Wetenschap - 12 juni 1997

Gezamenlijk oplossingen uitwerken gebeurt nog te weinig

Gezamenlijk oplossingen uitwerken gebeurt nog te weinig

Gezamenlijk oplossingen uitwerken gebeurt nog te weinig
Vijf jaar milieu en ontwikkeling na Rio
Vijf jaar na de United Nations Conference on Environment and Development (UNCED) in Rio komen de wereldleiders deze zomer opnieuw bijeen in New York om de balans op te maken. Wat is er van Agenda 21 terecht gekomen? De westerse overheden besteden minder geld aan hulp, maar volgens productie-ecoloog Rabbinge moet vooral private financiering duurzamere productiesystemen opleveren. Op lokaal niveau, waar inmiddels tweeduizend plannen zijn ontwikkeld
De zeppelin als alternatief voor auto of vliegtuig, en verhandelbare vervuilingsrechten of een spaarpuntensysteem om de verkoop van duurzaam geproduceerde producten en diensten te stimuleren. Ideeen voor een duurzame wereld zijn er genoeg tijdens de werkconferentie Vijf jaar na Rio, op 6 juni in Ede. De conferentie was georganiseerd door de Nationale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling (NCDO) en de Nationale Jongerenraad voor Milieu en Ontwikkeling (NJMO). Maar de meningen over de uitvoerbaarheid en het uiteindelijke duurzaamheidseffect verschillen nogal van elkaar
Zo heeft Hanneke Davits van de Wageningse Boerengroep haar twijfels over de verhandelbare vervuilingsrechten. Het is moeilijk vast te stellen hoeveel rechten een land mag krijgen. Haar tafelgenoot is bezorgd over de ongelijkheid tussen Noord en Zuid. De verhandelbare emissierechten vergroten de tegenstelling. Door vervuilingsrechten te kopen van India schuiven we ons eigen afvalprobleem af. Een ander ziet daar toch ook een positieve kant aan. India kan dat geld dan mooi gebruiken om een eigen duurzame economie op te starten.
Ook het panel met deskundigen heeft moeite een oordeel over de handel in vervuiling te geven. Directeur van het secretariaat van de VN-commissie voor duurzame ontwikkeling (CSD) Joke Waller-Hunter denkt dat ontwikkelingslanden het niet accepteren dat rijke landen de vervuilingsrechten van de armen opkopen. Maar tegelijkertijd vraagt ze zich af hoe dat te voorkomen is. Op regionaal niveau is dit idee misschien wel toe te passen, maar niet op nationaal en internationaal niveau. De overheid moet druk zetten op de bedrijven om minder te vervuilen. Dat kan niet in een keer, dat moet stap voor stap.
Consumptiepatronen
Stap voor stap is ook de snelheid waarmee de afspraken uit Agenda 21, opgesteld tijdens de Rio-conferentie, worden uitgevoerd. Waller-Hunter is vijf jaar na Rio gematigd positief. Onderwerpen die in 1992 nog onbespreekbaar waren, zoals de verandering van consumptie- en productiepatronen, zijn nu bespreekbaar geworden. Maar er zijn ook onderwerpen die extra aandacht moeten hebben. Ze noemt de reductie van broeikasgassen, het zoetwaterprobleem, duurzaam bosbeheer en een schone energievoorziening
Prof. dr ir Rudy Rabbinge, hoogleraar Theoretische productie ecologie aan de LUW en lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), beaamt dat een aantal zaken sneller kunnen worden aangepakt. De overheid moet zich meer gelegen laten liggen aan het CO2-beleid en het energiebeleid. Bij energie en water zie je nog steeds het uitvretersgedrag. De transitie naar minder belastende energie gaat langzaam en er wordt veel te veel water verspild.
Wat Waller-Hunter bovenal zorgen baart, is de financiering. Was de hulp aan arme landen voor de uitvoering van Agenda 21 in 1992 nog 0,33 procent van het bruto nationaal product, in 1997 was dat gezakt naar 0,27 procent. Het streven lag op 0,7 procent. Daar is dus niks van terecht gekomen, aldus de VN-directeur. Ontwikkelingslanden zijn daar erg ontevreden over.
Volgens Rabbinge is de dalende financiering te wijten aan een gebrek aan gezamenlijke belangen. Het is niet een kwestie van niet willen, maar van motiveren, meent hij. Het gezamenlijk uitwerken van oplossingen gebeurt nog te weinig. Europa schrijft te veel voor, terwijl met name de Aziaten zich steeds meer bewust worden van hun eigen kunnen. We hebben niet alleen de wijsheid in pacht! Rabbinge ziet als oplossing het stimuleren van private investeringen. Van de Wereldbank of overheidsgeld moet het niet komen. Dat zijn druppels op een gloeiende plaat. Juist private investeringen zijn nodig. Daarmee frustreer je ontwikkelingen ook niet, zoals wel gebeurt als er ontwikkelingsgelden worden besteed, terwijl tegelijkertijd dumppraktijken plaatsvinden.
Toch is Rabbinge optimistisch, omdat de bewustwording over het milieu en duurzaamheid wereldwijd is gegroeid. De ecoloog ziet vooral mogelijkheden in een efficientere benutting van grondstoffen. Dat kan niet drie keer beter, maar zelfs honderd keer. Domweg zuinig doen is niet efficient, dat werkt alleen maar contraproductief. In het broekriemdenken zie ik weinig soelaas. Er is nog maar een kleine groep die zich koestert in de welvaart. Het overgrote deel is daar nog niet aan toe, maar wil dat natuurlijk ook. Duurzaamheidsdenken moet daarom dynamisch en vernieuwend zijn. Het moet nieuwe mogelijkheden creeren. Eigen initiatief en verantwoordelijkheid van de bevolking is daarbij een vereiste.
Kringloopcentrum
Die lokale verantwoordelijkheid voor duurzaamheidsontwikkeling komt tot uiting in acties op gemeentelijk niveau. 160 Nederlandse gemeentes, waaronder Wageningen, hebben samen met plaatselijke groepen een eigen Lokale Agenda 21 opgezet. Wageningse groepen als de Werkgroep milieuzorg, kringloopcentrum Emmaus Regenboog en het Wagenings ondernemerscontact hebben actiepunten ingebracht die verwerkt zijn in gemeentelijke beleidsnotities. Dat heeft zijn invloed gehad op verbetering van de busverbindingen, verruiming van de openingstijden van het kringloopcentrum en milieuvriendelijke festivals, door samen met de lokale middenstand af te spreken geen plastic bekers meer te gebruiken, maar bekers met statiegeld
Waller-Hunter is positief over de lokale uitwerkingen van Agenda 21. Er bestaan nu zo'n tweeduizend lokale plannen. Mensen zijn er dus concreet mee aan de slag gegaan. Maar het is nog te vroeg om het een succes te noemen. Er gebeurt veel, maar we zien nog niet genoeg.

Re:ageer