Wetenschap - 20 april 1995

Grootste kamernood van de baan

Grootste kamernood van de baan

Het aanbod van kamers bij de kamerbalie is de afgelopen twee jaar fors gestegen. Dit heeft echter weinig te maken met overheidsmaatregelen die het verhuren van kamers aantrekkelijker moeten maken, zo blijkt uit het onlangs verschenen jaarverslag van de kamerbalie.

Het wanhoopsgedrag van aankomende studenten die dagenlang bij de kamerbalie wachten op die ene mooie kamer komt volgens het verslag niet meer voor. Een enquete leert dat studenten die tijdens de introductiedagen nog geen onderdak hebben gevonden, ook meestal pas laat naar woonruimte gingen zoeken.

Het aantal succesvolle bemiddelingen van de Kamerbalie is overigens toegenomen. Vonden in 1993 221 kamerzoekenden woonruimte in de kaartenbak van de balie, in 1994 waren dat er 280. Het aantal bij de balie aangeboden kamers is de afgelopen vier jaar bijna verdubbeld: van 237 in 1991 tot 394 het afgelopen jaar. In ongeveer de helft van de gevallen gaat het om een kamer bij een hospita.

De kamerbalie wijt dit toegenomen aanbod vooral aan het feit dat studenten sneller van kamer wisselen en in mindere mate aan het toegenomen aantal verhuurders. Ze heeft weinig vertrouwen in de effectiviteit van maatregelen om verhuren van kamers aantrekkelijker te maken. Zo hoeven particulieren sinds juli 1993 hun huuropbrengst tot een bepaald bedrag niet op te geven aan de fiscus. De kamerbalie heeft echter de indruk dat mensen dit voorheen evenmin deden, zodat het stimulerend effect nihil is. Ook het instellen van een gewenningsperiode van negen maanden waarin de hospita de huurder makkelijk de huur kan opzeggen, trekt weinig mensen over de streep, zo vermoedt de balie. Het jaarverslag signaleert juist een tegenovergestelde trend: verhuurders willen steeds vaker zekerheid tot de volgende piek in de vraag naar kamers en eisen dat de student een jaarcontract tekent.

Re:ageer