Wetenschap - 18 april 1996

LUW moet milieuvakken beter integreren in studie

LUW moet milieuvakken beter integreren in studie

De samenhang in het studieprogramma Milieuhygiene van de LUW wordt bedreigd door de grote keuzevrijheid van studenten. Hierdoor kunnen versnipperde vakkenpakketten ontstaan van onvoldoende niveau. Dat concludeert de visitatiecommissie die vorig jaar alle universitaire milieukunde-opleidingen bezocht.


Over het algemeen is de commissie tevreden over Milieuhygiene: de afgestudeerde mag zich terecht ingenieur noemen. Enig voorbehoud maakt de commissie bij de specialisatie Milieubeheer, waarbij de integratie tussen maatschappijwetenschappen en natuurwetenschappen onvoldoende uit de verf komt. De commissie merkt op dat een zwaardere vakgroepsoverstijgende structuur nodig is om een echte interdisciplinaire opleiding Milieuhygiene te krijgen. Nu bestaat het curriculum nog te veel uit losse vakken.

Positief is de commissie over de goede contacten van de studie met het beroepenveld en over het grote aantal studenten dat een stage in het buitenland volgt. Wel mag de richting meer aandacht besteden aan studenten die een carriere ambieren in de wetenschap.

De LUW-opleiding heeft als enige een verplichte stage opgenomen. De commissie waardeert dat ten zeerste, omdat studenten zo inzicht krijgen in de beroepspraktijk. De commissie beveelt de andere milieu-opleidingen aan dit voorbeeld te volgen. Ook is de LUW-opleiding als enige vijfjarig. De commissie adviseert de richting om het vijfde jaar vooral te gebruiken voor vakgerichte vaardigheden in plaats van beroepsgerichte vaardigheden.

Studieduur

Als algemene conclusie stelt de commissie dat het niet mogelijk is in vier jaar op een verantwoorde manier universitaire milieukundigen op te leiden. Ze bepleit een vijfjarige studieduur bij alle acht milieu-opleidingen in Nederland.

De commissie, voorgezeten door oud-minister dr L. Ginjaar, vergelijkt milieukunde met de ingenieursstudies. Studenten moeten gedegen wetenschappelijke kennis in meer dan een discipline tot zich nemen en die kennis integreren bij het oplossen van problemen. Samen kost dat in feite vijf jaar, meent de commissie. Geen van de beoordeelde programma's slaagt er dan ook in dit in vier jaar te bereiken.

Toch is het niveau van de afgestudeerden in de praktijk wel voldoende. Dat komt doordat ze massaal hun studie verlengen door extra studie-onderdelen te volgen en meer tijd uit te trekken voor hun afstudeerwerk. Deden ze dat niet, dan zouden ze in de ene opleiding te weinig diepgang meekrijgen en in de andere te weinig breedte. De commissie vindt het niet juist om ook na invoering van de prestatiebeurs van studenten deze vrijwillige studieverlenging te blijven verwachten.

Arbeidsmarkt

Om de claim van vijf jaar te onderbouwen, zouden de universiteiten samen een onderzoek naar de behoefte van de arbeidsmarkt moeten doen. Met dat onderzoek valt ook de heersende onzekerheid over de vraag naar breed opgeleide milieukundigen weg te nemen.

De acht opleidingen, met samen ruim 250 nieuwe studenten per jaar, vormen een bonte verzameling. Er zit een studie van de Open Universiteit bij en een postdoctorale beroepsopleiding van vier universiteiten. Verder zijn er drie opleidingen in Utrecht, Nijmegen en Groningen die pas in het derde studiejaar beginnen en twee bovenbouwstudies die je na de propaedeuse kunt volgen. Alleen Milieuhygiene in Wageningen is een volledig studie.

De beoordelaars vinden dat al deze opleidingen hun studenten genoeg kennis van milieuvakken en genoeg interdisciplinair denken moeten bijbrengen. Al met al krijgt de postdoctorale beroepsopleiding Milieukunde van Wageningen, Leiden en de twee Amsterdamse universiteiten verreweg de meeste lof. Zowel inhoudelijk als onderwijskundig zit deze goed in elkaar. Van de gewone doctoraalopleidingen komen de twee Nijmeegse varianten (beta en gamma) het best uit het visitatierapport, gevolgd door Milieuhygiene in Wageningen en Milieugezondheidskunde in Maastricht. Veel kritiek oogsten de opleidingen in Utrecht en Groningen en die van de Open Universiteit.

Re:ageer