Wetenschap - 13 februari 1997

Nieuws

Nieuws

Nieuws
WSO: heeft Ritzen toch gelijk met opheffen raad?
De nieuwe bestuursstructuur voor de universiteiten, zonder universiteitsraad, is misschien nog zo gek niet voor studenten
In een toekomstige medezeggenschapsraad of een studentenraad hebben studenten immers een meerderheid van stemmen. Bovendien moet de invloed van studenten in de huidige universiteitsraad niet overdreven worden. Dat schrijft WSO-lid Korne Versluis in het februarinummer van het WSO-blad Arion
Volgens Versluis heeft een aantal besluiten in de universiteitsraad het failliet van deze raad aangetoond. Zo is er van twee onderwijs-megaprojecten niets terecht gekomen, terwijl de raad daar jarenlange discussies en stapels papier aan heeft gewijd. En de discussie over een indeling van de studie in een Bachelors- en Masters-fase is volgens hem in het niets opgelost. Versluis heeft ook weinig vertrouwen meer in de verblokking van het onderwijs, die niet verder gaat dan het samenrapen van vakken
Het is voor studenten waarschijnlijk makkelijker werkelijke invloed te hebben in een bestuursstructuur waarbij taken en verantwoordelijkheden helder gedefinieerd zijn dan in een structuur waarin allerlei plannen via de achterdeur kunnen verdwijnen, schrijft Versluis
Gijs Schilthuis, raadslid voor de Progressieve Studentenfractie, deelt de mening van Versluis niet op alle punten. Hij denkt dat de slechte uitvoering van besluiten vooral een zaak is van het college van bestuur. Het college moet de besluiten van de raad gewoon uitvoeren. Natuurlijk moet er draagvlak zijn voor de besluiten; dat moet beter. Maar dat probleem ligt niet aan de universiteitsraad. Zo zou de invoering van de departementen een grotere puinzooi zijn geworden als de raad niet aan de rem had getrokken en een goed stappenplan had geeist. (GDu)
LUW en KLV bundelen carrieretips

De Landbouwuniversiteit en het Loopbaancentrum van de Koninklijke Landbouwkundige Vereniging (KLV) hebben in een brochure tips verzameld waarmee studenten hun kansen op de arbeidsmarkt kunnen vergroten. Bijvoorbeeld bedrijven bezoeken, keuzevakken en specialisaties afstemmen op wat de arbeidsmarkt vraagt en lid worden van een verenigingsbestuur. Dat laatste kan veel gevraagde vaardigheden op een hoger plan brengen, aldus drs Godelief Nieuwendijk van de afdeling Voorlichting en PR
Zij denkt dat er zeker behoefte is aan een verzameling van tips. Aankomende studenten vragen ons bijvoorbeeld of er banen zijn en hoe zij die vinden. Tot nu toe denken veel studenten pas na over het vinden van een baan als ze bijna afgestudeerd zijn. De brochure wordt volgende week woensdag gepresenteerd tijdens het SSR-lustrumforum Studeren en dan.....werken (-loos) in de Aula. (ABo)
BSE-verhaal te spooky

Prof. dr Jos Noordhuizen, hoogleraar veehouderij, pleitte afgelopen maandag tijdens de tweede bijeenkomst van de SG-serie Beleid en universiteit voor een betere communicatie jegens consumenten over risico's van levensmiddelen. Het verschil tussen de wetenschappelijk berekende risico's en de risicoperceptie van de consument is groot
Noordhuizen trad op als co-referent van S. van Hoogstraten, ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Gesproken werd over de BSE-affaire en de gevolgen voor de volksgezondheid. Volgens Noordhuizen is het BSE-verhaal te spooky. Bij prionen kunnen mensen zich niets voorstellen. Bovendien is de incubatietijd lang, zodat je de effecten niet snel ziet. Als de berichtgeving dan ook nog fragmentarisch en daardoor ongrijpbaar is, is de kans groot dat er een angsthype ontstaat
Volgens Noordhuizen moeten overheid en agrarische productschappen niet pas naar buiten treden als er calamiteiten optreden. Hij pleitte ervoor dat onderzoekers opener zijn over hun bevindingen en twijfels. Eindeloos onderzoeksresultaten blijven produceren waar de consument toch niet naar luistert, heeft volgens Noordhuizen weinig zin. Doorstralen van vlees kan goed zijn, maar als de consument dat eng vindt klinken en het niet accepteert, dan komt het er niet. Overdracht van kennis kan leiden tot discussie over en acceptatie van beleidsbeslissingen
VWS-ambtenaar Hoogstraten voorziet echter problemen. De nitraatnormen voor sla zijn erg streng. Als je dan alle twijfels rond die normen kenbaar maakt, ligt je beleid binnen de kortste keren op zijn gat. De normen zijn voor slatelers immers moeilijk haalbaar. Risico-communicatie is belangrijk, maar tot een bepaalde grens. Het beleid moet leiden tot een consistente gedragslijn. Daarnaast moet het verdedigbaar zijn, en enige jaren houdbaar. (WRe)
Studieleningen bijna een procent goedkoper

Studenten met een studielening betalen vanaf 1 januari bijna een procent minder rente dan vorig jaar. Minister Ritzen heeft het tarief verlaagd tot 5,67 procent. Op leningen van vijf of meer jaar geleden hoeven studenten zelfs maar 4,02 procent te betalen. De rente op studieleningen is gekoppeld aan het tarief dat de Nederlandse staat zelf moet betalen om te lenen op de kapitaalmarkt. Dankzij de lage inflatie en de stabiele economie was dat tarief in oktober op een na-oorlogs laagtepunt beland. Ook studenten met een studieschuld profiteren daar nu van. (HOP)
Recht op deeltijdbaan bij universiteiten verbeterd

De universiteiten willen hun personeel het recht geven om in deeltijd te gaan werken. De deeltijdbaan moet worden opgenomen in de cao, waarover de vereniging van universiteiten, VSNU, onderhandelt met de vakbonden. Het voorstel houdt in dat werknemers die tenminste een jaar in dienst zijn bij een universiteit, het recht krijgen minder te gaan werken - tenzij zwaarwegende redenen dat verhinderen
Het recht op deeltijdwerk was een van de eisen waarmee de onderwijsbonden een jaar geleden aan de cao-onderhandelingen waren begonnen. Zij willen verder dat werknemers die minder gaan werken, een jaar lang het recht houden naar de oude omvang van hun baan terug te gaan. Maar daar voelt de VSNU weinig voor
Het cao-overleg ging eind vorige maand opnieuw van start. Een belangrijk verschil tussen de nieuwste VSNU-voorstellen en de inzet van de vakbonden betreft nog steeds de tijdelijke aanstellingen. De VSNU wil de regels daarvoor vereenvoudigen. Ze wil afspreken dat iemand voortaan nooit langer dan zes jaar tijdelijk in dienst kan zijn van een universiteit. De bonden vinden dat te ruim en willen in ieder geval ook een bovengrens aan het aantal tijdelijke aanstellingen. (HOP)
Werkloosheidscijfers Intermediair te hoog

Een werkloosheidspercentage van negen procent onder Wageningse ingenieurs, gebaseerd op een onderzoek onder 75 duizend lezers van Intermediair, lijkt overtrokken. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen bracht die cijfers begin dit jaar naar buiten; het WUB van 23 januari maakte er melding van
Volgens dr ir M. Bos-Boers van het KLV Loopbaancentrum - verbonden aan de Koninklijke Landbouwkundige Vereniging - blijkt uit recente cijfers dat acht procent van de totale Wageningse beroepsbevolking , ofwel 1467 ingenieurs, werkzoekend is. In oktober 1996 was dat nog zes procent, ofwel 1213 ingenieurs, net als op 1 juli van dat jaar
Bos-Boers tekent daarbij aan dat de KLV-cijfers niet alleen volledig werklozen betreft. De ingeschreven ingenieurs in de sollicitantenbank van het Loopbaancentrum zijn werkzoekenden, van wie een onbekend deel niet werkloos is. Die ingenieurs zoeken werk als vervolg op een tijdelijk contract of willen ander werk
Bovendien is de stijging van twee procent tussen oktober en januari scheefgetrokken door een mailing waarin het Loopbaancentrum vierduizend ingenieurs wees op de bemiddelingsactiviteiten van het Loopbaancentrum. Die actie is op touw gezet omdat het Loopbaancentrum steeds meer vacatures ontvangt waarvoor werkervaring vereist is
Het onderzoek dat het ministerie naar buiten bracht, bevatte het werkloosheidspercentage van enkele Wageningse richtingen. Het gaat daarbij om richtingen waarvan meer dan honderd respondenten in het Intermediair-onderzoek opdoken. Een vergelijking met de cijfers van het Loopbaancentrum levert het volgende resultaat (in procenten) op
  • KOP = Inter-KLV KLV
  • KOP = mediairokt.jan
  • = Landbouwtechniek 4,3 4 4
  • = Tropisch Landgebr.16,61723
  • = Agr. Economie 6,4 4 5
  • = Bosbouw14,2 810
  • = Plantenziekt.12,6 7 8
    De studierichtingen Milieuhygiene en Levensmiddelentechnologie komen niet in het Intermediair-bestand naar voren, maar de werkloosheid is daar volgens KLV echt nijpend, door een vergroot aanbod van afgestudeerden. Deze richtingen waren bij de KLV-sollicitantenbank in januari 1997 goed voor twintig procent van de ingeschreven ingenieurs
    Bos-Boers signaleert dat niet een hoge langdurige werkloosheid maar een steeds terugkerende werkloosheid tot problemen kan leiden. Zorgelijk is de situatie van ingenieurs die van project naar project hoppen. Ze komen in de problemen als ze een jaar of veertig zijn. (ABo)
    Commissie gaat Plant- en gewaswetenschappen doorlichten

    Een commissie van externe deskundigen gaat binnenkort de sector Plant- en gewaswetenschappen doorlichten. De deskundigen gaan een sterkte/zwakte-analyse maken van de betrokken vakgroepen, die in april moet leiden tot een saneringsplan om het resterende tekort van de sector (1,6 miljoen gulden) te besparen. Dit schrijft het college van bestuur aan de universiteitsraad
    Met de brief stemt het college in met het besluit van de raad dat de sector PGW de totale bezuiniging moet halen. Wel overweegt het college om de bezuinigingen bij plantenveredeling en gewasbescherming te compenseren met een stimuleringssubsidie. Verder stelt het college dat de vakgroep Bosbouw en de teeltvakgroepen dringend verbetering behoeven. Een grondig onderzoek naar de kwaliteit van de groepen en de mogelijke overlap van activiteiten staat daarom op het programma
    De commissie krijgt de beschikking over een informatiesetje met gegevens over de vakgroepen in de sector PGW, maar op het sectorbureau is dat niet aanwezig. Wel is de sector bezig om de wetenschappers van de onderzoekscholen Experimentele Plantwetenschappen (EPW) en Productie-Ecologie (PE) door te lichten op productiviteit en kwaliteit, omdat deze scholen binnenkort vijf jaar bestaan en een visitatiecommissie ofwel peer review op bezoek krijgen. Niet alle onderzoekers in de sector PGW maken echter deel uit van deze onderzoekscholen
    Twee weken geleden stemden de hoogleraren van Plantenveredeling, Entomologie, Fytopathologie, Nematologie en Virologie in met het voorstel van hun sector om de huidige vakgroepen in een departement onder te brengen, mits de vervolgbezuinigingen niet via rekenmodellen maar via kwaliteitscriteria tot stand komen. Die analyse moet nu door externe deskundigen worden uitgevoerd. (ASi)
    Het internationale leren ter discussie

    De universiteit moet kiezen: kennismultinational of vrije werelduniversiteit. Prof. W. van den Bor van Onderwijskunde belichtte de toekomst van de universiteit aan de hand van twee tegenpolen, op het symposium waarmee de LUW op 29 januari het 25-jarig bestaan van haar internationale onderwijs vierde. Doel van het symposium was ideeen uit te wisselen over de internationalisering van het onderwijs in de toekomst
    Volgens Van den Bor brengt de ontwikkeling van het Kenniscentrum Wageningen essentiele keuzes met zich mee. Een kennismultinational verkoopt kennis en stemt ook de kennisontwikkeling af op de markt. Een werelduniversiteit doet aan kennisbemiddeling, werkt met partners en verkoopt niet zozeer, maar werkt aan bewustwording en richt zich op maatschappelijke problemen
    Dr. F. Muchena, een van de eerste alumni van het MSc-programma Soil & Water, prees de toepasbaarheid van de Wageningse studies voor de thuissituatie. Hij waarschuwde echter dat de behoeften snel veranderen. Zijn land, Kenia, verschuift van een landbouweconomie naar een geindustrialiseerde economie met een belangrijke agribusiness-sector. Ook de opleidingen in eigen land verbeteren, gaf hij aan. Toch zag hij naast de huidige MSc-opleidingen nog een belangrijke rol voor Wageningen. Hij noemde in country-opleidingen, een postdoctorale opleiding in onderzoeksmanagement en internationaal een sterkere samenwerking tussen landbouw-onderzoeksinstituten
    Grote afwezige op het symposium was een vertegenwoordiger uit de beleidswereld. De organisatoren hebben maandenlang geprobeerd een spreker te vinden van de Nederlandse overheid of uit Brussel. Onduidelijk bleef of ze niet mochten of niet konden. M. Leeghwater van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap benadrukte dat ze alleen om te luisteren aanwezig was op het symposium. Ze erkende dat het organiserend comite van het symposium bot ving bij het ministerie maar gaf verder geen commentaar. Het ministerie is wel bezig met het opzetten van een speciale directie internationale betrekkingen in het onderwijs. (EHei)

  • Re:ageer