kort was echter onduidelijk welke genen en welke chromosomen betrokken waren bij de melkproductie. Inmiddels is het door toepassing van moleculair-genetische technieken gelukt de globale positie van de genen te vinden, niet alleen voor melkproductie maar ook voor factoren als vruchtbaarheid. Zodra zo'n gen is opgespoord is het mogelijk om dieren op een jongere leeftijd te selecteren
Bink heeft een methode ontwikkeld om op een efficientere manier gebruik te maken van de moleculair-genetische informatie. Op deze manier analyseerde hij 22 Nederlandse Holstein-Friesian-families. Zijn aanpak bleek een nauwkeuriger beeld te geven van de plek van de genen dan eerder gebruikte methodes
Spelman had in een eerdere analyse een gen gevonden dat een belangrijke bijdrage levert aan genetische verschillen voor eiwitpercentage tussen dieren. Daarna bekeek hij wat voor effect de informatie over genen kan hebben in een fokprogramma. Hij heeft gekeken naar de gewenste nauwkeurigheid van schattingen en concludeert dat die voldoende nauwkeurig zijn om tot implementatie in een fokprogramma over te gaan. (LeNo)
Emissie ammoniak op veen te hoog geschat
De werkelijke emissie van ammoniak voor grasland op veengrond is veel lager dan altijd is aangenomen. Tegelijkertijd is echter de depositie veel hoger. Dat betekent dat milieubeleidsstudies de netto-emissie aardig goed inschatten, hoewel de gebruikte modellen niet nauwkeurig genoeg zijn. Dat concludeert Marc Plantaz in zijn proefschrift over ammoniakuitwisseling, waarop hij op 2 september promoveerde
Plantaz heeft de netto-uitwisseling van ammoniak gemeten in een weiland op veengrond. Deze waarde vergeleek hij met de geschatte ammoniakvervluchtiging uit drijfmest, urine en kunstmest. Daarbij bleek de geschatte emissie, waar beleidsmakers altijd van uitgaan, twee maal te hoog te zijn. Nam hij ook de geschatte depositie mee, dan bleek die echter ook te hoog te zijn. De onderzoeker verklaart het verschil in emissie door de hoge zuurgraad van de grond. De grond houdt de ammonium vast, waardoor geen vervluchtiging meer kan plaatsvinden
Toepassing van een ander model beschreef de werkelijke situatie beter. Plantaz pleit daarom voor onderzoek naar betere modellen die uitgaan van regionale verschillen in emissiefactoren. Overigens durft Plantaz geen uitspraken te doen over de waarde van de landelijke studies. Mogelijk is de totale emissie wel zoals de studies aangeven. (LeNo)
Wageningse roeier naar studenten-WK

Argo-roeier Finn Borms heeft zich gekwalificeerd voor de wereldkampioenschappen roeien voor studenten (FISU-WK), op 26 en 27 september in Zagreb. Borms werd in juni Nederlands kampioen, waarmee hij zijn uitzending naar het FISU-WK zeker stelde. Het FISU-WK wordt dit jaar voor de vijfde maal georganiseerd. Een delegatie van 22 atleten zal Nederland vertegenwoordigen; de directeur van sportcentrum De Bongerd, Theo Joosten, is chef du mission. (ERi)
Aio's vinden sneller een baan
Het aantal aio's met een wachtgelduitkering neemt af. Dat blijkt uit de kwartaalrapportage van het Mobiliteitsbureau. Stonden vorig jaar nog 63 aio's ingeschreven bij het wachtgeldproject van het bureau, op 1 juli van dit jaar was het aantal gedaald tot 39. Het Mobiliteitsbureau denkt dat de daling te danken is aan de gunstige situatie op de arbeidsmarkt. Bovendien werpt het wachtgeldproject dat in 1997 begon zijn vruchten af. Het Mobiliteitsbureau begeleidt aio's tijdens hun wachtgeldperiode bij het zoeken naar een nieuwe baan
Het aantal gewone personeelsleden met een wachtgelduitkering nam niet af. Volgens Els Wegdam van het Mobiliteitsbureau hebben zij vaak motivatieproblemen, waardoor ze moeilijker aan een baan te helpen zijn dan aio's Die hebben een duidelijker doel voor ogen. (KVe)
Gouden Muis voor Forestry-site

Rector magnificus prof. dr Cees Karssen reikte woensdagmiddag in het bestuurscentrum de Gouden Muis uit aan Patrick Jansen. Hij won met zijn website Forestry de prijs voor de beste website binnen de Landbouwuniversiteit
De site, www.spg.wau.nl/forestry, blinkt uit door een frisse vormgeving en het veelvuldig gebruik van frames, waardoor de bezoeker te allen tijde weet waar hij zich bevindt. De informatie op de site is voor een breed publiek interessant
De Gouden Muis is een aanmoedigingsprijs; een schouderklopje voor enthousiastelingen die in hun vrije tijd een website opzetten en onderhouden. (PvdW)
SSHW verloot twee keer een maand gratis huren

De Stichting Sociale Huisvesting Wageningen verlootte dit jaar tijdens de Algemene introductiedagen twee keer een maand huur aan AID-lopers die haar stand op de informatiemarkt bezochten. De deelnemers moesten raden hoeveel sleutels er in een glazen pot zaten. Meerten Castelijns en Hanneke Heesmans kwamen het dichtst in de buurt van het exacte aantal van 384 sleutels, wat hen drie- tot vierhonderd gulden kan schelen. (PvdW)
Geld voor interviews

Het Praktijkonderzoek voor de Akkerbouw en de Vollegrondsgroenteteelt (PAV) wil vanaf 1 september in sommige gevallen een vergoeding vragen voor het geven van interviews en het leveren van expertise
Voor interviews worden de werkelijk gemaakte uren gerekend. Voor het leveren van expertise rekent het PAV minimaal een dagdeel inclusief de reisuren plus een vergoeding voor de gereisde kilometers
Het PAV gaat hiertoe over omdat het met lede ogen aanziet dat onderzoekers veel tijd steken in het voorbereiden en geven van interviews. Freelance journalisten krijgen daar ook geld voor. En dan komen ze met een publicatie op een tijdstip dat wij er ook net mee wilden komen. Wij hebben tenslotte ook een publicatieplicht, legt woordvoerder ing. Hein Leliveld uit. Overigens verwacht hij niet dat het Wagenings Universiteitsblad zal moeten betalen voor informatie van het PAV. (LeNo)
Rectificatie

De nieuwe gebouwen van IBN-DLO en SC-DLO zijn niet, zoals in WUB 25 stond, ontworpen door Gunther Behnisch. Het nieuwe IBN-gebouw is ontworpen door zijn zoon Stefan Behnisch; het SC-gebouw door Johan Meijer van B&D Architecten. (MWo)

Re:ageer