Wetenschap - 22 januari 1998

Met vaccineren voorkom je varkenspest niet

Met vaccineren voorkom je varkenspest niet

Met vaccineren voorkom je varkenspest niet
Dijkhuizen pleit voor verbeteren eerste diagnose
De Wageningse hoogleraar Economie van de diergezondheidszorg prof. dr ir Aalt Dijkhuizen vindt het nog te vroeg voor een parlementair onderzoek naar de varkenspest. Veelal wordt dat gebruikt om verantwoordelijke personen ten val te brengen, maar ook zonder Van Aartsen ontkomen we een volgende keer niet aan het varkenspestvirus. Dijkhuizen ziet meer nut in een gedegen evaluatie van de huidige uitbraak
Het veelgehoorde verwijt aan de minister dat het virus al enkele weken in Nederland rondwaarde voordat de overheid ingreep, geeft Dijkhuizen geen aanleiding tot het uiten van kritiek op het ministerie van LNV. Rond 4 februari had niemand de informatie dat het zo'n grote uitbraak zou worden. Bovendien bestond er binnen de sector veel weerstand tegen een grootschalige preventieve ruiming.
Pas in april, toen de uitbraak in het zuiden steeds groter werd en ook bedrijven in Gelderland en Overijssel besmet raakten, werd tot een grootschalige preventieve ruiming besloten. Toen wilden ook de boeren dat er flink werd ingegrepen. Inmiddels was het kwaad echter al geschied en liepen we achter het vuurtje aan.
Dijkhuizen meent dat de late ontdekking van het virus een belangrijke reden is dat de ziekte op een zo grote schaal kon woeden. In 1990 heerste in Brabant ook varkenspest, vertelt hij. Toen herkenden dierenarts en veehouder de ziekte meteen. Er was slechts contact geweest met een ander bedrijf. Beide bedrijven zijn geruimd en daar is het bij gebleven
Dijkhuizen: Zoveel geluk als we toen hadden, zoveel pech hadden we nu. Meestal herken je varkenspest niet meteen. De varkens zijn wat koortsig en eten slecht. Dat soort symptomen kan ook op andere ziekten wijzen. Als je lang geen varkenspest hebt gehad, denk je sneller aan andere zaken. Inmiddels staat iedereen op scherp, maar vorig jaar was dat anders.
Eind vorige week is in Ravenstein opnieuw een bedrijf besmet verklaard. Deskundigen vrezen dat het een nieuw virus betreft. Mocht dat het geval zijn, dan verwacht Dijkhuizen geen nieuwe grote epidemie, omdat vanaf het eerste begin gedegen wordt ingegrepen
Meestal zijn in het begin van een epidemie een of twee bedrijven besmet. Vorig jaar zijn begin februari tussen de vijf en tien bedrijven per week positief bevonden. Dat bij het begin van de pest al zoveel bedrijven besmet waren, heeft de plaag vergroot.
Microchip
De hoogleraar pleit voor een forse investering in het verbeteren van de eerste diagnose. Een in de huid geimplanteerde microchip zou naast identificatie en registratie van de dieren ook zaken als hartslag, temperatuur en bewegingsfrequentie kunnen meten. Nu is de mens de zwakke schakel in het signaleren van de eerste symptomen. Een geautomatiseerde techniek kan uitkomst bieden, omdat daarmee de kleinste verandering te meten valt. Een andere optie is routinematig bloedonderzoek op het slachthuis. Het Productschap voor Vee, Vlees en Eieren onderzoekt momenteel die mogelijkheid
Naast het sneller ontdekken van het virus zou het volgens de hoogleraar bij een volgende uitbraak mogelijk moeten zijn gebieden sneller stil te leggen. Toen de pest op 4 februari werd vastgesteld, zijn legaal nog vele dieren getransporteerd. Door allerlei wettelijke bepalingen kon pas 's nachts om twaalf uur een rijverbod worden uitgevaardigd. Het is wellicht zinvol om de wettelijke bevoegdheid te hebben om met directe ingang een rijverbod te laten gelden.
Ook moet volgens de hoogleraar nader worden bezien of bij een volgende uitbraak anders kan worden geruimd. Niet alleen bedrijven die binnen een cirkel van een of twee kilometer van het besmette bedrijf liggen, maar ook bedrijven op twintig kilometer afstand waarmee serieuze contacten bestaan.
Om dat mogelijk te maken moet volgens Dijkhuizen de identificatie en registratie van varkens aanmerkelijk verbeteren. Nu was op het moment van de uitbraak slechts veertig procent van alle varkensbewegingen in kaart gebracht. Daarmee mis je bij een pestuitbraak te veel gegevens
Bio-industrie
In Nederland heeft de pest bijgedragen aan een grootschalige herstructurering van de varkenshouderij. Voor de pest zal een verkleining van het aantal varkens per bedrijf echter niet uitmaken. Het virus zegt niet: dit groepje varkens is mij te klein, redeneert Dijkhuizen. Zinvoller acht hij de invoering van een varkensheffing. Iedere boer moet per varken een bedrag betalen. Op dat bedrag kan hij een korting krijgen naarmate hij minder contacten met andere bedrijven onderhoudt
In de hele discussie over de herstructurering bleef deze maatregel onderbelicht. Dat vind ik jammer, want ik geloof echt in de werking ervan. Elk jaar weer moet de boer opnieuw betalen en krijgt hij een beloning naarmate hij zijn bedrijf minder risicovol inricht.
Ondanks allerlei inspanningen verwacht Dijkhuizen niet dat het virus in Europa binnenkort volledig uitgeroeid is. De afgelopen vijftien jaar hebben we in Nederland om de twee jaar een uitbraak gehad. Ook met vaccineren voorkom je dat niet. In 1983/84 werden varkens preventief tegen de klassieke varkenspest ingeent, maar in dat jaar werden 337 bedrijven getroffen.
Het opheffen van de bio-industrie, door sommigen bepleit, zal volgens de hoogleraar ook geen einde maken aan besmettingen in de toekomst. De bio-industrie heeft geen schuld aan de pest. Het virus is al oud. Het stamt uit 1830, toen de bio-industrie nog niet bestond. Ook een systeem met alleen maar scharrelvarkens zou zijn getroffen. We hebben dit keer de pech gehad dat het virus vanuit het Duitse Paderborn in het dichtstbevolkte varkensgebied van Brabant terecht kwam en dat het enige tijd duurde voordat het onderkend is. Bij computersimulaties zouden we deze situatie als worst case scenario hebben bedacht.

Re:ageer