Wetenschap - 18 december 1997

Nieuws

Nieuws

Nieuws
Veel hoogleraarvacatures op Zodiac en Leeuwenborch
Het leerstoelenplan bevat tien nog niet voor werving vrijgegeven leerstoelen. Op Zodiac en in de Leeuwenborch zijn zoveel vacante leerstoelen dat het college van bestuur de invulling van deze stoelen in samenhang wil bekijken, ook rekening houdend met het fusieproces met DLO. Dat bleek 1 december tijdens de vergadering van de overleggroep onderwijs en onderzoek van de universiteitsraad
Er is een ware leegloop van hoogleraren op Zodiac. Na het vertrek van hoogleraar Veehouderij prof. dr Jos Noordhuizen, heeft ook deeltijd-hoogleraar Neuro-endocrinologie dr Victor Wiegant zijn vertrek naar Utrecht aangekondigd. Hoogleraar Algemene dierkunde, dr Jan Osse, gaat met vervroegd pensioen. Bovendien wordt er een nieuwe hoogleraar Ethologie gezocht. Het departement Dierwetenschappen moet nu van het college van bestuur eerst gaan werken aan een visie over de samenwerking met andere KCW-partners, alvorens er gewerkt wordt aan de exacte invulling van de vacante leerstoelen. Voorlopig worden de leerstoelen niet vrijgegeven voor werving
Ook op de Leeuwenborch zijn er zoveel vacatures dat het college die in samenhang en KCW-verband wil bekijken. Daarom hebben de voorzitters van het departement Sociale wetenschappen en het departement Economie en management de opdracht met een gezamenlijk advies te komen. De vacatures ontstaan doordat hoogleraar Agrarische bedrijfseconomie, dr ir Jan Renkema, met vervroegd pensioen gaat, de hoogleraar bij Bedrijfskunde op non-actief gesteld is en de nieuwe leerstoel Sociologie van beleid en bestuur nog niet ingevuld is. Tot slot moet het college nog een besluit nemen over de invulling van de leerstoel Agrarisch recht van de westerse gebieden. Daar is nu een adviescommissie voor ingesteld
Verder blijkt de invulling van de leerstoel Marktkunde en consumentengedrag een groot probleem te zijn. Nadat de eerste kandidaat na zijn voordracht door de universiteitsraad alsnog bedankte, heeft het college de benoemingsadviescommissie een tweede poging laten doen. Maar ook deze tweede poging is mislukt; de commissie heeft geen geschikte, geinteresseerde kandidaat kunnen vinden. Prorector Speelman: We hebben nu een serieus probleem. Misschien moeten we wel wachten op een nieuwe generatie marktkundigen. De commissie heeft volgens hem ook al internationaal gezocht. (MS)
Wiegant naar Utrecht

De Wageningse deeltijdhoogleraar dr Victor Wiegant geeft zijn Wageningse leerstoel op en wordt per 1 januari 1998 hoogleraar in de psycho-neuro-endocrinologie aan de Universiteit Utrecht. Hij werkt momenteel al als hoofddocent aan de faculteit Geneeskunde. Wiegant vindt het werken in twee deeltijdbanen in deze tijd van gebrekkige infrastructuur aan de universiteiten niet meer haalbaar. Hij had het gevoel in twee deeltijdbanen bijna het werk van twee voltijdbanen te moeten verzetten
Wiegant koos ervoor om helemaal in Utrecht te gaan werken - al zal hij de typisch Wageningse cultuur missen - omdat de stabiliteit van zijn positie en de toekomstperspectieven daar aanzienlijk beter zijn. In Wageningen wordt te veel gekaasschaafd. Als je in Wageningen je kont omdraait, ben je alweer iemand kwijt. Ook vacatures die lange tijd niet ingevuld worden, dwingen groepen in een neerwaartse spiraal, meent Wiegant. Die instabiliteit is vooral heel negatief voor fundamentele groepen. In Wageningen realiseert men zich onvoldoende hoeveel tijd het kost om tweedegeldstroomonderzoek binnen te halen als je moet concurreren met fundamentele groepen van andere universiteiten. Toegepastere onderzoekers, zoals vistelers, halen makkelijker geld binnen, ook al omdat ze vaak in Nederland de enige zijn met een bepaalde expertise. (MS)
Raad wil invulling leerstoel Ecofysiologie van planten
De universiteitsraad heeft 9 december unaniem een amendement aangenomen waarin de personele invulling van de leerstoel Ecofysiologie van planten wordt bepleit. Het college van bestuur had deze leerstoel geplaatst op de lijst niet vrij te gegeven vacatures en er vervolgens achter gezet dat het van plan is deze leerstoel helemaal niet meer in te vullen
De raadsfracties CL, PP en Tap'82 verzoeken het college in het amendement om de leerstoel Ecofysiologie van planten toch in te vullen zoals afgesproken bij de vaststelling van het leerstoelenplan en te bekostigen binnen het leerstoelen-plan
De belofte die aan het departe-ment Biomoleculaire wetenschappen (BMW) is gedaan, moet worden nagekomen, vindt de universiteitsraad. Deze leerstoel, die een brugfunctie tussen BMW en de voormalige sector Plant- en gewaswetenschappen moet verzorgen, is ingesteld om BMW niet te veel achter te stellen op waar het volgens de berekeningen recht op heeft. Bovendien wilde de commissie-Verhoeff zelfs een hele leerstoel op dit terrein, motiveert de raad. Het college gaat zich nog beraden over het amendement. Het wil eigenlijk dat er meer samengewerkt wordt met de Universiteit Utrecht en de Katholiek Universiteit Nijmegen. (MS)
Visitatiecommissie kritisch over vrije keuze

De visitatiecommissie die de studierichting Bodem, water en atmosfeer bezocht, is tevreden over het niveau van de afgestudeerden. Voorzitter van de commissie ir J. de Ridder noemde het niveau van de studenten goed. Dat niveau kan echter zeer goed worden als de studenten de mogelijkheden van de vrije keuze volledig uitbuiten, meent De Ridder. De commissie had, zoals veel visitatiecommissies in het verleden, kritiek op de vrije keuze voor studenten. Die biedt volgens de commissie studenten de mogelijkheid om ook in het laatste deel van de studie gemakkelijke inleidende vakken te volgen
De commissie had ook kritiek op de waardering van de afstudeervakken. Die worden nu beoordeeld met een cijfer van 7 tot en met 9. De commissie wil dat de cijfers 6 en 10 vaker worden gegeven. De Ridder was tevreden over de voorlichting en de studiebegeleiding; de studentenaantallen stijgen en het studierendement is hoog
Om de herkenbaarheid van de opleiding te vergroten, zou de commissie graag een verantwoordelijke professor als aanspreekpunt aanstellen. Bodem, water en atmosfeer is in zekere zin een virtuele opleiding. Het heeft geen eigen gebouw, het is daarom moeilijk een eigen identiteit te krijgen. Een duidelijk aanspreekpunt is daarom wenselijk. (KVe)
Winst en ontslagen zijn moeilijk te rijmen
De begroting van de LUW voor komend jaar voorspelt een overschot van 4,7 miljoen. Toch moeten de leerstoelgroepen de komende jaren bezuinigen. Het overschot wordt toegevoegd aan de reserves van de universiteit. Dat is niet uit te leggen aan met ontslag bedreigde medewerkers, denkt de universiteitsraad. Voorstellen om het exploitatieresultaat op nul te krijgen, bleken echter niet haalbaar
Ik wil daar een nul zien; hoe doe ik dat?, vroeg Geert Thijssen aan hoofd Financien drs Paul van Vliet tijdens een schorsing. Deze kon het raadslid echter niet helpen. Hooguit kan de winst met een boekhoudkundige truc tot nul worden gereduceerd
Verdeling van het geld is volgens collegelid ir Kees van Ast lastig, omdat het verwachte overschot te danken is aan het contractonderzoek. Dat geld mag de raad niet verdelen. Bovendien is het nog onzeker of het daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Ook hoeft het niet zo te zijn dat het geld wordt verdiend door departementen met een tekort in de eerste geldstroom. Mocht dit wel zo zijn, dan kan een departement met ontslag bedreigde medewerkers natuurlijk betalen uit de derde geldstroom, zo verduidelijkte Van Ast
De raad nam genoegen met deze uitleg, maar wil wel dat het overschot in de begroting wordt toegelicht. Tenslotte hebben wij ook tijd nodig gehad om het te begrijpen, aldus Thijssen. (LKe)
Fusarium-schimmel laat vlas wegrotten
In tegenstelling tot wat altijd gedacht werd, laat de beruchte bodemschimmel Fusarium oxysporum f. sp. lini vlas niet verwelken, maar laat het de wortels wegrotten, waarna de planten sterven. Met deze nieuwe kennis is het beter mogelijk om te zoeken naar resistente rassen. Dat schrijft dr Ineke Kroes in haar proefschrift Aspects of resistence of flax and linseed to Fusarium oxysporum f.sp.lini, waarop zij 15 december promoveerde. Kroes was als aio van de vakgroep Plantenveredeling gedetacheerd bij het CPRO-DLO
De bodemschimmel Fusarium is al eeuwenlang een probleem in de vlasteelt. Er bestaan genotypen met een goede resistentie tegen de schimmel, maar van de moleculaire en biochemische achtergrond van deze resistentie is nagenoeg niets bekend. Daarom lukt het ook nog steeds niet om resistente exemplaren te selecteren uit percelen besmette vlas. Kroes heeft daarom gedetailleerd naar het infectie- en kolonisatieproces van de schimmel gekeken. Zo ontdekte ze dat Fusarium in eerste instantie de wortels laat wegrotten. Dit verwerpt de oude hypothese dat Fusarium de vaatbundels verstopt en zodoende de plant laat verwelken
Kroes baseert hier een nieuwe methode op om in vitro de vlas te screenen op resistentie. De bestaande veldtoetsen leveren zulke variabele resultaten op, dat er voor een betrouwbaar beeld gedurende meerdere jaren op verschillende locaties getoetst moet worden. De door Kroes ontwikkelde laboratoriumtoets maakt het voor veredelingsbedrijven eenvoudiger en goedkoper om nieuwe resistente rassen te ontwikkelen. (GDu)
Darmbacterien vergroten stikstofverlies van varkens
Doordat de bacterieflora in de dunne darm van gespeende biggen na verloop van tijd toeneemt, verandert de compositie van aminozuren uit eiwitten die de big aan het einde van de dunne darm kan opnemen. De darmbacterien assimileren aminozuren, die het varken daardoor niet meer kan opnemen. Dat concludeert de Canadese bioloog William Caine, die 18 december promoveerde bij de veevoedingshoogleraren prof. dr ir Seerp Tamminga en prof. dr ir Martin Verstegen en bij prof. dr W. Sauer van de Universiteit van Alberta in Canada
Caine onderzocht hoe de aminozuren in het voer van varkens zo goed mogelijk zijn af te stemmen op het verkrijgen van optimale dierprestaties en het laag houden van de milieubelasting. Hij bestudeerde hiertoe de invloed van rantsoenen en fysiologische factoren op de terugwinning van aminozuren aan het einde van de dunne darm
Behandeling van het voer met het enzym protease blijkt de verteerbaarheid van eiwitten uit sojaschroot in varkensrantsoenen te verbeteren. Dit enzym heeft echter geen effect op de verteerbaarheid van aminozuren in de dunne darm van pas gespeende biggen
Wel vond Caine dat de biggen ruim twee weken na het spenen een verbetering in de verterings- en absorptiecapaciteit vertonen ten opzichte van biggen die pas een week gespeend zijn. Caine verklaart dit door een verandering van het rantsoen van oudere biggen, en door een leeftijdsafhankelijke toename in de secretie van eiwitsplitsende enzymen
Overigens ontdekte de Canadees dat met het toenemen van de leeftijd een groter deel van het eiwitverlies wordt veroorzaakt door in de dunne darm aanwezige bacterien, omdat deze bacterien eiwitten assimileren die vervolgens niet meer beschikbaar zijn voor vertering en absorptie. (WRe)
Medaille voor Schreurs

Dr Victor Schreurs van de leerstoelgroep Fysiologie van mens en dier heeft 23 november een eremedaille van de Landbouwuniversiteit van Warschau gekregen. Schreurs kreeg de eremedaille uit handen van rector Klucinski tijdens de vierde bijeenkomst van het International committee on dynamics of nutrient utilization, als waardering voor zijn langdurige en intensieve samenwerking met de vakgroep Humane voeding en dietetiek van de Landbouwuniversiteit van Warschau. Schreurs doet onderzoek naar het metabolisme van weefseleiwitten. (MS)
Raad akkoord met schuldsanering PGW
De leerstoelgroepen van de voormalige sector Plant- en gewaswetenschappen (PGW) worden gedurende vijf jaar jaarlijks met een half miljoen gekort om de opgebouwde schuld af te lossen. De rest van de schuld, een bedrag van 2,7 miljoen, wordt de leerstoelgroepen kwijtgescholden
Dat besloot de universiteitsraad op 9december, toen hij het schuldsaneringsplan van het college aannam. De raad stemde bovendien in met het leerstoelenplan dat het college heeft gemaakt voor het departement Plantenteelt
Hoe de korting van een half miljoen over de leerstoelgroepen wordt verdeeld, is nog niet bekend. De fractie Centrale Lijst heeft het college gevraagd leerstoelgroepen die zich steeds loyaal aan de bezuinigingsopdracht hebben gehouden, te ontzien. Zij hebben immers niet bijgedragen aan de schuld, zo betoogde dr ir Jacques van Rensen
De sector is ontstemd over de voorgestelde schuldsanering, blijkt uit een brief van bureauhoofd ir Harry Krabbenborg. In deze brief betoogt Krabbenborg dat de sector zich steeds aan de bezuinigingsopdracht met het college heeft gehouden. Hij baseert zich op de personeelsplannen (in formatieplaatsen) die per leerstoel zijn gemaakt en goedgekeurd door het college. Het bureauhoofd vindt derhalve dat de leerstoelgroepen niet kunnen worden aangesproken over het tekort
De raad toonde zich niet onder de indruk van dit verweer. Progressief Personeel noemde de afwijkende visie van PGW exemplarisch voor wat er de afgelopen jaren is gebeurd. Wel liet de raad in het besluit vastleggen dat de leerstoelgroepen zich bij hun bezuinigingsopdracht moeten houden aan de budgetten in de begroting
De raadsfracties toonden zich tevreden met de toelichting die het college gaf op het leerstoelenplan voor het departement Plantenteelt. Het college heeft gekozen voor vijf leerstoelen met een verschillend integratieniveau. Volgens prorector prof. dr ir Bert Speelman was een heldere en efficiente indeling nodig om de bestaande overlap tussen de huidige leerstoelen weg te halen. Speelman bespeurde bij de medewerkers van het departement de aanzet tot een licht applaus. Het was iedereen duidelijk dat er iets moest gebeuren. Sommige leerstoelhouders waren niet meer on speaking terms. Ze moeten straks weer gewoon aan het werk kunnen. (LKe)
Flexibele financiering onderzoekscholen moet college beleidsruimte geven
Het college van bestuur heeft besloten 75 procent van het budget voor onderzoekscholen voor vijf jaar te garanderen. De overige 25 procent beschouwt het college als beleidsruimte. Onderzoekscholen kunnen voor die 25 procent onderzoeksvoorstellen indienen bij het college; het gaat om zes miljoen gulden. Met dit flexibele geld kunnen onderzoekscholen alleen kortlopende verplichtingen aangaan, omdat het college dit geld ook wil kunnen herverdelen tussen de onderzoekscholen
Het college reserveert verder vier miljoen gulden strategisch onderzoeksgeld. Daaruit wordt waarschijnlijk de bijdrage van de LUW aan het technologisch topinstituut voedselwetenschappen gefinancierd en de bijdrage van de LUW aan de toponderzoekscholen
De onderzoekschool Experimentele Plantwetenschappen (EPW) is iets gekort op haar bijdrage doordat het college EPW een geldbedrag garandeert in plaats van een aantal manjaren, vertelt prorector prof. dr ir Speelman. De onderzoekschool Vlag moet daarentegen meer geld gegarandeerd krijgen. Omdat de verdeling van de voorwaardelijke financiering over de universiteit voor een deel historisch bepaald is, krijgt de onderzoekschool Vlag relatief weinig geld uit de eerste geldstroom. Er is een gevaarlijke verhouding ontstaan tussen de eerste, tweede en derde geldstroom. Dat is bedrijfsmatig riskant; het aantal aio's per begeleider moet kleiner worden, aldus Speelman
Verder is binnen KCW een efficiencyverhoging noodzakelijk om, na verloop van tijd, extra geld te kunnen steken in de versterking van onderzoek in de kern van KCW, stelt onderzoeksdirecteur dr Dick van Zaane. Met name in de overhead en in de faciliteiten streeft de raad van bestuur naar een kostenreductie van dertig procent
Van Zaane erkent dat de speelruimte voor het verschuiven van geld wordt beperkt door de wachtgeldproblematiek. De veranderingen moeten daarom geleidelijk gaan, zodat groepen de mogelijkheid hebben om er op tijd op in te spelen, om hun onderzoek om te buigen en om personeel om te scholen. Om de keuzes van de raad van bestuur voor KCW straks door te voeren zijn er echter ook wel forse stimulansen nodig, meent Van Zaane. Het moet niet te langzaam gaat. Er moet wel wat veranderen, want de financiers zijn nu niet tevreden, stelt Van Zaane. Als we zo doorgaan gaat de organisatie verloren. Voor degenen die niet constructief meewerken, zie ik het somber in. (MS)
Campina stationeert onderzoekers in Wageningen
Zuivelgigant Campina Melkunie heeft besloten enkele voedingsonderzoekers te detacheren in Wageningen. Vooralsnog gaat het om twee a drie onderzoekers die voedingsfysiologisch onderzoek gaan verrichten, meldt woordvoerder Jeen Akkerman van Campina. Het concern heeft tot de vestiging in Wageningen besloten vanwege de fusie van LUW en DLO, de oprichting van het technologisch topinstituut Voedselwetenschappen en de nabijheid van het Nederlands Instituut voor Zuivelonderzoek (Nizo) in Ede. Als de detachering bevalt, sluit Akkerman de komst van meer Campina-onderzoekers naar Wageningen niet uit
Het hoofdkantoor van Campina Melkunie is gevestigd in Zaltbommel, maar de researchafdelingen zijn verspreid over de divisies, zoals de Melkunie, Mona en DMV International. De laatste divisie is gespecialiseerd in de ontwikkeling van betere melkeiwitten en caseine en zal zeker een medewerker detacheren, meldt de woordvoerder. Waar de onderzoekers worden gehuisvest, is nog niet bekend. (ASi)
Nieuwsfoto, onderscheiding
Gerrit de Rooij Akademie-onderzoeker
De Koninklijke Akademie van Wetenschappen, KNAW, heeft dr ir Gerrit de Rooij een plaats als Akademie-onderzoeker toegewezen. De Rooij, bodemkundige en momenteel werkzaam als associated professor aan de Japanse Saga University, promoveerde juni 1996 cum laude op het proefschrift Preferential flow in water-repellent sandy soils. Hij krijgt als Akademie-onderzoeker een plaats voor drie jaar bij de leerstoelgroep van prof. dr Reinder Feddes. Het is de bedoeling van de Akademie dat De Rooij daarna een vaste aanstelling bij de LUW krijgt
Het onderzoeksvoorstel van De Rooij is het enige voorstel van de LUW dat de Akademie honoreerde. In totaal werden door de universiteiten 115 voorstellen ingediend, waarvan de KNAW er 47 goedkeurde. Het onderzoeksvoorstel van De Rooij, Evaluatie van diverse theorieen voor het transport van opgeloste stoffen op veldschaal aan de hand van een uniek experiment in een humide klimaat, is gebaseerd op de resultaten van een veldexperiment in samenwerking met onderzoekers uit Zwitserland, Duitsland, Amerika en Israel. Het project is volgens Feddes een van de eerste pogingen om vanuit het huidige ontwikkelingsstadium van modellen in de bodemnatuurkunde te komen tot het operationeel maken van de geaccumuleerde kennis ten behoeve van het oplossen van urgente bodemverontreinigingsproblemen. Het onderzoek van De Rooij is onderdeel van het programma van de Wageningse milieuschool Wimek, die participeert in de landelijke school Sense. (GDu)
Bouma lid van WRR

Bodemkundige prof. dr Johan Bouma is benoemd tot lid van de Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Per 1 januari gaat Bouma drie dagen in de week voor de WRR werken. Daarnaast blijft hij hoogleraar aan de LUW. Bouma volgt prof. dr Rudy Rabbinge op, wiens benoeming bij de WRR er na vijf jaar op zit. Bouma is momenteel wetenschappelijk directeur van de onderzoekschool Productie-ecologie. Deze functie beeindigt hij met ingang van januari. (ASi)
Transgene planten pas na jaren een plaag

Transgene planten en geimporteerde soorten kunnen jarenlang netjes binnen een cultuurveld blijven. Het risico bestaat echter dat exoten zich vele jaren na de introductie onverwacht verspreiden. Wie het risico wil beoordelen van ontsnapping van transgene planten, moet rekening houden met die lange termijn. Prof. dr Mark Williamson van de Universiteit van York stelde dit op een studiedag over biologische invasies, 10 december in het Internationaal Agrarisch Centrum (IAC)
Een voorbeeld van zo'n onverwachte verspreiding is draad-ereprijs (Veronica filiformis), rond 1925 als cultuurplant vanuit Zuidoost-Azie geimporteerd in West-Europa. De eerste twintig jaar was nauwelijks zichtbaar dat het plantje zich in het wild vestigde. Na 1950 steeg het aantal vestigingsplaatsen echter exponentieel en nu komt het plantje in weiden en wegbermen algemeen voor
Volgens Williamson is de kans dat een vreemde soort naar het wild ontsnapt tien tot twintig procent. Van deze zwervers slaagt tien tot twintig procent erin zich te vestigen, en daarvan is nog eens tien tot twintig procent zo competitief dat de zwervers een plaag worden
Bij de risicobeoordeling van transgenen wordt vooral gekeken naar de eigenschappen van de niet gemanipuleerde moederplant en van de ingebrachte genen. Maar volgens de hoogleraar is op basis van de eigenschappen van de exoot niet te voorspellen of een plant een plaag wordt. Te veel toevallige factoren spelen een rol. Het lot van in het verleden geimporteerde planten leert dat een klein genetisch verschil of een net even andere natuurlijke omgeving kan bepalen of een populatie zich wel of juist niet in het wild weet te vestigen
Overigens acht Williamson ontsnapping van transgene planten geen grotere bedreiging voor de natuur dan ontsnapping van geimporteerde cultuurplanten. In West-Europa vermindert het gevaar zelfs, aangezien de toename aan wegen, cultuurvelden en bebouwde arealen snelle, grootschalige verspreiding tegengaat. (MHs)
Topschool Ontwikkelingsbiologie door naar tweede ronde
De onderzoekschool Experimentele Plantwetenschappen heeft de tweede ronde gehaald van de selectie van toponderzoekscholen, met haar voorstel voor een topschool Ontwikkelingsbiologie bij planten. Dit voorstel is een samenwerking van Wageningse, Utrechtse, Nijmeegse, Amsterdamse, Leidse en Delftse fundamentele plantenonderzoekers. Het gezamenlijke voorstel van WIAS en de Utrechtse Graduate School for Animal Health is niet door naar de tweede ronde
De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft in de eerste ronde in totaal elf van de bijna veertig plannen voor topscholen uitgekozen. Die moeten nu verder uitgewerkt worden. Daarna maakt de landelijke onderzoeksorganisatie een definitieve keuze voor vijf tot zeven topscholen. Die worden vervolgens tien jaar lang gesteund met drie tot tien miljoen gulden per jaar. De uiteindelijke beslissing daarover neemt minister Ritzen in april
Bij de elf geselecteerde plannen zijn totaal 28 onderzoekscholen betrokken. Dat is ongeveer een kwart van de erkende onderzoekscholen die Nederland heeft. Aan een uitverkoren plan, dat voor biomedische genetica, doen zelfs zes bestaande onderzoekscholen mee
Minister Ritzen heeft eerder dit jaar aan de Tweede Kamer geschreven dat bundelingen van meer dan een school slechts in uitzonderlijke gevallen steun kunnen krijgen. Bij voorkeur steekt hij geld in plannen waaraan slechts een onderzoekschool meedoet. Slechts vijf van de nu uitverkoren plannen voldoen aan die eis
Het voorstel van EPW moet concurreren met voorstellen op het gebied van taalwetenschappen, cognitieve wetenschap, hersenonderzoek, theoretisch fysica, aardwetenschappen, astrofysica, katalyse, materiaalkunde en telecommunicatie
Met de toponderzoekscholen is uiteindelijk honderd miljoen gulden gemoeid. Dat geld moet worden vrijgemaakt door de universiteiten zelf. Nog eens honderd miljoen moeten zij besteden aan versterking van het onderzoek in de breedte. Dat vloeit voort uit afspraken die universiteiten en NWO vorig jaar met minister Ritzen hebben gemaakt. (HOP / MS)
Veel commentaar op plan Ritzen om geld over te hevelen naar NWO
Er is veel kritiek op het plan van minister Ritzen van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen om vijfhonderd miljoen gulden van de eerste geldstroom van de universiteiten over te hevelen naar de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). De vijfhonderd miljoen bevat ook de tweehonderd miljoen waar al afspraken over zijn gemaakt in het kader van de breedte- en dieptestrategie. Ritzen stelt de overheveling voor in het ontwerp-Hoger Onderwijs en Onderzoekplan 1998 (ontwerp-HOOP 1998)
Op een conferentie met Ritzen hebben vertegenwoordigers van de universiteiten gesteld dat NWO ook alle kosten van het onderzoek dat ze financiert zelf moet betalen, als er zoveel universitair geld naar NWO gaat, vertelt dr Henk van der Lans van de afdeling Onderwijs- en onderzoeksbeleid van de LUW. Hij heeft berekend dat een NWO-project de universiteit drie ton per jaar kost, hoewel NWO alleen de salariskosten van de onderzoeker in opleiding (oio) of postdoc betaalt. In de berekening nam Van der Lans alle kosten mee: overhead, begeleiding door docenten en hoogleraren, ondersteuning door analisten, materiaalkosten voor de experimenten en huisvestigingskosten
Als de minister NWO driehonderd miljoen extra geeft en vervolgens nog steeds zegt dat de universiteiten wel rijk genoeg zijn om de rest van de kosten van een oio of postdoc te betalen, dan klopt er iets niet, meent Van der Lans. Als NWO werkelijk alle kosten gaat betalen, kan ze met het extra geld erbij minder onderzoeksprojecten uitzetten dan op dit moment
Ook de Onderwijsraad heeft kritiek geuit op het plan van minister Ritzen. Het belangrijkste adviesorgaan van de minister noemt het plan onvoldoende gemotiveerd en niet wenselijk. De Koninklijke Akademie voor Wetenschappen (KNAW) hekelt het gebrek aan deugdelijke argumentatie voor het ingrijpende voorstel. Aan de kwaliteit van het universitaire onderzoek kan het niet liggen, want hetzelfde ontwerp-HOOP 1998 meldt dat het niveau goed tot uitstekend is. Het plan van Ritzen om eenvijfde van het universitaire onderzoeksbudget onder te brengen bij NWO getuigt van weinig vertrouwen in de universiteiten. Verder vraagt de KNAW zich af of de minister wel heeft stilgestaan bij de omvangrijke veranderingen die binnen NWO nodig zijn bij een verdubbeling van haar budget
Ritzen verdedigde zijn plan door te zeggen dat hij het wetenschappelijk onderzoek meer wil richten op maatschappelijke prioriteiten. De Onderwijsraad werpt tegen dat nergens wordt uitgelegd dat het onderzoek op dit moment te weinig maatschappelijk gericht is. Daarnaast is het plan volgens het adviesorgaan een ingrijpende inbreuk op de autonomie van de universiteiten. Naast de KNAW en de Onderwijsraad is ook de VSNU van meet af aan tegen de bezuinigingsplannen van de minister. De Tweede Kamer praat er in januari over. (MS / HOP)
KCW krijgt Centrum voor ethische en maatschappelijke aspecten
Bij het uitwerken van de KCW-thema's dient in ieder geval expertise te worden betrokken vanuit de sociaal-maatschappelijke en wijsgerige (ethische) gebieden. Deze aspecten vallen daarmee als een raster over alle thema's. Dit staat in het concept-strategisch plan van de raad van bestuur van KCW. Filosoof dr Bart Gremmen is daarom binnen KCW bezig met het oprichten van een klein centrum met de werktitel Centrum voor ethische en maatschappelijke aspecten van wetenschap en techniek. Dat centrum, dat moet gaan bestaan uit een halftijd directeur en een medewerker, moet een coordinerende rol gaan vervullen
Het centrum wil workshops organiseren om te stimuleren dat technische onderzoekers en natuurwetenschappers zelf meer nadenken over de consequenties van hun onderzoek, vertelt Gremmen. Voor de verdere uitwerking van eventuele problemen kunnen sociaal-wetenschappelijke medewerkers van Leeuwenborch, LEI-DLO en SC-DLO ingeschakeld worden. Gremmen ziet het centrum als een innovatief speerpunt. Ook buiten KCW is er interesse voor dit technology assessment (TA). Zo hebben beleidsmakers bij het ministerie van LNV ook interesse voor workshops op dit terrein
Binnen DLO is er al een TA-wijzer ontwikkeld. Blijkt uit die check list dat er veel maatschappelijke consequenties aan een onderzoek zitten, dan moeten die nader worden bekeken en eventueel moet een discussie met maatschappelijke groeperingen worden gevoerd. DLO huurt daar momenteel de onderzoeksgroep Biologie en maatschappij van de Vrije Universiteit voor in. (MS)
Studiecoordinatoren in loonschaal 12

Na overleg met de studiecoordinatoren heeft onderwijsdirecteur prof. dr ir Bert Speelman besloten de studiecoordinatie in de toekomst te honoreren op basis van loonschaal 12. De afdeling Personeelszaken had de taak van studiecoordinator eerder ingedeeld in schaal 11. Onderwijsinstituten krijgen op basis van de inschaling hun budget voor studiecoordinatie. Het overleg van studiecoordinatoren heeft bij onderwijsdirecteur Speelman geprotesteerd omdat het bang is dat er in de toekomst geen geschikte studiecoordinatoren gevonden zouden worden. Voor hun eigen salaris zou de inschaling geen gevolgen hebben
De studiecoordinatoren willen de Wageningse regeling voor studiecoordinatie behouden waarbij stafleden met ervaring in onderwijs en onderzoek de studiecoordinatie verzorgen. Veel andere universiteiten stellen studiecoordinatoren aan zonder die ervaring. Dr ir Rienk Miedema, studiecoordinator Bodem, water en atmosfeer, is tevreden met de inschaling. Voor schaal 12 kunnen we goede, ervaren docenten aanstellen. (KVe)

Re:ageer