Wetenschap - 30 oktober 1997

Jonge academici scoren met publicaties over knock out-muizen

Jonge academici scoren met publicaties over knock out-muizen

Jonge academici scoren met publicaties over knock out-muizen
Zoals je lijstduwers hebt, heb je ook publicatieduwers
Het gedrag van chromosomen bij de vorming van zoogdierspermacellen is doorgaans niet een onderwerp waarmee je makkelijk de kolommen van bladen als Nature Genetics haalt. Toen een stagiaire een Wageningse onderzoektechniek meenam naar de Verenigde Staten veranderde dat. Zij raakte als chromosoomgedragonderzoeker betrokken bij het kankeronderzoek, waar prestigieuze wetenschappelijke tijdschriften sterk in zijn geinteresseerd. Uiteindelijk profiteerde ook haar Wageningse begeleider daarvan. Een voorbeeld van hoe het kan lopen met een Wageningse onderzoeksgroep in publicatieland
Zodiac viert op dinsdag 28 oktober een feestje. Het prestigieuze blad Nature Genetics heeft een artikel geaccepteerd met onderzoek van ir Antoine Peters. Hij is assistent in opleiding bij de groep die bij Erfelijkheidsleer onderzoek doet naar het gedrag van chromosomen van zoogdiercellen. Iedereen is trots; Erfelijkheidsleer is trots en de onderzoekschool WIAS is mogelijk nog trotser, vertelt Peters' copromotor dr ir Peter de Boer
Peters' onderzoek richt zich op het zoek- en paargedrag van chromosomen tijdens de meiose, een deelproces tijdens de vorming van geslachtscellen. Voor dit onderzoek kunnen sinds kort zogenaamde knock out-muizen worden gebruikt, muizen waarin bijvoorbeeld een gen is uitgeschakeld dat een functie heeft in het voorkomen van kanker. Kankeronderzoekers hebben muizen gemaakt waarin het gen is uitgeschakeld dat zorgt voor het herstel van een verkeerde nucleotidevolgorde van een stuk DNA. Het meiose-onderzoek aan zoogdiercellen is hierdoor in een stroomversnelling gekomen, aangezien het eiwit waar dit gen voor codeert ook een belangrijke rol blijkt te spelen in het zoek- en paargedrag van chromosomen. Dit levert een nieuwe methode op om fundamentele aspecten van het gedrag van chromosomen tijdens de meiose op te helderen
Peters schreef zijn artikel voor Nature Genetics samen met een van de studenten die hij tijdens zijn promotie-onderzoek heeft begeleid. Dr ir Annemieke Plug, momenteel al drie jaar werkzaam in de Verenigde Staten, deed in 1994 als biologiestudent onder zijn leiding een afstudeervak bij Erfelijkheidsleer. Inmiddels heeft ze hem ingehaald; Plug promoveerde in tweeenhalf jaar. In april van dit jaar kreeg ze haar doctorstitel aan de Universiteit Utrecht. Peters moet 21 november zijn proefschrift verdedigen. Daarna vertrekt hij ook naar de Verenigde Staten, waar hij postdoc wordt met een NWO-beurs
Eiwitskelet
Plug viel tijdens een stage in Yale met haar neus in de boter. Kankeronderzoekers hadden toen problemen met die knock out-muizen, vertelt Peters. De mannetjes waren steriel. En dan is het interessant om te kijken of er tijdens de meiose iets fout gaat. Zo kwamen die kankeronderzoekers terecht bij de groep in Yale waar Plug stage liep. Ze waren erg geinteresseerd in Plugs Wageningse kennis. En zo begon het eerste van vele samenwerkingsverbanden tussen meiose- en kankeronderzoekers
Plug gebruikte in Yale een door Peters ontwikkelde celspreidingsmethode, een verbeterde versie van een oude methode, in combinatie met een antilichaam dat zijn promotor prof. dr Christa Heyting maakte. Met deze methode zijn chromosomen heel goed zichtbaar te maken, omdat we het eiwitskelet laten opzwellen, vertelt Peters. Plug kon hiermee Amerikaanse kankeronderzoekers laten zien dat het chromosoomgedrag in de meiotische voorlopers van de spermacellen van de knock out-muizen gestoord was. De chromosomen van beide ouders die naar elkaar op zoek gaan, bleken elkaar niet goed te kunnen vinden
Dat was het begin van haar succes met Peters' techniek, waar uiteindelijk ook Peters weer profijt van had. Inmiddels is Plug medeauteur van twee publicaties in het prestigieuze Cell en een in Nature Genetics. Annemieke heeft een heel goed geheugen voor plaatjes en kan snel afwijkingen van het normale beeld herkennen. Daarnaast is ze ook heel goed in het redigeren van artikelen; ze weet hoe je het moet opschrijven om het gepubliceerd te krijgen, vertelt De Boer
Lange tijd keken Peters en De Boer vanaf de zijlijn hoe dat gaat: publiceren op hoog niveau. We hebben dat nu vier keer meegemaakt; voordat we een gezamenlijke artikel schreven had Annemieke al twee publicaties in Cell en een in Nature Genetics waarin ze onze methode gebruikte, vertelt De Boer. Volgens Peters moet je modieus onderzoek doen om je publicaties geaccepteerd te krijgen; vooral onderzoek naar ziektes is heel populair
Het nu door Nature Genetics geaccepteerde gezamenlijke onderzoek is eigenlijk heel fundamenteel. Dat past niet in Peters' theorie over het acceptatiebeleid van prestigieuze bladen. Als we alleen gewerkt hadden met klassieke chromosoommutaties, was het artikel niet zo makkelijk geaccepteerd, reageert De Boer. Wetenschappelijke tijdschriften zoeken naar onderwerpen waar de lezers in geinteresseerd zijn. Dat is belangrijk voor de status van het blad.
Dit onderzoek is nu hot business. Dat maakt publiceren makkelijker. De grote bladen geven sterk richting aan onderzoek door te plaatsen wat zij interessant vinden. Door de grote waarde die, zeker in Amerika, aan publicaties in prestigieuze tijdschriften wordt gehecht, beinvloeden de redacties ook geldstromen, stelt Peters. Hiermee worden grote onderzoeklaboratoria bevoordeeld. Prestigieuze tijdschriften vragen vaak veel data en alleen een grote onderzoeksgroep kan die snel leveren.
Wij zijn eigenlijk maar frobelaars, vertelt De Boer. Zoals je bij verkiezingen lijstduwers hebt, zo zijn er ook publicatieduwers. Een samenwerking met een publicatieduwer zorgt ervoor dat je je artikel sneller gepubliceerd kan krijgen in een beter tijdschrift.
Uitstulping
Plugs publicaties rolden voort uit haar verdere onderzoek samen met de Amerikaanse kankeronderzoekers. Ze onderzocht wat bij de vorming van zaadcellen de rol is van genen die kanker kunnen veroorzaken. Daarvoor gebruikte ze ook een speciale, in Wageningen ontwikkelde muis. Die muis heeft twee mutaties waardoor bij twee chromosoomparen de lengte van beide chromosomen verschilt. Dat lengteverschil zorgt vaak voor een uitstulping in het langere chromosoom. Deze chromosoomparen gaan op zoek naar hun evenbeeld: een ander chromosoompaar met een uitstulping met dezelfde informatie erop
Deze twee paren kunnen elkaar minder snel vinden dan de twee chromosomen van een normaal chromosoompaar. Dat maakt de paarvorming makkelijker te bestuderen, stelt De Boer. Het helpt als je de chromosomen een kunstje kunt laten doen. Dit levert een mooi modelsysteem. Zeker nu er steeds meer antilichamen beschikbaar komen voor de eiwitten die betrokken zijn bij het zoekgedrag van de chromosomen. Door aan deze antilichamen een fluorescerend label te hangen zijn de eiwitten zichtbaar te maken, wat zorgt voor mooie plaatjes
De gecombineerde kennis van knock out-muizen en muizen die chromosomen met uitstulpingen hebben, gaf Plugs onderzoek weer een fundamentelere wending. Ze kwam daarmee weer in de buurt van Peters' eigen onderzoek naar de paarvorming van chromosomen. Dat leverde de gezamenlijke publicatie op. De conclusies van dit door Nature Genetics geaccepteerde artikel mogen nog niet in de krant, want prestigieuze bladen willen de primeur van het onderzoek dat ze publiceren. Het blad wil het artikel eind dit jaar publiceren
Andere delen van Peters' onderzoek acht hij zelf minder modieus. Ik vind het echter gaaf om iets basaals te ontrafelen.
Allianties
Enthousiast vertelt hij dat chromosomen een soort geheugen hebben voor hun gedrag tijdens de vorige meiose die ze meemaakten. Ze onthouden of ze goed gepaard waren en dat beinvloedt de vruchtbaarheid van de muizen. Peters vindt dat zijn promotieonderzoek hele nieuwe inzichten heeft opgeleverd. Mensen kijken meestal naar chromosomen als iets statisch. Nu blijkt de geschiedenis een rol te spelen.
Tijdens zijn promotieonderzoek leerden acht studenten bij Peters het vak van het analyseren van het gedrag van chromosomen. We proberen afstudeervakstudenten breed op te leiden en ze vervolgens voor hun tweede afstudeervak op plekken te krijgen waar ze zich verder kunnen ontwikkelen. Ze werken zich bij ons in en scoren soms elders, vaak in het buitenland, vertelt De Boer. Dat is niet vervelend voor de leerstoelgroep, integendeel. Het mes snijdt aan twee kanten, want het levert de Wageningse onderzoeksgroep veel contacten op. Zo is het contact met Yale ook flink geintensiveerd sinds Plug daar werkt
Het aangaan van strategisch allianties is belangrijk in de wetenschap. Door veel met mensen te praten en de relatie met je eigen winkeltje te leggen, kom je tot vernieuwend onderzoek, meent De Boer. Amerikanen kunnen heel gedreven en opportunistisch samenwerken. Dat komt ook door de manier van financieren. Ze zijn heel kien op publicaties en worden er ook steeds feller op. In het kankeronderzoek heb je ook veel concurrerende onderzoeksgroepen. Wij zijn traag. Ons onderzoek is breder en we doen veel meer onderwijs. Maar in Nederland gaan we ook steeds meer op publicaties afgerekend worden.

Re:ageer