Wetenschap - 24 september 1998

Landschap is een totaliteit, inclusief veldwaterlossing

Landschap is een totaliteit, inclusief veldwaterlossing

Landschap is een totaliteit, inclusief veldwaterlossing
Wandelen door het weerbarstig land met Hans Elerie
De greppel in het heideveld is niet zomaar een greppel, maar een veldwaterlossing, overblijfsel van pogingen van middeleeuwse boeren om het weerbarstige land te beheersen. Ook daar zou het natuurbeheer rekening mee moeten houden, vindt dr ir Hans Elerie. Op reportage met een historisch geograaf die op zoek ging naar de ecologische gevolgen van het boerenbedrijf in Koekange en het beekje de Reest
Natuurbeheerders zijn net boeren, zegt Hans Elerie verbolgen. Het is half elf. De zon heeft net de mist doen verdwijnen, strijkt nu over het met dauw bedruppelde heideveld bij Oud-Avereest en laat de spinnenraggen tussen het gras en de heidepollen wit oplichten, zodat de hei beschimmeld lijkt. Van een meanderend greppeltje in de hei zijn de kanten afgegraven om een dammetje te vormen, zodat het water in de greppel blijft staan
Je hoeft toch geen grondwal af te graven om een dammetje te maken, dat kan toch ook netjes met een plank, moppert hij. Ik kijk hem wat verbaasd aan, maar voor historisch geograaf Elerie is deze greppel geen greppel. Het is een veldwaterlossing, die eeuwen geleden door boeren werd gegraven om het Meeuwenveen droog te leggen, zodat ze het konden verturven. Veldwaterlossingen werden ook wel gebruikt om het land droger te maken, zodat schapen zonder ziekten konden worden geweid. Men wist niet waarom, maar men wist dat het leverbotslakje ziekten veroorzaakte, en dat slakje gedijde in een natte omgeving. Nu grazen Schonebeekse schapen op het heideveld langs de Reest tussen boerderij Wildenberg en de Pieperij
Dat maakt deel uit van de ecologische hoofdstructuur (EHS), een slinger van landschappen door Nederland waarin natuur de nadruk heeft. Dat wekt de irritatie van Elerie. Voor hem zijn door mensenhanden aangelegde zaken als veldwaterlossingen een essentieel deel van het huidige landschap en vergeten de natuurbeheerders dat te vaak bij hun vernieuwingsdrang
Biodiversiteit
Elerie is net gepromoveerd op een historisch-geografisch onderzoek naar het dorpslandschap van Koekange en het beekdallandschap van het riviertje de Reest. In een uitzonderlijk mooi vormgegeven, kloek boek met de titel Weerbarstig land beschrijft hij de wisselwerking tussen de natuur en het boerenbedrijf tot 1850. Daaruit blijkt dat de ecologische processen die leidden tot de huidige structuur van het landschap, door de eeuwenlange exploitatie van boerenbedrijven zijn gestuurd. Daar moet je bij het hedendaagse beheer rekening mee houden, vindt Elerie
Kijk, een boer was toen natuurlijk helemaal niet geinteresseerd in biodiversiteit. Hij wilde zoveel mogelijk eiwitrijke voeding van zijn hooiland halen. Als neveneffect van zijn exploitatie ontstond een bepaalde biodiversiteit, die tegenwoordig de basis vormt voor het herstellen van oude landschappen. Daarbij moet je wel voorzichtig zijn. Natuurbeheer is een heel jonge beheersvorm, nauwelijks twintig jaar oud. In veel PR-campagnes worden toekomstverwachtingen gewekt waarvan het de vraag is of we die wel waar kunnen maken. Ik pleit voor bezinning op het verleden. Onderzoek als het mijne geeft een wat rationelere kijk op de mogelijkheden van een landschap. Landschap is een totaliteit, inclusief veldwaterlossing.
Het landschap waarin we met zijn tweeen wandelen, lijkt in geen enkel opzicht meer op het landschap dat Elerie in Weerbarstig land beschrijft. Op de mistige maandagochtend voert het kerkpad vanaf de Nederlands Hervormde Kerk van Oud-Avereest ons over een krom, houten bruggetje. Daaronder kabbelt het water van de Reest traag voort onder met eikels bezwangerde eiken en spichtige vliegdennen. Hier zag je vroeger de top der blanke duinen, als het ware, allemaal stuifzand. Voor 1850 was dit een heel open landschap. Er stonden alleen bij de boerderij een paar opgaande eiken, maar het landschap was kaalgevreten en afgeroomd. En als je op zo'n duin ging staan, keek je over een gigantisch veengebied heen. De vliegdennen werden in de negentiende eeuw gebruikt om met hun lange penwortels de stuifzanden te beteugelen. De eiken kwamen daarna. Nu is het een lommerrijk, pastoraal beekdal.
Stadscompost
In Weerbarstig land beschrijft Elerie hoe boeren in Koekange, Zuidwolde en De Wijk zich aan het ecologische korset probeerden te ontworstelen. Boeren bracht toen veel meer risico met zich mee. Neem dit kleine esakkertje, een eenmansesje dat eeuwenlang bemest is. Het is ook wat opgehoogd door de plaggenmest enzovoorts. Vlak hiernaast zie je al stuifzanden, die grenzen aan het land van de boer. Het kwam wel voor dat bij ongunstige wind de ingezaaide winterrogge met zeer onvruchtbaar stuifzand werd bedekt. Dan moest de boer opnieuw bemesten en wachten tot het volgend voorjaar om weer in te zaaien. Boeren was vechten met de natuur. Het idee van een rurale idylle klopt van geen kanten. Aan de ene kant was de boer sterk afhankelijk van de natuurlijke kwaliteit van het land, aan de andere kant boerde men net zo rationeel als tegenwoordig. Het land was het primaat, maar de conjunctuur bepaalde of de boer intensiever kon boeren of niet.
Het streven naar intensievere landbouw putte de grond uit. Elerie ontdekte dat twee middelen om intensiever te boeren eerder werden gebruikt dan werd gedacht. Reeds in de Middeleeuwen importeerden boeren uit Koekange stadscompost uit Meppel om de landerijen te bemesten. Deze bemestingswijze wordt veelal aan de grote veenontginningen in de negentiende eeuw toegewezen, toen er veel kapitaal was om het vervoer van compost te bekostigen. Met dezelfde stadscompost konden boeren in De Wijk een haverlandencultuur opzetten. Een verrassing, aldus Elerie. Dat de haverlandencultuur hier zo belangrijk was, wisten we nog niet.
Momberrekeningen
Belangrijker dan de historische vondsten die hij heeft gedaan, vindt Elerie de methodiek die hij heeft gebruikt. Het is een vrij empirisch verkennende studie met als basis het boerenbedrijf. Het boek Boeren op het Drentse zand 1600-1910 van dr ir Jan Bieleman was hierbij een belangrijke inspiratiebron. Hij heeft zich vooral op het landbouweconomische systeem geworpen, de bedrijfsvorm bestudeerd. Ik kijk op kleinere schaal naar de bedrijfsstijl, de vertaling van een bedrijfsvorm in een lokaal ecosysteem. De bedrijfsvorm heeft drie dimensies: een sociale, een economische en een ecologische. Ik heb de ecologische eruit gelicht en uitvergroot.
Veel materiaal vond Elerie in archieven. In de Republiek moest je grondbelasting betalen. De grondschattingen daarvoor werden vastgelegd, met toelichtingen en bezwaarschriften. Daar vond ik beschrijvingen over grondgebruik, opbrengst, exploitatievormen, enzovoorts. En uit zogenaamde momberrekeningen, aantekeningen van de voogd die het goed van wezen moest beheren, bleek dat vaak arbeid werd ingehuurd. Er ontvouwt zich een heel rekenkundig wereldje, een rationele bedrijfsvoering die schipperde tussen conjunctuur en natuur.
Wat kan zijn studie betekenen voor het beheer van landerijen binnen de EHS? Ik heb mijn vakgebied een ecologische impuls gegeven. Tot nog toe letten historisch geografen altijd op de verschijningsvorm van het landschap. Ik heb nu het proces achter die ontwikkeling willen beschrijven. Met mijn promotie wilde ik een methodiek ontwikkelen waarmee meer van dit soort onderzoek gedaan kan worden, bijvoorbeeld in andere EHS-gebieden. Het liefst in een interdisciplinair kader, want met samenwerking krijg je betere resultaten en boor je ook de bodem aan als bron. In dit esdek bijvoorbeeld vind je stuifmeel, plantenresten, houtskoolresten en bemestingsmateriaal. Een schat aan informatie.
Elerie werkt al veel samen met ir Theo Spek van het Staring-Centrum, die bodemkundig beter is onderlegd, maar ook archeologen en hydrologen zijn welkom. Landschap moet worden bestudeerd als een totaliteit, waar landbouw, natuur en recreatie samenkomen. Wageningen zou dat kunnen. Alle disciplines zitten er, vlak bij elkaar. Maar als je dan ziet hoe slecht ze met elkaar communiceren. Onbegrijpelijk!

Re:ageer