Wetenschap - 12 maart 1998

Nieuws

Nieuws

Nieuws
Conflict over ondersteuning OR
De raad van bestuur en de ondernemingsraad zijn het oneens over de faciliteitenregeling voor de ondernemingsraad
Oud-collegelid mr Henk van den Hoofdakker beloofde de vakbonden in april dat de ondernemingsraad en de studentenraad op dezelfde ondersteuning mochten rekenen als de universiteitsraad. De huidige vice-voorzitter van de raad van bestuur, Kees van Ast, noemt de belofte van Van den Hoofdakker ondoordacht. Ik vind het onzin om te zeggen: zoveel geld, want dat kreeg de universiteitsraad ook. Van Ast wil best reeel kijken naar de ondersteuning, maar is niet van plan zich aan de belofte van zijn voorganger te houden
De ondernemingsraad wil meer ambtelijke ondersteuning dan het college tot nu toe heeft toegezegd. Zestien uur ondersteuning per week is echt een lachertje, vond fractieleider Dick Verduin van VAWO-CMHF. Het dagelijks bestuur van de ondernemingsraad overlegt volgende week met Van Ast om tot een oplossing van het conflict te komen. (KVe)
Fundamenteel technisch onderzoek naar universiteit
De zogeheten grote technologische instituten (gti's) moeten hun fundamenteel en hun marktgericht onderzoek van elkaar scheiden. Instituten die vooral fundamenteel onderzoek doen, moeten aansluiten en misschien zelfs fuseren met universiteiten. Dat schrijft de AWT, de Adviesraad voor Wetenschaps- en Technologiebeleid, in een advies aan het kabinet
De gti's zijn: het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium in Amsterdam, het Energieonderzoek Centrum Nederland in Petten, het Waterloopkundig Laboratorium in Delft, Grondmechanica Delft en het Maritiem Research Instituut in Wageningen
De overheid steunt de gti's met zo'n 120 miljoen gulden per jaar om op bepaalde gebieden nieuwe, fundamentele kennis te ontwikkelen. Tegelijkertijd stimuleert diezelfde overheid de instituten om de markt op te gaan met hun onderzoek. Daarmee verdienen ze nog eens 280 miljoen
Het commerciele en het fundamentele onderzoek gaan slecht samen, stelt de AWT vast. De gti's zijn steeds minder bereid hun kennis te delen met anderen, hoewel dat nog steeds hun taak is. Met die kennis kunnen ze echter ook geld verdienen. Hun commerciele activiteiten drukken particuliere ingenieursbureaus uit de markt
Het netto-effect is dat er minder fundamenteel onderzoek verricht wordt. De gti's komen er niet aan toe en het bedrijfsleven is niet bereid ervoor te gaan betalen. De gti's moeten daarom kiezen: ofwel fundamenteel onderzoek doen ofwel de markt op gaan. Gti's die kiezen voor fundamenteel onderzoek moeten nauw gaan samenwerken, wellicht zelfs fuseren, met universiteiten, schrijft de AWT. (HOP)
Pas na de zomer reorganisatie van bestuurscentrum
Vice-voorzitter ir Kees van Ast van KCW wil voor de zomer een plan voor de organisatie van het nieuwe KCW-hoofdkantoor. Hij zei dat tijdens de vergadering van de ondernemingsraad op 5 maart. De projectleiders onderwijs, onderzoek, stafbureau en financiele zaken moeten voorstellen op tafel leggen over de benodigde ambtelijke staf voor hun directies. Direct na de zomervakantie wil Van Ast een reorganisatieplan aanmelden bij de vakbonden. Hij wil haast maken met de plannen, omdat het personeel snel duidelijkheid wil
Van Ast vond niet dat de ondernemingsraad zich zorgen hoefde te maken over de plannen. De raad had aangedrongen bij het bestuur op het aanmelden van een reorganisatie naar aanleiding van een brief van onderwijsdirecteur Bert Speelman. Daarin kondigde Speelman aan dat hij gesprekken wil voeren over de inrichting van zijn directie. We voeren alleen nog maar gesprekken. We bereiden slechts plannen voor. Een discussie over plekken is nu nog niet aan de orde, aldus Van Ast. (KVe)
Handhaven van gemengde bossen is kostbaar
Bosbeheerders die de houtproductie willen maximaliseren moeten niet verschillende boomsoorten naast elkaar planten. Monoculturen kunnen namelijk meer hout opleveren. Dit concludeert ir. Hank Bartelink, die 13 maart promoveert bij de leerstoelgroep Theoretische productie-ecologie
De bosbouwer ontwikkelde een model om de groei en de houtproductie van gemengde bossen te schatten. Bosbeheerders kunnen hiermee bepalen wat de effecten zijn van boomkeuzen en beheersingrepen op de ontwikkeling van een heel bos. Het model is gebaseerd op de onderlinge concurrentie en dynamiek van individuele bomen en op meteorologische factoren
Bartelink toont aan dat de houtproductie omlaag gaat als een monocultuur met douglas-dennen wordt omgezet in een gemengd bos met zowel douglas-dennen als beuken. Een bos met evenveel douglas-dennen als beuken heeft een houtproductie van ongeveer dertien kubieke meter per hectare per jaar, terwijl de houtproductie van douglas- en beukmonoculturen respectievelijk zestien en tien kubieke meter per hectare bedraagt. Volgens Bartelink ligt over het algemeen de productiviteit van gemengde bossen tussen die van de verschillende monoculturen in
Het handhaven van een gemengd douglas/beukenbos is erg kostbaar, meent Bartelink. De beheerder moet namelijk maatregelen treffen om te voorkomen dat de douglas de beuk verdrijft. Het model geeft aan dat in het gemengde bos de douglas sneller groeit dan de beuk en zo de beuk overschaduwt en belemmert in de groei. Om de bomenvariatie te behouden kan de bosbeheerder regelmatig douglas-dennen kappen, maar dat vermindert wel de productiviteit van het bos. Om in het gemengde bos de productie op peil te houden, stelt Bartelink voor de beuken in kleine groepen te planten zodat ze zich beter kunnen weren tegen de aanvallen van de dominante douglas. (HBou)
Nieuwsfoto, Forum landbouwkundig onderzoek

Lijstje beste opleidingen ergert universiteiten
Minister Ritzen heeft bij de universiteitsbesturen grote irritatie gewekt met een rapport vol ranglijstjes op basis van hun onderwijsvisitaties. Ritzen vroeg het Nijmeegse instituut IOWO eind vorig jaar om het proza van alle visitatierapporten van de laatste vier jaar te vertalen in cijferlijstjes per opleiding. Dat leidde tot een bundel vol cijfers voor driekwart van alle universitaire studies. De Landbouwuniversiteit behaalde volgens de onderzoekers geen enkele topscore en komt dus, evenals Rotterdam, niet op de lijstjes voor
Uit de berekende eindoordelen is, na een aantal bewerkingen, een lijst van 24 beste universitaire opleidingen gedestilleerd. Daaruit volgt dat Twente, Leiden en Maastricht (in die volgorde) de hoogste percentages top-opleidingen in huis hebben. Maar lang voor die conclusie blijken de meeste universiteitsbestuurders al af te haken
Het eerste kritiekpunt is dat zeker de helft van de gebruikte informatie verouderd is. De Groningse bestuurder Bleumink vindt het onbegrijpelijk dat er nog gewerkt is met rapporten uit begin 1994, die in feite gaan over de toestand in 1993. Verder roept de manier waarop het visitatieproza in cijfers is omgezet veel vragen op. Bleumink mist heldere weging van criteria en spreekt van cijferfetisjisme. Zijn Delftse collega ir N. de Voogd vindt de vele tabelletjes gekunsteld
Kleine disciplines wegen in de tabellen even zwaar als grote. En een nipte voorsprong op twee concurrenten levert evenveel op als een groot verschil in een veld van acht opleidingen. Zo vergelijk je echt appels met peren, vindt de Maastrichtse rector prof. dr A.C. Nieuwenhuijzen Kruseman. En hij wijst erop dat zijn universiteit volgens het IOWO hoog scoort op drie grote vakgebieden: rechten, economie en geneeskunde. In geen enkel terrein is de universiteit zwak. Toch eindigt Maastricht achter Leiden, dat eerste plaatsen haalt in vier kleine disciplines: natuurkunde, sterrenkunde, godgeleerdheid en politicologie. Die studies verzorgen wij niet eens, aldus Nieuwenhuijzen. Hij wijst erop dat Leiden slechte cijfers haalt in grote studies als rechten, geneeskunde en psychologie. Ik kan het zeggen, want wij komen er nog goed van af, vindt Nieuwenhuijzen. Maar als je rankings zo aanpakt, zegt het helemaal niks. (HOP)
Eerste secretaresse LUW wordt 100 jaar

Jo Bosman-Traarbach, de eerste secretaresse die aan de Landbouwuniversiteit werd benoemd, wordt op 17 maart aanstaande honderd jaar. Bosman-Traarbach werd op 4 juli 1919 aangesteld door rector-magnificus J.H. Aberson van de toenmalige Landbouwhogeschool. In een brief aan de voorzitter van het college van curatoren, jonkheer S. Citters, verzocht Aberson om in verband met steeds toenemende werkzaamheden op het bureau de schrijfster mejuffrouw Traarbach in vaste dienst te mogen nemen voor een jaarsalaris van duizend gulden
Bosman-Traarbach was al in 1917 in tijdelijke dienst gekomen om de schrijver Dirk Bosman, haar latere echtgenoot, te vervangen tijdens diens mobilisatietijd. Toen heette de LUW nog de Rijks Hoogere Land-, Tuin- en Boschbouwschool. In 1918 werd de school bevorderd tot Landbouwhogeschool. Prins Hendrik verrichtte de opening. Bij de plechtigheid in de kerk op de markt waren hoeden verplicht, herinnert Bosman-Traarbach zich nog
Bosman-Traarbach is twintig jaar ouder dan de Landbouwuniversiteit, hetgeen een unicum mag heten. Ze woont nog altijd zelfstandig, aan de August Faliseweg. (LWu)
Aio's ontevreden over hun onderwijs
Het aio-radenoverleg (aro) is ontevreden over het tweede-faseonderwijs van een aantal Wageningse onderzoekscholen. Een goede structuur voor het onderwijs ontbreekt en de bereidheid van de wetenschappelijke staf om naast de drukke werkzaamheden een cursus te verzorgen, is klein
Bij het Mansholt-instituut is het onderwijsaanbod volgens het aro zeer beperkt, vooral buiten de economische vakgebieden. Ook bij andere scholen wordt volgens de aio's vaak weinig aandacht besteed aan het tweedefaseonderwijs. Bij onderzoekschool M&T is het toxicologisch onderwijs goed geregeld, maar is het onderwijs voor de milieuchemici hap snap. De cursussen van milieuschool Wimek worden vaak door de overkoepelende Sense-school verzorgd. Voor de cursussen is weinig animo, stelt vertegenwoordiger ir Marieke de Lange. De cursussen zouden te breed zijn en te weinig toegesneden op de wensen van de individuele aio. Het dierkundig instituut Wias biedt wel voldoende cursussen aan, maar controleert volgens de aio's te weinig op de onderwijskwaliteit
De aio-vertegenwoordigers van de scholen Productie Ecologie, Experimentele plantwetenschappen (EPW) en Voeding, levens- en agrotechnologie en gezondheid (VLAG) waren wel te spreken over het cursusaanbod. Vooral de summer courses van EPW zouden volgens aio Theo van der Leen als voorbeeld kunnen dienen voor andere scholen. De aio's van VLAG zijn te spreken over het aanbod, maar zien wel graag een vertegenwoordiger in de onderwijscommissie van de school
Onderwijsdirecteur Speelman zal de grieven van de aio's bespreken met de directeuren van de onderzoekscholen. (KVe)
Onderzoek naar armoede bij agrarische gezinnen
Ir Marijke Dohmen van het Fonds Wetenschapswinkel van de LUW heeft een mondelinge toezegging van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 150 duizend gulden voor een onderzoek naar armoede in de landbouw. Omdat de toezegging nog niet zwart op wit binnen is, weet Dohmen nog niet helemaal zeker of het onderzoek daadwerkelijk doorgaat. Bovendien moet de Rabobank eind van de maand nog beslissen of ze een ton beschikbaar stelt. De totale kosten van het onderzoek naar armoede bij agrarische gezinnen bedragen drie ton
Het onderzoeksvoorstel is door het Fonds Wetenschapswinkel opgesteld naar aanleiding van een vraag van het Kritisch LandbouwBeraad, het Steunpunt BoerinnenBelangen en de Werkgroep Kerken en Landbouw van de Raad van Kerken. Aanleiding waren dalende inkomenscijfers die het Landbouw-Economisch Instituut jaarlijks bekendmaakt. Zo was het gemiddelde gezinsinkomen in het boekjaar 1995 nog geen 43 duizend gulden. De zwakkere bedrijven staan er zelfs nog duizenden tot tienduizenden guldens slechter voor
Als het onderzoek doorgaat zullen honderden interviews worden afgenomen onder boerengezinnen, waardoor naast cijfers ook een sociaal beeld van de problematiek kan worden gegeven. Voor 1,5 jaar zal een contractonderzoeker worden aangesteld, die onder begeleiding van dr Cees de Hoog van de sectie Huishoudstudies van het departement Economie en Management zal werken. Ook Henriette Maassen van den Brink, hoogleraar Economie van het huishouden, heeft laten weten dat ze wil participeren in het onderzoek
Dohmen is blij met het voornemen van het ministerie geld beschikbaar te stellen. Uit de mondelinge toezegging blijkt dat het thema armoede ook door het ministerie van LNV serieus wordt onderkent. Overigens heeft minister Van Aartsen, die persoonlijk heeft beslist, wel de voorwaarde gesteld dat we met het LEI samenwerken.(WRe)
Duizenden studenten mogelijk ten onrechte gekort
Zo'n tienduizend studenten worden ten onrechte driehonderd gulden per maand gekort als de bevolkingsregisters worden gekoppeld aan de databestanden van de Informatie Beheer Groep. Dat blijkt uit een nog vertrouwelijk rapport over de uitbreiding van de zogeheten Koppelingswet
Het kabinet wil de IBG binnenkort toestemming geven om haar bestanden te koppelen aan de bevolkingsregisters. Door beide administraties te vergelijken, kan de IBG eenvoudig studenten opsporen die ten onrechte een beurs voor uitwonenden krijgen. Een uitwonende student krijgt driehonderd gulden per maand meer dan iemand die thuis woont
Minister Ritzen vreesde dat de uitbreiding van de wet veel studenten dupeert. Het onderzoek waarvoor hij opdracht gaf, geeft hem daarin gelijk. Vooral studenten in Delft, Utrecht en Amsterdam worden gedwongen te sjoemelen. De woningnood is daar zo hoog dat studenten vaak alleen een kamer kunnen huren mits zij zich niet inschrijven bij de gemeente. De huisbaas loopt zo geen kans dat hij wordt gekort op zijn uitkering of huursubsidie, of veel belasting moet betalen
In totaal staan hierdoor zo'n tienduizend studenten niet officieel in de boeken als huurder, zo blijkt uit het rapport. Een enquete van de Amsterdamse studentenbond Asva-Obas ondersteunt het onderzoek. Volgens de enquete zal ongeveer een op de tien uitwonende studenten in Amsterdam worden gekort
Minister Ritzen is bezorgd over deze uitkomst. Hij wil daarom dat het kabinet de koppelingswet opnieuw bespreekt. Intussen overlegt hij met de landelijke studentenbonden LSVb en ISO. Beide bonden zien maar een mogelijkheid: het kabinet moet de plannen intrekken. Studenten zijn de klos voor iets waar ze niets aan kunnen doen. Het is niet hun schuld dat er te weinig woonruimte is, zegt LSVb-bestuurslid Farid Tabarki
De LSVb vindt dat het kabinet met een kanon op een mug schiet. Studenten frauderen nauwelijks, meent Tabarki. En bovendien: studenten verhuizen zo vaak dat veel gemeentes dat niet kunnen bijhouden. Het bevolkingsregister van Amsterdam bijvoorbeeld is een puinzooi. En de IBG maakt soms zelfs bij thuiswonenden nog fouten. Daarvan mogen studenten natuurlijk niet de dupe zijn. (HOP)
Nieuwsfoto, Persprijs

Volgens de jury schrijft Vermij op een uitstekende manier voor een breed publiek over de resultaten van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van landbouw, natuur en milieu. Hij snijdt onderwerpen aan die maatschappelijk gevoelig liggen en weet ze zo te verpakken dat ook een randstedelijk lekenpubliek er door geboeid raakt en zich bewust wordt van de betekenis die landbouw en milieu hebben voor de nationale en internationale samenleving. Hij weet ook door te laten klinken hoe verbaasd wetenschappers zelf soms zijn en hij geeft de context goed weer
Vermij studeerde biologie in Groningen. Naast zijn werk bij Het Parool is hij als docent verbonden aan een cursus wetenschapsjournalistiek en was hij redacteur van een televisieprogramma over biotechnologie: Een rondje DNA
Vermij vindt het leuk dat hij de prijs krijgt, maar weet nog niet wat hij met het geld gaat doen. Hij kende de prijs al; hij kon zich nog herinneren dat vier jaar geleden het VARA-programma Vroege vogels had gewonnen. Het Wagenings Universiteitsfonds reikt de persprijs elke vier jaar uit. (MS, foto GyA)
Slordige boeren doen verwachte ammoniakreductie teniet
Hoewel de veehouderij veel ammoniakemissie-reducerende maatregelen zijn opgelegd, blijkt die emissie sinds 1990 nauwelijks afgenomen. Het Landbouw-Economisch Instituut (LEI-DLO) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) hebben berekend dat als gevolg van de verordonneerde maatregelen een reductie van pakweg veertig procent zou moeten zijn gehaald. Uit meetgegevens van het RIVM en Energieonderzoek Centrum Nederland blijkt echter dat de ammoniakconcentratie in de lucht ongeveer gelijk is gebleven
Volgens ir Peter Hofschreuder van de leerstoelgroep Luchtkwaliteit was al jaren bekend dat de gemiddeld gemeten ammoniakconcentratie in de lucht niet veel verandert, en dat er dus ook niet veel verschil in emissie kan zijn. De meest logische verklaring is volgens Hofschreuder dat de maatregelen die de overheid oplegt, zoals een uitrijverbod in bepaalde maanden, het afdekken van mestsilo's, het emissiearm toedienen van mest en het aanscherpen van de bemestingsnormen, niet het beoogde effect hebben gesorteerd, terwijl het RIVM wel met de bijbehorende reductiecijfers heeft gerekend
Tijdens de varkenspest is gebleken dat er in Nederland veel meer varkens worden gehouden dan in de meitelling worden opgegeven. Dus is er ook veel meer mest geproduceerd. Bovendien kan er meer mest op het land zijn gebracht dan is toegestaan. Ook kan er bij de emissiearme toediening van alles misgaan, waardoor de reductie veel kleiner is dan de aangenomen negentig procent. Ruwe schattingen van ons hebben in het verleden al aangegeven dat de ammoniakreductie van emissiearme toediening hooguit zestig procent kan zijn. Zo zijn bij zodeninjectie van mest onder andere de dosering, de snelheid, de diepte en het aandrukken van groot belang om een optimale reductie van ammoniakemissie te krijgen
Slordige toepassing van technische maatregelen maakt de cijfers waarmee is gerekend onbetrouwbaar. Ook kan het zijn dat de reductiepercentages die onder optimale proefomstandigheden zijn verkregen in praktijk sowieso niet haalbaar zijn. De precieze oorzaak van de tegenvallende resultaten is daarom niet te geven. Voor instituten als het RIVM, ECN, IMAG en de LUW reden om een groot onderzoeksproject voor te bereiden om het verschil tussen berekende en gemeten reductiegegevens beter te kunnen kwantificeren en modelleren. (WRe)
Wetenschap moet op kennisdagen dialoog met maatschappij aangaan
Ir Theo Theijse hoopt dat afdelingshoofden van de Landbouwuniversiteit de Wageningse Kennisdagen op 16, 17 en 18 april zien als een wetenschappelijk congres en hun medewerkers er onder werktijd heen laten gaan. Het kennisfestival moet een sterke impuls geven aan de openbare dialoog tussen wetenschap en maatschappij, meent Theijse, die voorzitter is van de stuurgroep van de Wageningse Kennisdagen en hoofd van het bureau van de Landbouwuniversiteit. Het is voor de wetenschap belangrijk om de dialoog aan te gaan. De meeste symposia zijn alleen gericht op kennisoverdracht en niet op een dialoog.
Tijdens de Wageningse kennisdagen worden lezingen en forumdiscussies georganiseerd over voedsel en groene ruimte. Theijse vindt het bijzonder dat het festival verschillende maatschappelijke groeperingen bij elkaar brengt: mensen van natuur-, milieu- en consumentenorganisaties, wetenschappers, politici, mensen uit het bedrijfsleven en het geinteresseerde publiek. Dat gebeurt nu veel te weinig.
De Wageningse wethouder Peter Spitteler wil met het kennisfestival Wageningen duidelijker op de kaart zetten. Wageningen is vooral buiten Nederland bekend en niet in Nederland. Volgens Spitteler moet ook duidelijk worden dat Wageningen veel meer is dan alleen een universiteit; er zijn ook veel kleine bedrijven die iets met kennis doen
De organisatie van de Wageningse Kennisdagen kost ongeveer een miljoen gulden. Het initiatief komt van de stichting Kennisstad, waarin de Landbouwuniversiteit, de Dienst Landbouwkundig Onderzoek, bedrijven en lokale overheden deelnemen. De stichting betaalt de ene helft van de kosten en sponsors de andere. De organisatie wil van de kennisdagen een tweejaarlijks evenement maken
Theijse verwacht tien- tot vijftienduizend bezoekers. De open dag voor vwo-scholieren valt samen met het kennisfestival. Zo krijgen zij een beter beeld van Wageningen, meent Theijse. Door het kennisfestival zien ze ook de toepassingen van de wetenschap en ze krijgen kritische geluiden over wetenschap te horen van bijvoorbeeld een cabaretier. Misschien trek je zo wel honderd scholieren meer naar Wageningen. (MS)
NWO kiest ander toponderzoek dan minister Ritzen
Vervolg van de voorpagina
Onder de gelukkige onderzoeksgroepen die NWO de komende tien jaar elk drie tot tien miljoen extra wil geven voor toponderzoek, bevindt zich geen groep uit de alfa- of gammasector. Minister Ritzen is het daar niet mee eens. Hij waarschuwde NWO twee weken geleden per brief nog dat ze bij de selectie rekening moest houden met de spreiding over de wetenschapsgebieden: ook de sociale wetenschappen en de letteren moesten geld krijgen
NWO heeft zich daar weinig van aangetrokken. In december maakte zij al een eerste schifting van elf kandidaten voor de miljoenensteun. De twee groepen met alfa- en gamma-inbreng die toen nog in de race waren, hebben het uiteindelijk niet gehaald. De NWO-commissie die de selectie maakte, vond die twee voorstellen duidelijk minder goed dan de zes die wel voor steun zijn voorgedragen. Het voorstel van EPW werd nog iets minder goed beoordeeld
Ook op een ander punt heeft Ritzen zijn zin niet gekregen. Bundelingen van meer dan een bestaande onderzoekschool krijgen alleen in zeer speciale gevallen steun, schreef hij twee weken geleden. Hij steekt liever geld in plannen waaraan een school meedoet. Maar slechts drie van de zes gekozen groepen voldoen aan die eis. Aan de topgroep Biomedische genetica doen zelfs zes onderzoekscholen mee. Een woordvoerder van Ritzen zegt nu met nadruk dat het voorstel van NWO een advies is. Eind april hakt de minister knopen door
De verdeling van toponderzoekscholen over de universiteiten is ook niet evenredig. Utrecht doet aan vier van de zes topgroepen mee, de Universiteit van Amsterdam, Leiden en Groningen zijn bij drie initiatieven betrokken. De technische universiteiten van Eindhoven en Delft en de Vrije Universiteit zijn bij twee scholen betrokken en de Erasmus Universiteit bij een
Met de extra steun voor toponderzoek is voorlopig vijftig miljoen gulden gemoeid. Later komt daar in een tweede ronde nog eenzelfde bedrag bij. Dat geld moet worden weggehaald bij de gezamenlijke universiteiten. Die krijgen vijf jaar de tijd om het geld vrij te maken
Wie niet meedoet aan een topgroep, schiet er geld bij in. De universiteiten van Nijmegen, Tilburg, Maastricht en Twente leveren op termijn tussen de 1,2 en 4 miljoen per jaar in voor de steun aan toponderzoek en krijgen daar niets van terug. Dat geldt echter niet voor Wageningen, vertelt dr Henk van der Lans van de afdeling Onderwijs en onderzoeksbeleid van de LUW. Het ministerie van LNV stelde zijn zes miljoen alleen ter beschikking voor een topschool op het gebied van de landbouwwetenschappen. De zes geselecteerde voorstellen vallen daar waarschijnlijk niet onder. Als het voorstel van EPW wel geselecteerd was, had de LUW zelf zes miljoen moeten vrijmaken voor het voorstel van EPW
De universiteiten en NWO zijn het overigens nog niet eens hoe de honderd miljoen voor toponderzoek besteed moet worden. NWO wil dat het geld opgaat aan de directe onderzoekskosten, zoals salarissen en apparatuur. De universiteiten willen dat ook zaken als huisvesting en het gebruik van de bibliotheek ermee betaald worden. Gebeurt dat niet, zeggen de universiteiten, dan kost het toponderzoek de facto veel meer dan honderd miljoen. Ook over deze kwestie neemt minister Ritzen uiteindelijk de beslissing. (HOP/MS)
De Swaan: NWO financiert vooral routineus onderzoek
Achterklap en wantrouwen. Dat is de sfeer in de sociale wetenschappen als het gaat om het verdelen van geld van onderzoeksorganisatie NWO. De Amsterdamse sociologiehoogleraar Bram de Swaan heeft er genoeg van en schreef een gepeperde brief aan de NWO-stuurgroep die subsidies verdeelt voor onderzoek naar de multiculturele samenleving. Dat moest vernieuwend onderzoek zijn, maar volgens De Swaan is het geld tot nu toe vooral terecht gekomen bij routineus onderzoek
Daarmee bevestigt de stuurgroep de patronen die al zo lang doorwoekeren in de sociaal wetenschappelijke sector van NWO, schrijft De Swaan: onderzoek van degenen die dicht bij het vuur zitten krijgt geld, buitenstaanders met afwijkende plannen vissen achter het net. De Swaan heeft genoeg van de sfeer van achterklap en wantrouwen en zegt zijn lidmaatschap van de stuurgroep op
NWO is onaangenaam verrast. NWO-geld gaat vooral naar onderzoek waarin gebaande paden bewandeld worden, zeggen de critici. Niet waar, zegt NWO zelf, zeker niet na de ingrijpende reorganisatie die nu gaande is. Mutual back scratching kan niet meer, zei NWO-voorzitter Van Duinen vorige maand nog. Ritzen wil dat NWO twee keer zo veel geld te verdelen krijgt als nu, en NWO is daar klaar voor, aldus Van Duinen. Maar net nu daarover beslissingen vallen, blijkt dat die opvatting niet onomstreden is
De stuurgroep multiculturele samenleving begrijpt niet waar De Swaan het over heeft. We hebben in grote harmonie gewerkt, zegt de Utrechtse antropoloog Arie de Ruijter, voorzitter van de stuurgroep. In onze vergaderingen hebben we niets gehoord van De Swaans bezwaren - die trouwens aantoonbaar onjuist zijn. Volstrekt verrast is De Ruijter desondanks niet. Toen ik het lijstje toegekende subsidies zag, dacht ik al: jongens, dit kan scheve ogen geven.
Inmiddels zijn in de Tweede Kamer vragen gesteld over het werk van de stuurgroep. De vragensteller is VVD-Kamerlid Oussama Cherribi. Die werkt in zijn vrije tijd aan een proefschrift over de multiculturele samenleving bij De Swaan. (HOP)
Bibliotheken blij met afblazen uitgeversfusie
De universiteitsbibliotheken zijn blij dat de uitgeversfusie tussen Reed Elsevier en Wolters Kluwer van de baan is. Maar zij gaan door met hun pogingen de prijzen van wetenschappelijke tijdschriften in de hand te houden. Binnenkort vormen de bibliotheken een wereldwijde coalitie. We hebben nog niets bereikt, er is alleen een dreiging afgewend, zegt voorzitter Klugkist van de verenigde Nederlandse universiteitsbibliotheken, de UKB
De uitgeversfusie strandde op verzet van de Europese Commissie, die vreesde voor monopolievorming. Ook de UKB was daar bang voor. De nieuwe uitgeversgigant zou in sommige sectoren het monopolie hebben op de markt van wetenschappelijke tijdschriften en de UKB vreesde dat dat tot prijsopdrijving zou leiden. De kosten van abonnementen rezen toch al de pan uit, vond ze
De UKB gaat door met haar pogingen bibliotheken op een lijn te krijgen. Nog deze maand wordt de International Coalition of Library Consortia opgericht, met de UKB als een van de tachtig a negentig leden. Het is de bedoeling dat deze coalitie zich achter afspraken schaart die de UKB met Duitse bibliotheken maakte. Wereldwijd stellen bibliotheken dan dezelfde eisen in hun onderhandelingen met uitgevers. Zo zullen zij koppelverkoop van elektronische en papieren tijdschriften weigeren
UKB-voorzitter Klugkist verwacht geen wonderen van de coalitie, wel positieve effecten. De uitgevers opereren wereldwijd, dan moeten wij dat ook doen. (HOP)

Re:ageer