Wetenschap - 10 april 1997

Gewoon simpel zand en wat chemische toevoegingen

Gewoon simpel zand en wat chemische toevoegingen

Gewoon simpel zand en wat chemische toevoegingen
Jurrie Menkman en Gert Nieuwboer, Glas-instrumentmakerij
Op het bord in de hal van het Scheikundegebouw op De Dreijen staat onderaan vermeld Glas-instrumentmakerij, met een pijl naar rechts. Dat kan in dit gebouw van alles betekenen. Een vrouw in een kantoortje in de hal haalt met onzekere blik haar schouders op. Aan het eind van de gang zit het secretariaat. Die weten het wel. Iemand die toevallig door de gang loopt zegt: De glasblazerij? Die zitten toch niet meer hier?
Maar aan het eind van de gang zijn de vlammen van de glasblazerij duidelijk zichtbaar en daar zitten Jurrie Menkman en Gert Nieuwboer. Verbijsterd zijn ze als ze horen dat ze in de hal onbekend zijn. Tot in het buitenland zijn we bekend en in ons eigen gebouw niet, briest Nieuwboer tegen collega Menkman. Die is minder onstuimig dan zijn partner-in-glas, maar eveneens onaangenaam verrast. Menkman zit er al 23 jaar, Nieuwboer zeven
Ruim twee jaar geleden, tijdens de bezuinigingsrondes, kreeg de glasblazerij slechts een formatieplaats, voor twee personeelsleden. Hetgeen betekende dat Nieuwboer en Menkman het salaris van een formatieplaats zelf moeten terugverdienen. En we zijn er nog steeds, zegt Nieuwboer voldaan. Het gaat hartstikke goed. Dat komt ook omdat we geen enkele concurrentie binnen de universiteit hebben.
Ze werken in principe voor alle vakgroepen. Maar ook voor binnen- en buitenlandse bedrijven, bijvoorbeeld op het gebied van milieutechnologie. Die willen apparatuur voor bijvoorbeeld onderzoek naar waterzuivering. Het leukste werk is om met het hoofd van een onderzoeksteam of van een bedrijf een apparaat te maken dat bij de wetenschapper alleen nog maar in zijn hoofd zit. Hij weet waarvoor hij het wil hebben, maar heeft het nog niet goed voor ogen, zegt Nieuwboer. Samen proberen, er net zo lang aan werken tot we tot uitvoering van het apparaat komen. Als het uiteindelijk na wat experimenteren en verbeteren functioneert, is dat heel mooi. Ik zeg wel eens: ze komen om een paar spijkertjes en gaan weg met een konijnenhok!
We doen geen potten en pannen, geen erlenmeyers, kolven of bekers. Wat je voor vijf gulden kunt kopen, moet je bij ons niet voor zes laten maken.
Ze maken deel uit van de Centrale Werkplaats, maar kosten binnen de LUW 35 gulden per uur. Daarbuiten vragen ze ongeveer 75 gulden per uur. Natuurlijk is er buiten de LUW wel concurrentie. Maar we kunnen ons redden. Voor de practica hier maken we wat niet standaard beschikbaar is. Aparte apparaten... ...en veel reparatiewerk, vult Menkman aan. Ze werken hier veel met siliconen. Daar vervuilt het glas enorm van, het krijgt grijze randen. Het wordt nooit meer zo mooi als het was. Soms wordt de reparatie zo duur, dat we beter iets nieuws kunnen maken. Reparatiewerk vinden ze minder leuk, maar het moet gedaan worden. Het Scheikundegebouw en het Biotechnion zijn de grootste opdrachtgevers. Ze houden via de computer bij wat ze doen en voor wie; ze maken de bonnen, maar hoeven niet zelf voor de afrekening te zorgen. Hun verdiensten vloeien terug naar Personeelszaken. Ze krijgen gewoon hun salaris, maar weten heel goed hoeveel ze zelf inbrengen
Er komt een student binnen, die een grote glazen vork komt ophalen. Om siliconenplaatjes mee uit het vuur te halen, legt hij uit
De werkplaats ligt vol merkwaardig gevormde voorwerpen: buizen met wel acht verschillende tuitjes en kraantjes, grote kolven met lange dunne buizen. De vlammen suizen onafgebroken, het heilige vuur. Bij glasblazen denkt iedereen een beetje aan alchimie, meent Nieuwboer. Mensen vinden vuur spannend. Wij zijn gefascineerd door het materiaal. Gewoon simpel zand en wat chemische toevoegingen. Ja, glas vindt iedereen mooi. Is het ook. Maar het blijft toch een vak. Mensen vragen wel eens waarom ik geen glas in huis heb. Geen vazen ook. Thuis heb ik alleen drinkglazen, verder niks. Een stratenmaker legt toch ook geen sierpaadje door zijn huiskamer!
Het kost twee tot vier jaar voor je een fatsoenlijk stukje kunt glasblazen. Beiden hebben hun praktische opleiding op de LUW gedaan. De belangstelling voor het vak is tanende. Jammer, hoor, zegt Menkman
Eind dit jaar gaan ze verhuizen en daar verheugen ze zich bijzonder op. Onze eigen toko. Iets minder ruimte, maar praktischer ingedeeld, met goede voorzieningen, zoals afzuiging. Nee, het is niet zo'n ongezond vak als iedereen wel denkt. Als je maar een bril draagt om je ogen tegen het felle licht te beschermen. Roken is ook ongezond, verklaart Nieuwboer en neemt nog een trekje
Na een rotklus moeten ze altijd even ontspannen. Dan maken ze beestjes. Menkman toont een mooi olifantje en laat zien hoe je twee glazen verloopstukjes aan elkaar last. Via een filter en een lamp controleert hij de gekleurde lasnaden, die later in het vuur zullen verdwijnen. Nieuwboer wil wel even tonen hoe snel je een tekkel maakt van een lange dunne glazen buis. Oortjes, een staartje. En ik maak er altijd een reutje van, zegt hij ginnegappend. Hou hem weg van de teefjes, hoor. Hij is fel!

Re:ageer