Wetenschap - 16 maart 1995

Mossenonderzoek in Nederland wellicht wegbezuinigd

Mossenonderzoek in Nederland wellicht wegbezuinigd

Vorige week ging op het Rijksherbarium in Leiden de laatste full-time universitair mossendeskundige met vervroegd pensioen. Op andere universiteiten was het mossenonderzoek al wegbezuinigd en ook op de LUW dreigt het te verdwijnen, aangezien mossenonderzoek niet onder beschermd, voorwaardelijk gefinancierd onderzoek valt.

Tot nu toe werd vooral systematisch onderzoek aan mossen gedaan, licht drs A.K. Masselink toe. Masselink onderzoekt naast zijn beschermd vf-onderzoek in de plantenoecologie, als enige op de LUW de mossen. Maar met het uitkomen van de Mossenflora in 1989, is dit werk op de universiteiten afgehandeld. Vrijwilligers ronden binnenkort de atlas voor levermossen af. De veenmossen moeten ze nog in kaart brengen.

Universiteiten doen nauwelijks oecologisch onderzoek aan mossen. Jammer, vindt Masselink, want korstmossen en mossen zijn goede bio-indicatoren voor luchtvervuiling. Zelf assisteert hij studenten bij het determineren. In Utrecht zit nog een part-time mossenonderzoeker en verder zijn er enkele VUT-onderzoekers actief.

Masselink, die nog niet met pensioen gaat, wil het LUW-mossenonderzoek versterken, door mee te dingen in een internationaal onderzoeksprogramma dat in verschillende landen de invloed van stikstof en koolzuurgas op veenmossen vergelijkt. Zonder eigen mossendeskundigen, vreest de Wageninger, dreigen Nederlandse universiteiten zich af te sluiten voor dergelijke internationale programma's. En bij louter onderzoek door vrijwilligers, ontbreekt het voor studenten aan een gegarandeerde toegang tot dit vakgebied.

Re:ageer