Wetenschap - 12 maart 1998

Het landschap verdwijnt niet, het verandert hooguit

Het landschap verdwijnt niet, het verandert hooguit

Het landschap verdwijnt niet, het verandert hooguit
Discussie over Nieuwe Kaart
De Nieuwe Kaart van Nederland laat zien hoe Nederland er in 2005 zal uitzien als de overheid al haar ruimtelijke plannen doorvoert. De kaart was maandagavond 9 maart aanleiding voor een discussie in de Wageningse Openbare Bibliotheek over de toekomst van de inrichting van Nederland, in het kader van de Boekenweek. Alle ingredienten voor een goede discussie waren aanwezig in de opvattingen van historisch geograaf Hans Renes en landschapsarchitect Klaas Kerkstra, maar echt vuurwerk bleef uit. Renes legde de nadruk op kleine landschapselementen; Kerkstra overheerste de avond met brede visionaire overzichten van de toekomst en het verleden van het Nederlandse landschap
Volgens Jandirk Hoekstra, werkzaam bij Arcadis Advies en als coordinator betrokken bij de kaart, openbaart de essentie van de Nieuwe Kaart zich als je er met halfgeloken ogen tussen je wimpers door naar kijkt. De felgekleurde plekjes die dan zichtbaar blijven, vertegenwoordigen de toekomst. Dat rood staat voor stedelijke uitbreiding, oranje voor nieuwe bedrijvigheid en groen voor nieuw te ontwikkelen natuur werd maandagavond na enige verwarring duidelijk. De meeste verwarring gaf echter de vreemde paarse achtergrond. Dat was de persoonlijke keuze van de ontwerper van de kaart, Lucas Verweij, bezweerde Hoekstra. De kleur heeft niets van doen met het huidige kabinet
Hoekstra noemt de Nieuwe Kaart tegelijkertijd een inventarisatie van overheidsplannen en een discussiestuk over de samenhang van de ruimtelijke ordening. De ruimtelijke plannen die in de kaart zijn opgenomen voldoen aan drie voorwaarden. Ze worden door een landelijke, provinciale of gemeentelijke overheid gedragen, ze bezitten voldoende schaalgrootte en de uitvoering begint voor 2005. Uiteindelijk zijn tweeduizend stedelijke en infrastructurele plannen en 650 groene projecten in de kaart opgenomen
De Nieuwe Kaart geeft in een oogopslag de toekomstige mogelijkheden voor de ruimtelijke ordening weer, maar biedt ook zicht op de knelpunten. Stichting de Nieuwe Kaart van Nederland wil met de kaart een aanzet geven voor een integraal debat over de ruimtelijke ordening van Nederland, want volgens Hoekstra wordt bij ruimtelijke ordening nog te veel in hokjes gedacht. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij gaat over het groen van landbouw en natuur, Verkeer en Waterstaat gaat over het zwart van infrastructuur en VROM gaat over het rood van woningen en industrie. Doel van de Nieuwe Kaart is om deze schotten te slechten en te komen tot samenwerking tussen de betrokken ontwerpers en overheidsdiensten. Op de homepage van de stichting zijn 67 stellingen bijeengebracht om de discussie te bevorderen
Bungalows
Volgens Drs Hans Renes, historisch geograaf bij het DLO-Staringcentrum, is ook de Nieuwe Kaart echter een project uit een bepaalde koker. De Nieuwe Kaart is bij uitstek een stedelijke kaart. De plekken die worden ingevuld zijn stedelijke uitbreidingen, infrastructurele voorzieningen en groene structuren, waarin aan recreatieve natuurontwikkeling wordt gedaan.
Wat Renes mist zijn de landinrichtingsprojecten, de langdurige plannen voor het landschap. In de ruimtelijke ordening wordt landschap vaak onderverdeeld in landbouw en natuur, want dat zijn categorieen waar je makkelijk mee uit de voeten kunt. De waarde van het landschap is zo niet uit te drukken, ook al omdat hierbij vaak de kleine elementen van groot belang zijn. Als voorbeeld noemt Renes de witte schimmel bij de oude dorpskernen: de witte bungalows van vaak welgestelden die het historisch landschap ontsieren
Volgens Renes moet daarom gestreefd worden naar een actief landschapsbeleid. Dat moet rekening houden met de geschiedenis die in structuur van het landschap zichtbaar is, bijvoorbeeld in de sloten die de grenzen van landbouwpercelen markeren, en de variatie in dat landschap bevorderen. De Nieuwe Kaart kan volgens Renes een rol spelen bij het op een lijn krijgen van de verkokerde belangen
Daarnaast ligt volgens Renes de nadruk in de Nieuwe Kaart te veel op het ruimtelijke-ordeningsbeleid. Ander overheidsbeleid heeft vaak onbedoelde, maar niet onbelangrijke gevolgen voor het landschap. Zo wordt met de door het rijksmilieubeleid verordonneerde zodenbemesting getracht minder ammoniak in het milieu te krijgen door de mest in de bodem in te spuiten met zware machines. Die machines vereisen echter een vlakke bodem, zodat cultuurhistorisch waardevolle glooiingen verdwijnen door egalisaties
Stuifzanden
Waar Renes de detaillering van het landschap benadrukte, liep de Wageningse landschapsarchitect prof. Dr. Ir Klaas Kerkstra op zevenmijlslaarzen door de geschiedenis en de toekomst van de landschapsarchitectuur. Hij ziet een directe lijn tussen middeleeuwse tuinen, de ecologische hoofdstructuur en de scenario's voor 2030 die het ministerie van VROM schetst in de Verkenning ruimtelijke perspectieven. Kerkstra benadrukt dat ingrijpen in het landschap van alle tijden is en niet perse negatief. Het landschap verdwijnt niet door een ingreep, het verandert hooguit.
Stedelijke groei is volgens Kerkstra van groot belang bij de verandering van het landschap. Aan de hand van dia's toonde hij de stad als het centrum van een zich uitbreidend spinnenweb van bebouwing, dat in de boerderij zijn fijnste vertakking vindt. Er is immers weinig verschil tussen een varkenshouderij en stedelijke industrie
Complementair aan deze urbanisatie is volgens Kerkstra de nieuwe natuur die tegenwoordig overal in Nederland wordt ontwikkeld. Hij waarschuwt voor de romantisering van het bestaande landschap, omdat de waarde van een landschap historisch is gegroeid. Stuifzanden bijvoorbeeld waren vroeger een door overbegrazing ontstaan ecologisch probleem. Nu wordt met bulldozers het zand weer aan het stuiven gebracht. Wat eerst een ramp was, is tegenwoordig iets om zuinig op te zijn.
Zo waren de tegenstellingen maandagavond duidelijk zichtbaar, maar bleef vuurwerk uit. Kerkstra pareerde de vragen die zijn geschiedenis in vogelvlucht opriep en Renes kon uitleggen wat hij verstaat onder landschapsbeleid, maar tot een echte interactie kwam het niet. Jandirk Hoekstra was na de avond echter tevreden, want voor hem is elk gesprek over de Nieuwe Kaart meegenomen. Over vijf jaar komt er een herziene kaart. Tot dan kan iedereen zijn reacties op de huidige versie kwijt op http://www.nirov.nl/nieuwekaart, de homepage van Stichting de Nieuwe Kaart van Nederland

Re:ageer