Wetenschap - 3 september 1998

KSV Introductie

KSV Introductie

KSV Introductie
Naar de Wallen
Mijn naam is Van der Walle en dat is wel toepasselijk, want ik kom net terug van de Amsterdamse Wallen, aldus Tom van der Walle. Samen met vijf mede-introlopers en twee mentoren kreeg hij van de introductiecommissie van KSV de opdracht om bij Rob Verhulst - dokter Erik Koning uit de serie Medisch Centrum West - een rondleiding over de Amsterdamse Wallen te regelen. De groep kreeg daarvoor twee dagen de tijd, maar iedereen moest zijn geld en ov-kaart inleveren. Dat betekende dat ze die dagen hun vervoer, slaapplaats en eten zonder geld op zak moesten regelen. Voor noodgevallen kregen ze een kwartje mee
De groep vertrok liftend in tweetallen vanuit Wageningen. Van der Walle kwam eerst in Abcoude terecht. Daar moet je niet zijn. Als we vroegen: Kunnen we hier werken voor eten, kregen we te horen: Rot maar op. Toen we in een bar een glas water vroegen, ging de barman zelfs eerst aan zijn baas vragen of hij het ons mocht geven en we mochten daar ook niet naar het toilet. Wel konden we gratis in de spin op de kermis en een medewerker van een supermarkt heeft nog een brood voor ons gekocht.
Rolien Wiersinga maakte deel uit van een ander tweetal en kwam zonder problemen in Amsterdam terecht. Daar begon ze met het bij elkaar bedelen van haar lunch. Het ging allemaal supermakkelijk: een pizza bij de pizzahut, een cola bij de Burger King en in een ijssalon een ijsje.
Uiteindelijk kwamen alle tweetallen bij elkaar op het centraal station en gingen ze op zoek naar Rob Verhulst in cafe De Kletskop. Van der Walle: Iemand vertelde ons dat Rob Verhulst daar de eigenaar van was. Dat cafe was gesloten, maar onderweg kwamen we een bordje Rob Verhulst Produkties tegen. Daar zijn we naartoe gegaan. Ze vertelden ons eerst dat hij op vakantie was, maar later kwam hij toch. Helaas wilde hij ons geen rondleiding geven, omdat hij het te druk had, maar hij zei wel: Kom rond acht uur maar terug om te eten. Toen we terugkwamen, nam hij ons mee naar een steakhouse. Terwijl hij de biefstuk weer voor zich ziet: We hebben heel goed gegeten.
Hoewel Verhulst hen niet wilde rondleiden, onthulde hij wel zijn remedie tegen betweterige lolbroeken. Van der Walle: Hij vertelde dat hij wat rustiger ging praten als iemand steeds de leukste probeerde te zijn. Daardoor hoorde hij hoe die persoon heette, omdat er altijd wel iemand was die iets zei als He Carel, hou nou eens je bek. Als hij de naam wist, belde hij snel met zijn mobiele telefoon naar tante Mien, een prostituee van een jaar of zeventig. Vervolgens ging hij naast die persoon lopen en als ze dan langs het verblijf van tante Mien liepen, kwam ze naar buiten en vloog de lolbroek om de hals met woorden als: He Carel, ben je daar weer? Zullen we weer eens? Dan hield Carel zijn mond wel.
Rolien Wiersinga herinnert zich nog wat feiten die Verhulst tijdens het diner noemde. Geschokt: Hij zei dat er tienduizend prostituees in Amsterdam zijn met ongeveer een miljoen klanten. Daarvan is zestig procent getrouwd. Van der Walle is met zijn gedachten nog steeds bij zijn biefstukje. Het was heel goed, we hebben heel duur gegeten.
Om een uur 's nachts was de groep uitgedineerd en ging ze op zoek naar een slaapplaats. Dat lukte niet bij de Amsterdamse zustervereniging van KSV, omdat deze al om half twee dichtging. Daarom verraste de groep een zus van een van de introlopers. We hebben met z'n achten in haar woonkamer geslapen, vertelt Van der Walle
De terugreis de volgende dag liep voor Van der Walle en Wiersinga gesmeerd. We hadden in een keer een lift tot afslag Wageningen, vertelt Van der Walle. Na een paar minuten kregen we alweer een nieuwe lift en werden we voor de deur van KSV afgezet. Wiersinga: De rest van onze groep probeert nu nog terug te komen.
Een andere groep introlopers en mentoren kreeg de opdracht om samen met Hessel te zingen in zijn cafe op Terschelling. Ze strandden in Harlingen, omdat ze het geld voor de overtocht naar Terschelling niet bij elkaar kregen. Nienke Pek: Om twaalf uur 's nachts hadden we nog geen slaapplaats. We hebben toen heel zielig gedaan tegen een paar conducteurs, zodat we gratis naar de ouders van een van onze mentoren konden reizen. Daar hebben we met z'n allen geslapen.
De introlopers die van de introductiecommissie op bezoek moesten bij potentiele zusterverenigingen in Maastricht, werden bij geen enkele vereniging binnengelaten en hadden de grootste moeite om hun kostje bij elkaar te scharrelen. Jerre Blok: We kregen soms wat oud brood bij een bakkerij, maar een pizza zat er echt niet in. Ze sliepen uiteindelijk in een studentenhuis. Blok: Een student die in een hotel werkte, verwees ons naar een studentenhuis. Hij bleek daar zelf niet te wonen en we mochten er niet slapen, maar de mensen van dat huis kenden de student uit het hotel en ze gaven ons zijn adres. Zijn huisgenoten lieten ons binnen en we hebben daar toen geslapen. Hij stond te knipperen met zijn ogen toen hij thuiskwam en al die mensen in zijn huis zag. Maar het was niet zo sensationeel allemaal. Eigenlijk heel gewoontjes.
Twee groepen volbrachten hun opdracht. Afgelopen vrijdag verscheen op de televisie de presentator van het programma Veronica Call tv met een KSV-verenigingsdas om, en op hitradio Veronica klonk die dag het jaarlied uit de kelen van zes nieuwe KSV-leden en hun mentoren. Prompt kreeg KSV die dag een fax van een zustervereniging: Jullie feuten zongen vals.

Re:ageer