Wetenschap - 2 november 1995

Govers

Govers

Vormt bruinrot in de aardappels echt een probleem, of is het een mediahype?

Ik ben er maar eens over gaan lezen, want ik kreeg de afgelopen weken de nodige telefoontjes over het beest. Bruinrot is een quarantaine-organisme, dat nu voor het eerst echt in Nederland opduikt. De bacterie komt voornamelijk voor in landen rond de Middellandse Zee en is vermoedelijk via een partij pootgoed van de Bildstar binnengekomen.

Wat niemand nog weet is hoe de bacterie zich zal houden en vermeerderen. Als je een aardappelknol open snijdt, vind je slijmerige proppen. Dat zijn miljoenen bacterien. En het is geen beest dat levend plantmateriaal nodig heeft om te overleven. Het is dus de vraag of de rotatieteelt die voor aardappelen wordt toegepast, soelaas biedt. Via grondbewerkingsmachines kunnen de bacterien zich wellicht gemakkelijker verspreiden dan bijvoorbeeld aaltjes.

Als bruinrot zich blijvend vestigt, is dat echt desastreus, want de pootaardappelteelt is heel belangrijk. Dat zal dan implicaties hebben voor de export. Ik denk dat de vakgroep graag onderzoek zal doen naar de epidemiologie en de ecologie van bruinrot, maar we hebben geen mensen over. Daarvoor zal dus extra geld moeten komen van bijvoorbeeld het ministerie. Aan de andere kant houden wij ons meer met fundamentele vragen bezig en kan ik me voorstellen dat de Planteziektenkundige dienst of de proefstations zich meer over praktijkvragen zullen buigen.

Het is bovendien niet eenvoudig te doorgronden hoe allerlei plaagorganismen zich gedragen en hoe ze planten ziek maken. Fytoftora is bijvoorbeeld al honderdvijftig jaar in Europa en we weten nog steeds niet welke stoffen de plant ziek maken. Langs moleculaire weg proberen we nu specifieke factoren te pakken te krijgen, maar de schimmel is niet wat je noemt een ideaal modelorganisme zoals de schimmel Aspergillus. We kunnen nu genen isoleren en lokaliseren, maar het terugplaatsen of uitschakelen blijft lastig en heeft een laag rendement. Bij Aspergillus krijg je zo tienduizend kolonies, bij Fytoftora slechts een stuk of twintig. Een functionele analyse verloopt dus moeizaam."

Re:ageer