Wetenschap - 4 september 1997

Nieuws

Nieuws

Nieuws
Minister: bezuiniging bij Ecologische landbouw ongewenst
GroenLinks heeft tijdens het wekelijkse vragenuurtje landbouwminister Jozias van Aartsen kritisch aan de tand gevoeld over de in NRC Handelsblad gemelde teloorgang van het onderwijs in en onderzoek naar ecologische landbouw aan de Landbouwuniversiteit
Kamerlid ir Marijke Vos vroeg de minister of hij de bezuiniging bij de vakgroep Ecologische landbouw (inmiddels onderdeel van het departement Plantenteelt, red.) wenselijk vindt. Van Aartsen antwoordde op die vraag met een eenduidig neen. Hij meldde overigens dat de inhoud van het rapport van de commissie-Verhoeff (zie elders in dit blad) hem niet bekend is. Hij wil en kan niet in de verantwoordelijkheid van het college van bestuur treden en meldde de Kamer dat de Landbouwuniversiteit duurzaamheid in haar missie heeft staan en dus uiteraard de ecologische landbouw en alles wat daarmee te maken heeft niet de nek zal omdraaien
D66-kamerlid ir Pieter ter Veer sprong de minister bij en stelde dat de school voor ecologische landbouw zich niet beperkt tot een vakgroep en dat die school veel succes boekt
Van Aartsen was het daarmee eens. Hij stelde vervolgens dat er evidenties zijn in zowel het beleid van zijn ministerie als in de ontwikkeling van de Nederlandse land- en tuinbouw. Hij kan zich dus niet anders voorstellen dan dat het college van bestuur uiteindelijk de goede besluiten zal nemen. Als de besluitvorming op de Landbouwuniversiteit is afgerond, zal hij de Kamer van de inhoud van die besluiten op de hoogte stellen. (SVk)
Bedrijfsleven waardeert niveau LUW-studenten
Ondernemers zijn zeer tevreden over het niveau van studenten van de LUW in landbouwvakken. Het bedrijfsleven beoordeelt het niveau met een 8,2. Ook houdt de LUW behoorlijk rekening met de behoeften van bedrijven (7,7). Andere disciplines, zoals rechten en economie, worden als matig beoordeeld. Dit blijkt uit een enquete onder topmensen van grote bedrijven over de kwaliteit van de veertien Nederlandse universiteiten. Zestig van de tweehonderd aangeschreven bedrijven hebben op de enquete gereageerd. Veertig leveren serieuze kritiek op kennis en vaardigheden
Ondernemers zijn minder te spreken over de sociale en communicatieve vaardigheden van de LUW-studenten; slechts zestien procent was positief over het praatvermogen. Je kunt niet alles op een hoog niveau houden, het een gaat ten koste van het ander, zegt alumnifunctionaris drs Rob van Heusden. Ik denk dat we niet zo makkelijk van die lage cijfers afkomen. Maar bij een sollicitatieprocedure is de technische kwaliteit het uiteindelijke selectiecriterium. De vraag is of je die kwaliteit moet inleveren voor meer sociale vaardigheden.
Ook dr ir Marjan Bos-Boers van KLV herkent het probleem. In grote lijnen komt het overeen met verhalen van afgestudeerden. De studieduur wordt korter. Er is minder tijd voor extra's naast de studie, zoals actief zijn binnen een studentenvereniging, leren omgaan met anderen, regelen en organiseren. Studenten zouden eigenlijk moeten leren een goede presentatie te geven en meer in werkgroepen actief moeten zijn.
Bij de ondernemers is landelijk gezien Rotterdam het meest in trek; Utrecht en Nijmegen hebben een zwak imago. Een gebrek aan bedrijfsmatig inzicht is met 68 procent de meest gehoorde, maar ook minst verrassende klacht. Kritiek is er verder vooral op communicatieve en sociale vaardigheden (55 procent) en commercieel inzicht (45 procent) van afgestudeerden. Over de vakkennis en de computervaardigheden zijn er weinig klachten
Er is niet gevraagd op welke recente informatie de ondernemers hun oordeel baseren. De makers van de enquete haasten zich dan ook om te waarschuwen dat het slechts om indrukken gaat
Voor universiteiten die er minder goed vanaf komen, is er nog een troost. De meeste ondernemers zeggen toch vooral naar individuele capaciteiten van sollicitanten te kijken. Slechts veertig procent vindt het van belang waar iemand gestudeerd heeft. (SHo)
WSO niet onder indruk van ISO-voorstellen

De Wageningse Studentenorganisatie (WSO) reageert laconiek op de kritiek en voorstellen die staan in het boekje Onderwijs a la carte van het Interstedelijk Studentenoverleg (ISO). In het boekje pleit het ISO voor flexibeler onderwijs. Studenten zouden meer vrijheid moeten krijgen om zelf te bepalen hoe lang ze studeren, welke vakken ze volgen en in welke didactische vorm ze die aangeboden krijgen. Het uitsmeren van de studie over meer dan vier jaar of het onderbreken ervan moet tot de mogelijkheden behoren
WSO-voorzitter Corien van Vliet ziet het probleem van een jaar stoppen met studeren niet zo, omdat je de studiefinanciering stop kunt zetten. Over het blokkensysteem is ze minder tevreden. Het blokkensysteem vergroot de flexibiliteit niet. Sommige studenten moeten bijvoorbeeld nog twaalf vakken doen. Als zo'n vak in een blokkenperiode niet gegeven wordt, moeten ze wachten. Per jaar kun je als student maar twee keer examen doen; dat is niet praktisch. Daarnaast vindt ze het aanbod van vakken wat mager. Studenten hebben niet echt veel keus.
Van Vliet vindt dat het ISO aan het schoppen is. Het ISO heeft mooie plannen, maar komt met te weinig alternatieven. (SHo)
Nieuwsfoto, Gouden muis

EU-regels vertragen invoering collectief vervoer

Europese regelgeving vertraagt waarschijnlijk de invoering van collectief vervoer in Wageningen. Het Edese bedrijf Paraat zou een soort lokale deeltaxidienst verzorgen voor een tarief vergelijkbaar met het openbaar-vervoertarief. De gemeente heeft al een overeenkomst met het bedrijf. Ambtenaren onderzoeken nu of het project alsnog openbaar moet worden aanbesteed
Het collectief vervoer is een oplossing voor gehandicapten die niet van het bestaande openbaar vervoer gebruik kunnen maken en nu veel duurdere taxi's gebruiken. Daarnaast is het ook voor niet-gehandicapten handig om van deur tot deur vervoerd te worden tegen relatief lage kosten
Volgens gemeentelijk voorlichter Ellen Speet is het niet zeker dat de overeenkomst met Paraat ongeldig is. We hebben dezelfde procedure doorlopen als de gemeente Ede. In feite sluiten we aan op een soortgelijk project in die gemeente. Het college koos voor directe onderhandelingen in plaats openbare aanbesteding om tijd te besparen. Vorig jaar heeft de raad al tot invoering besloten. Door terugkoppeling en de tijd die de onderhandelingen duren heeft het al genoeg tijd gekost. Bovendien heeft Paraat al ervaring in Ede. Ze denkt niet dat de gemeente een aantrekkelijker offerte had gekregen als het project wel openbaar was aanbesteed. (HvL)
Argonauten op WK uitgeschakeld

WK-gangers en Argonauten Michiel van Eupen en Titus Weyschede kunnen, enigszins onverwacht, voortijdig naar huis. De lichte acht waarvan zij deel uitmaakten, sneuvelde op het WK-roeien in het Franse Aiguebelette reeds in de voorronden. Het octet eindigde in hun serie als zesde en laatste met een aanzienlijke achterstand op winnaar Groot-Brittannie. (GvdE)
Bestuurlijke crisis op Diedenoort

De Raad van Toezicht van Hogeschool Diedenoort heeft een interim-bestuurder aangesteld om de bestuurlijke problemen op te lossen. Vlak voor de zomer liet de raad een onderzoek uitvoeren door het bureau KPMG naar het functioneren van de organisatie in het algemeen en van het college van bestuur in het bijzonder. Op basis van het onderzoek heeft de raad geconcludeerd dat het huidige college van bestuur onvoldoende functioneert. Met name de positie van de voorzitter, A.H. Haagsma, was al een paar maanden omstreden. Volgens de nieuwe interim-bestuurder, drs L. Jongeling, is Haagsma met ziekteverlof. In eerste instantie is Jongeling benoemd tot einde van 1997. De Raad van Toezicht beraadt zich nog over de vraag wat er daarna moet gebeuren met het college. (GDu)
Studentenaantal LUW trekt verder aan

Op 1 september hadden zich 818 eerstejaars ingeschreven bij de LUW, zestien minder dan vorig jaar. Daarmee is de aanvankelijk sterke afname van het aantal eerstejaars geslonken tot twee procent. Groeiende studierichtingen zijn Moleculaire wetenschappen, Voeding en gezondheid, Landinrichtingswetenschappen, Bodem, water en atmosfeer, Rurale ontwikkelingsstudies, Plantenveredeling en gewasbescherming en Plantenteeltwetenschappen. (ASi)
Reisbureau deelt gratis fietsen uit

Het studentencorps van de Vrije Universiteit heeft tweehonderd fietsen gekregen van het in Amsterdam gevestigde reisbureau Kilroy Travels. Ook andere studentenverenigingen kunnen de komende jaren in aanmerking komen voor gratis fietsen
Met het uitdelen van gratis fietsen wil Kilroy Travel een plaats veroveren op de reismarkt voor jongeren en studenten
In Scandinavie is het bureau de grootste op dit gebied. De stunt met fietsen moet Kilroy naamsbekendheid geven. Als de actie in Amsterdam succes heeft, zijn er de komende jaren steeds vijfhonderd fietsen beschikbaar. (HOP)
Toponderzoekschool Plantdevelopment selecteertonderzoekers
Zeven onderzoeksleiders aan de Landbouwuniversiteit zijn geselecteerd om met hun groep deel te nemen aan de toponderzoekschool Plant development. De aanvraag van deze topschool wordt op 8 september ingediend bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, NWO, die de beste plannen van de universiteiten selecteert
De Wageningse geselecteerde wetenschappers zijn: dr Ton Bisseling van Moleculaire biologie, prof. dr ir Maarten Koornneef van Erfelijksheidsleer, viroloog prof. dr Rob Goldbach, fytopatholoog prof. dr ir Pierre de Wit, entomoloog prof. dr Marcel Dicke en de plantenveredelaars prof. dr ir Evert Jacobsen en dr Richard Visser. De onderzoeksgroepen die zij leiden houden zich alle bezig met de ontwikkelingsbiologie van planten
In totaal zijn twintig onderzoeksgroepen geselecteerd voor Plant development. De overige deelnemers komen van de Rijksuniversiteit Leiden, de Universiteit Utrecht, de Universiteit van Amsterdam, de Vrije Universiteit en de Katholieke Universiteit Nijmegen
De selectie heeft grotendeels plaatsgevonden op basis van oordelen van visitatiecommissies. Groepen op de LUW die nog niet gevisiteerd waren, zijn in juli beoordeeld door peer reviewers. Dit waren dezelfde peers die de onderzoekschool Experimentele Plantenwetenschappen (EPW) als geheel kwamen beoordelen voor de nieuwe erkenningsaanvraag bij de Akademie van Wetenschappen, KNAW
Van tevoren was niet vastgesteld hoeveel groepen konden meedoen. Er is een lat gelegd; een minimumeis van wat de onderzoekers moeten kunnen waarmaken, aldus de secretaris van de onderzoekschool EPW, ir Wim de Leijster. Verder was het lastig om de grens te leggen van waar de ontwikkelingsbiologie van planten ophoudt en waar het toevoegen van een goede groep de samenhang van het geheel op het spel zet, vertelt De Leijster. (MS)
Katan vreest rol commercie in voedingsonderzoek
De commercialisatie van het voedingsonderzoek en een te grote nadruk op een moleculair-biologische benadering kunnen het technologisch topinstituut Voedselwetenschappen bedreigen. Dat stelde prof. dr Martijn Katan, hoogleraar in de biochemische aspecten van de voeding, op 29 augustus in zijn lezing op het zomercongres van de Koninklijke Nederlandse Chemievereniging, de KNCV
De steeds korter wordende innovatietijd in de voedingsindustrie zorgt voor een risico bij de interpretatie van zachte epidemiologische gegevens. Als er een marketingman in je nek hijgt dat hij over een half jaar een nieuw product op de markt moet hebben dat goed is voor de gezondheid, dan kan de verleiding te groot worden om te zeggen: ik geloof dat ik een verband zie, terwijl het er eigenlijk niet is, stelde Katan
Hij pleitte voor langdurige epidemiologische studies bij mensen. Hij illustreerde dit met een voorbeeld van de geschiedenis van het onderzoek naar de relatie tussen caroteen en kanker. Er waren veel aanwijzingen dat caroteen bij mensen het risico op kanker kon verkleinen; het kan schadelijke zuurstofradicalen wegvangen, het was actief tegen kankercellen in een reageerbuis, het zorgt bij een aantal proefdieren voor minder kanker en mensen die veel groente en fruit eten dat veel caroteen bevat, verlagen hun risico op kanker. Na grote epidemiologische studies bleek het effect echter tegengesteld. Bij rokers die vijf tot acht jaar twintig milligram caroteen per dag innamen, bleek juist achttien procent meer kanker voor te komen. Je moet dus niet te snel conclusies trekken. En pas op met extrapolatie van kennis van cellen of dieren naar de mens, waarschuwde Katan zijn publiek, dat voor een groot deel bestond uit onderzoekers uit het bedrijfsleven en van kennisinstellingen
In de wandelgangen van het congres kreeg interim-directeur van het technologische topinstituut Voedselwetenschappen dr Hans Nieuwenhuis, voormalig directeur van Unilever Research Laboratorium Vlaardingen en dit jaar ook voorzitter van de KNCV, de kritiek te horen dat de industrie met het topinstituut voor een dubbeltje op de eerste rang wil zitten. Na de pauze reageerde hij: Door de toenemende concurrentie worden wetenschap en technologie steeds belangrijker voor de voedingsindustrie. Daarbij verwachten we meer van multidisciplinair onderzoek dan van een verdere ontwikkeling van de monodisciplines. Juist het ontwikkelen van multidisciplinaire kennis vraagt om voldoende kritische massa, stelde Nieuwenhuis
De onderzoeksvragen zijn te complex geworden om in je eentje aan te pakken, meende de directeur. En uiteindelijk hebben de kennisinstellingen daar ook belang bij. Juist als het topinstituut een succes wordt, blijft de voedingsindustrie geld hebben voor research and development. Het topinstituut, dat nu echt in de startblokken staat, was een veel besproken thema op het KNCV-congres
De themaleiders die deze zomer zijn aangesteld, zijn momenteel meer dan de helft van hun werkweek bezig de onderzoekstrategie te formuleren in samenspraak met de vertegenwoordigers van deelnemers. De binnenkort aan te stellen programmaleiders moeten vervolgens met onderzoeksvoorstellen komen die binnen die strategie passen en haalbaarheidstudies doen. Het liefst willen we op 1 oktober echt beginnen met het topinstituut, vertelt de themaleider voor voeding en gezondheid, prof. dr Jo Hautvast. Het instituut hoopt dat het ministerie van Economische Zaken deze week zijn begroting goedkeurt
Het topinstituut gaat een deel van het personeel via advertenties werven. Verder gaat Hautvast als een van de head hunters op zoek naar mensen. In de eerste ronde kunnen onderzoekers een aanstelling van drie tot twaalf maanden krijgen. We willen de zaak niet meteen te sterk vastleggen. Mensen kunnen zo'n korte aanstelling ook zien als een sabbatical bij het TTI, waar ze veel mogelijkheden krijgen voor hun onderzoek, vertelt Hautvast. De aio's, die het topinstituut zo snel mogelijk wil aanstellen, krijgen wel een aanstelling van vier jaar. (MS)
Kerk in De Wereld

Vanaf september vinden alle kerkdiensten van het studentenpastoraat plaats in voormalig hotel De Wereld. De eerste en derde zondag van de maand zijn de diensten, die om elf uur beginnen, Engelstalig. Er is een nieuwe studentenpastor: Jos Oostrik zal gedurende anderhalf jaar deels het werk van Marianne Schulte-Kemna overnemen. (GvdE)
Hergebruik rioolwater in Midden-Oosten
De vakgroepen Milieutechnologie en Ecologische landbouw gaan, samen met het Institute of Hydrolic Engineering in Delft, drie universiteiten in het Midden-Oosten ondersteunen bij het inzetten van rioolwater voor de landbouw. Gezuiverd rioolwater bevat nog steeds veel nutrienten en kan daarom een goedkoop alternatief zijn voor kunstmest. Op sommige plaatsen in het Midden-Oosten wordt rioolwater al met succes ingezet bij de teelt. De drie universiteiten - een Egyptische, een Jordaanse en een Palestijnse - willen daarom hun expertise op dit gebied uitbreiden
Een van de vragen is hoe de zuivering van het rioolwater afgestemd kan worden op de behoeftes van het gewas, of andersom. Voor bijvoorbeeld tomaten is rioolwater niet geschikt, legt milieutechnoloog dr Jules van Lier uit. Want ook in gezuiverd rioolwater zitten nog te veel pathogenen. Maar voor katoen kan rioolwater weer wel. Het inzetten van rioolwater in de landbouw past in het moderne idee van kringlopen: afvalwater moet niet worden geloosd, maar ergens in het proces worden hergebruikt
De milieutechnologen deden al met EU-financiering onderzoek naar hergebruik van rioolwater in het Midden-Oosten. Voor het project, gefinancierd door Ontwikkelingssamenwerking, hebben ze Ecologische landbouw erbij betrokken. Van Lier: Je moet zoiets geintegreerd aanpakken. (MHs)
Groot verschil in genvolgorde tussen baculovirussen
Baculovirussen kunnen insectenlarven binnen enkele dagen laten sterven en worden daarom gebruikt als bestrijder van insectenplagen. Daarnaast beschikken genetisch gemodificeerde baculovirussen over eigenschappen die ze interessant maken voor het produceren van farmaceutische eiwitten. Veelgebruikt is het baculovirus Autographa californica multicapsid nucleopolyhedrovirus (AcMNPV), dat 73 verschillende soorten insectenlarven kan doden
Het baculovirus Spodoptera exigua (SeMNPV) heeft slechts een gastheer, de floridamot, en is virulenter dan AcMNPV: eenzelfde dosis doodt een groter percentage van de larven. Deze gunstige eigenschappen maken kennis over de genen en de werking van de ScMNPV-genen voor virologen interessant. Die informatie biedt mogelijkheden om de bruikbaarheid van baculovirussen als biologisch bestrijdingsmiddel te vergroten met behulp van genetische modificatie
Uit het proefschrift van ir Bep van Strien, waarop ze 5 september promoveert bij de virologen prof. dr Rob Goldbach en prof. dr Just Vlak, blijkt dat de volgorde van de genen van beide virussen sterk verschilt. Er moet een uitgebreide herschikking in de genvolgorde hebben plaatsgevonden in de baculovirusgeschiedenis, stelt ze. Vergelijking van de samenstelling en werking van genen is daarom lastig. Om een volledig overzicht van de structurele en genetische verwantschappen tussen beide virussen te krijgen, moet de basepaarvolgorde van het hele erfelijke materiaal bepaald worden
Van Strien karakteriseerde in haar promotie-onderzoek het gen voor het eiwit polyhedrine, evenals het ubiquitine gen. Polyhedrine vormt een hoofdbestanddeel van de mantel die het virus omsluit en beschermd. Ubiquitine reguleert de eiwitafbraak en is een structureel eiwit van de niet omkapselde virussen die zich in de rups verspreiden. Het polyhedrine-gen hebben de virussen waarschijnlijk pas verworven of wisselen ze regelmatig onderling uit. De basepaarvolgorde van dit gen bleek namelijk in beide virussen sterk overeen te komen. Van Strien onderzocht verder ook de genetische organisatie van zo'n vijftien procent van het erfelijk materiaal. (MS)
Anaerobe vetzuurafbraak goedkoop en effectief
Biologische afbraak van vetzuren onder zuurstofloze omstandigheden is goedkoop en effectief. Toch hebben veel voedingsfabrikanten die kampen met lange vetzuurketens in hun afvalwater er niet zo'n belangstelling voor. Anaerobe afbraak vinden ze gecompliceerd, verklaart de Taiwanees Ching-Shyung Hwu, die 10 september promoveert bij milieutechnoloog prof. dr Gatze Lettinga. Daarnaast stinkt het. Maar aan die stank is wel wat te doen.
De meeste slachterijen, spijsolie-, koekjes- en andere voedingsfabrikanten met veel lange vetzuurketens in hun afvalwater gebruiken nu nog fysische en chemische technieken om de vetzuren te verwijderen. Voor bioreactoren is wel belangstelling, want die zijn milieuvriendelijk en vaak goedkoop. Daarbij zijn anaerobe bioreactoren weer veel goedkoper dan aerobe bioreactoren, omdat geen zuurstof hoeft te worden rond gepompt en omdat de fabriek het gevormde methaan kan inzetten als brandstof. Anaerobe bioreactoren zijn echter moelijker te hanteren dan aerobe reactoren. Hwu vindt dit niet onoverkomelijk. Bedrijven kunnen de expertise hiervoor opbouwen, meent hij
Anaerobe vetzuurafbraak kan om twee redenen mis gaan: de vetzuren zijn toxisch voor de bacterien of het slib met bacterien klontert. Hwu verbeterde op de vakgroep Milieutechnologie de procesomstandigheden zo dat toxiciteit en klontering minimaal waren. Een hoge temperatuur van zo'n 55 graden, gecombineerd met een lage concentratie vetzuren, bleek bevorderlijk voor de afbraak. Door het contact tussen bacterieslib en vetzuren te optimaliseren, haalde hij een rendement van 97 procent afbraak
Hwu, die twaalf jaar werkte aan anaerobe bioreactoren, gaat in Taiwan werken in de bodemzuivering. Er is in Taiwan geen industrie meer met vetzuren in het afvalwater, zo verklaart hij. Vanwege de aangescherpte milieu-eisen en de hogere arbeidskosten zijn alle spijsolie- en koekjesfabrikanten verhuisd naar naburige landen zoals China. (MHs)

Re:ageer