Wetenschap - 26 juni 1997

Microbioloog in de modewereld

Microbioloog in de modewereld

Microbioloog in de modewereld
Boijmans Van Beuningen
De museumzaal is leeg. Geen geschilderd doek aan de muur, nog geen hoopje kunstzinnig schroot in een hoek. Het gaat om wat buiten te zien is. Pal voor het panoramische raam staan achttien hoofd- en ledemaatloze figuren opgesteld. Van een afstandje lijkt de serene rij van kleermakerspoppen slechts in vale vodden gehuld, de meesten morsig groen. Van dichtbij is te zien dat colberts, cocktailjurkjes, gebreide vestjes en wat dies meer zij door bacterien en schimmels zijn aangetast
Een kleine ton was de uitgestalde haute couture ooit waard, weet de Wageningse microbioloog dr Ad van Egeraat. Mijn vrouw zou die kleren niet willen dragen en daar geef ik haar gelijk in. Ik snap niet dat mensen er zoveel voor willen betalen.
Van Egeraat is min of meer verantwoordelijk voor de toestand waarin de vroeger witte kledij thans verkeert. Op verzoek van de mode-ontwerper en kunstenaar Martin Margiela voorzag hij diens modestukken van micro-organismen. Margiela staat al langer bekend om zijn controversiele ontwerpen, doorgaans niet gemaakt van dure materialen maar gefabriceerd uit afdankertjes. Vaak in combinatie met materialen als plastic en papier-mache; soms komen er zelfs scherven serviesgoed aan te pas. De locaties waar Margiela zijn collecties toont zijn doorgaans al even onorthodox: braakliggende terreinen, leegstaande supermarkten, trappenstelsels van verlaten metrostations. En nu hangen zijn kledingstukken in een heus museum
De zestigjarige Van Egeraat is sinds enkele maanden in het Rotterdams museum Boijmans Van Beuningen een graag geziene gast, getuige de hartelijke begroeting van zowel conservator als directeur. De samenwerking met Margiela vormde een geheel nieuw facet van zijn werk met micro-organismen
Van Egeraat had tot januari vorig jaar nimmer van het fenomeen Margiela gehoord. Inmiddels weet de microbioloog te vertellen dat het iemand is die zijn kleding graag iets bijzonders meegeeft. Dat Margiela stukken van kleren uit vorige collecties gebruikt voor het scheppen van nieuw design. En dat de exhibitie vergankelijkheid op een niet eerder vertoonde manier verbeeldt. Ik vond het een aardig gegeven, al moet ik toegeven dat ik er niet direct warm voor liep toen de conservator me belde. Ik dacht: wat haal ik me hiermee op de hals? De voor de tentoonstelling benodigde micro-organismen moesten namelijk en snel groeien en mooie kleuren opleveren. Geen gemakkelijke zaak
Niet veel later overwon zijn liefde voor het micro-organisme het van zijn vrees voor falen; Van Egeraat sloeg aan het experimenteren met schimmels en bacterien, op lapjes van verschillende stoffen in weckflessen. Ik dacht: waarom ook niet? Alles gaat per slot van rekening uiteindelijk te gronde en het is een uniek project. Het was ook een aardige mogelijkheid om micro-organismen positief in de publiciteit te krijgen. De meeste mensen vinden ze toch vies en gevaarlijk.
Vooral in de VS lijkt de vrees voor eencelligen de vorm van een massafobie aan te nemen, getuige het toenemende gebruik van desinfecterende middeltjes. Maar ook in het Boijmans moest er een college microbiologie voor de staf aan te pas komen om de angst voor een schadelijke invloed op schilderijen weg te nemen
Hebben Van Egeraats transatlantische wetenschapsbroeders de handen ineengeslagen om als tegengas een informatieve film over het grote nut van micro-organismen te produceren, zelf zette Van Egeraat zijn bacterien, gisten en schimmels in ter meerdere eer en glorie van de kunst. Dit is leuk om in mijn laatste arbeidsjaar te kunnen doen. Ik ben altijd gek geweest van die kleurtjes. Ik heb op het lab een hele verzameling micro-organismen en daar heb ik er een aantal van gebruikt.
Samen met een nuchtere Van Egeraat - Ziet er aardig uit - en een enthousiaste conservator - Dit is een volstrekte blasfemie in museumland! - bekijken we door het raam de achttien poppen van nabij. Wollige groene, witte en grijze kolonies domineren op de voormalige haute couture; een tweedehands brokaten theater-jacquet lijkt zelfs altijd al egaal groen van kleur te zijn geweest. Een met roze gist behandelde wollen jurk is geheel paars. Een fuchsia bacterie heeft de witte langmouwige jurk van een paspop verderop getransformeerd tot prachtig zachtroze. Vergeleken met chiffon, wol en katoen blijken jeans en nylon enigszins bestand tegen het microbiologische geweld
Van Egeraat heeft de kunstenaar nog niet in levenden lijve mogen aanschouwen. Het contact verliep via naaste medewerkers, foto's van proeflapjes gingen via de post en bij de opening van de tentoonstelling ontbrak Margiela zoals altijd. Hoort bij de mythevorming, denkt de Wageninger. Het schijnt een aardige maar schuwe man te zijn. In oktober gaat Van Egeraat echter naar Parijs voor een rendez-vous
Een week voor de opening entte Van Egeraat het textiel, geholpen door Anton Houwers, een collega van het lab. Vervolgens werden de poppen afzonderlijk in met plastic beklede staketsels gehangen en met een bak water en filtreerpapier vochtig gehouden. Het weer was perfect, zo'n 25 graden; daar groeien die beestjes van. Iedereen dacht dat het wel goed zou gaan maar ik heb voor de opening toch een paar nerveuze nachten gehad. Omdat de voedingsbodem, agar, inmiddels is verdroogd zal het proces zich niet meer voortzetten, schat Van Egeraat. Ik denk wel dat de kleuren wat zullen gaan vervagen.
Misschien mag Van Egeraat later in het Museum of Modern Art in New York weer aan de slag voor een vergelijkbare tentoonstelling. Ik heb er echter grote twijfels over of het hele zaakje het land binnen mag.
Wanneer de schemering invalt en het museum reeds lang gesloten is staat de rij onthoofden nog steeds stram in het gelid; ruggen naar de museumtuin gekeerd. Hier en daar waait een jurk op

Re:ageer