Wetenschap - 27 november 1997

Kerstdiner in De Taartendoos

Kerstdiner in De Taartendoos

Kerstdiner in De Taartendoos
Hier is alles pais en vree
Het moment voor het Wageningse kerstdiner is de avond van de studentenfeesten. In veel studentenflats en -huizen staat die avond geen chili of pasta op tafel. Elke bewoner bereidt een deel van de maaltijd. Het kerstdiner staat in het teken van veel en lekker eten. En drinken. En praten. Zo ligt er om een uurtje of twaalf een goede bodem voor een lange avond stappen
Het is een beetje improviseren in het keukentje van studentenhuis De Taartendoos. Elk horizontaal oppervlak boven de vloer is in gebruik. Een klein bankje rechts van de deur staat vol schaaltjes. Op de koelkast staan schoteltjes. Elk van de vier pitten van het fornuis is bezet door een pan. Alleen op het aanrecht staat geen eten. Tot een halve meter boven het blad is daar de vuile vaat opgestapeld. Pannen en schalen, lepels en gardes steken in en door elkaar op het werkblad en in de spoelbak
Guido van Beek laat even de pan in de steek waarin hij stond te roeren. Met een gebaar dat routine verraadt pakt hij een wisser van de vensterbank en veegt de condens van het keukenraam. Hij wijst rond: We hebben fors ingeslagen voor vanavond. Ons winkelwagentje zat helemaal vol. Bart de Haan licht toe: We hebben een eigen winkelwagentje. Eigenlijk is het natuurlijk van de Albert Heijn, maar we gebruiken het al tijden. Het staat voor de deur. Dan ineens verbaasd over zijn eigen uitspraak: Maar we komen nooit bij Albert Heijn. We halen al onze boodschappen bij de Edah. Het is me een raadsel hoe we aan dat karretje komen.
Baskische tomatensoep
De schaaltjes naast de deur zijn het werk van Van Beek. Artisjokbodems met gepocheerd ei en kruidensabayon. Speciaal voor vanavond. Ik maak ze voor het eerst. Het recept heb ik uit een kookboek. De ingredienten leken me lekker, maar bij elkaar heb ik het nog niet geproefd. Dit is niet het enige voorgerecht. Voor het hoofdgerecht serveert De Taartendoos ook nog warme oesterzwammen met lychees en Baskische tomatensoep, een klassieker in de keuken van het huis
De huiskamer begint redelijk vol te lopen. Rond de feestelijk gedekte tafel zitten mensen televisie te kijken, op het scherm een aflevering van Zo vader, zo zoon. Niet het favoriete programma van de bewoners. Het toestel lijkt zelf een keuze te hebben gemaakt. Hij springt af en toe vanzelf op een, merkt bewoner Arjen de Boer laconiek op
Het gezelschap is bijna compleet. Het is traditie, dus iedereen die kan komen, komt. Er eten zelfs meer mensen mee dan er in het huis wonen. Wijnand Boonstra heeft zijn broer en een vriend meegebracht, Arjen de Boer zijn vriendin. Alex Diehl, vriend van Martine Tinus de Vaan, zit al aan tafel. Twee bewoners zijn er niet, maar hebben goede redenen. De Haan: Een zit in Singapore, de andere is bij haar ouders aan het uitzieken. Alleen De Vaan laat nog op zich wachten. Ook met goede reden: ze is naar een sollicitatiegesprek.
De Vaan kijkt verheugd op als kort na haar komst de soep wordt geserveerd. Gelukkig is het een pan met twee oren. Voor haar huisgenoten blijkbaar een volstrekt normale opmerking. De Haan ziet het onbegrip bij de gasten. Een tijd geleden hadden we een pan met maar een oor. Prima pan om in te koken, maar je kunt zo'n pan moeilijk verplaatsen. Een meisje dat hier toen woonde had de halve dag in de keuken gestaan om ons een voortreffelijke soep voor te schotelen. Maar toen ze met de volle pan naar de kamer liep, pleurde de hele boel op de grond. We hebben maar friet gehaald.
Bokkenpootjesijs
De twee-orige pan gaat in een tweede ronde tot op de bodem leeg. Vooral Diehl vindt 'm lekker Ha, pizzasoep, roept hij uit. Baskische tomatensoep, verbetert De Haan. Maar waar de soep die naam aan te danken heeft, weet hij ook niet
Het hoofdgerecht ontlokt een meerstemmig oooh aan het gezelschap. Op de tafel is geen plaats meer voor de alle schalen en pannen. De aardappelkroketjes verdringen de rijst met muntsaus. De zuurkool/wortelsalade en de Griekse salade vechten om een plekje. Als de broccoli op tafel staat, hangen er nog twee handen met een laatste schaal boven de tafel. Na wat geschuif krijgen de feta-Monchou-flapjes toch nog een plaatsje. Dan wordt het stil; af en toe klinkt een instemmende mompel richting een van de koks
John Boonstra, op bezoek bij broer Wijnand, vergelijkt het leven in De Taartendoos met een Nederlandse tv-serie over een studentenhuis, Het labyrint. Van Beek vindt De Taartendoos een stuk aangenamer. In die serie is alles heel hectisch, iedereen leeft er langs elkaar heen. De Haan is het met hem eens: Hier is alles pais en vree.
Toch kunnen de tv-schrijvers zich voor minstens een scene laten inspireren door de Wageningers. Wijnand Boonstra: Laatst vertelde een meisje me dat er 's nachts terwijl ze lag te slapen zomaar een vent haar kamer binnenliep. Ik zei: dat kan ik je nog sterker vertellen. Ik loop een keer mijn kamer binnen, ligt er een mij onbekende naakte vrouw in mijn bed. Bleek dat ze Bart wilde verrassen en zich in de kamer had vergist. Nadat ze mijn kamer verliet, is ze in Arjens bed gaan liggen.
Bokkenpootjesijs markeert het einde van de maaltijd. Na al dit eten hoor je daar geen plaats meer voor te hebben, vindt De Haan. Maar niemand laat het toetje staan

Re:ageer