Wetenschap - 5 januari 1995

Geen hardrocksolo zonder de loopjes van Bach

Geen hardrocksolo zonder de loopjes van Bach

Studentenorkest verkiest klassiek concertpodium

In december vierde de Wageningse studentenkoor- en -orkestvereniging haar 75-jarig bestaan met een concert in de Aula. Ter gelegenheid van het festijn schreef Steven Hogenbirk een atonaal stuk dat de wereldpremiere beleefde. 75 jaar nadat de eerbiedwaardige professor Van Uven de vereniging oprichtte, zwoegen jonge mensen nog steeds met veel plezier op het gedachtengoed van oude meesters. Waarom toch? Het is gewoon gaaf!


Mozart the movie! Deze Hollywood-megaproduktie heeft de belangstelling voor gouwe ouwe Amadeus bij een breed publiek bevorderd. CD's met werken van het te vroeg overleden wonderkind gingen even als warme broodjes over de toonbank. Daarna ging het publiek vlot naar de volgende hype: Van Gogh, Mondriaan, de Beatles-BBC-tapes.

Klassieke, gecomponeerde orkestmuziek is slechts een van de vele vormen waarop een muzikant zich kan uitleven. De culturele bandbreedte is toegenomen: Be Bop is al klassiek, house gerespecteerd en scratchers praten in serieuze muziekprogramma's over hun muzikale filosofie.

Toch heerst rondom een klassiek concert nog het odium van kunst met de hoofdletter K. De muziek reflecteert op gebeurtenissen in een lang vervlogen tijd. Zelfs de statements van revolutionairen als Strawinsky die begin deze eeuw de Parijse beau monde schokte, missen voor de gemiddelde luisteraar de toenmalige diepgang. Het gekwetste stemgeluid van Kurt Cobain en het woedende geratel van rappers lijkt meer te passen bij deze chaotische tijd. Wat zoeken de huidige WSKOV'ers in de muziek van de oude knarren?

Van de vijf leden van de WSKOV die we treffen op een kamer aan de Haarweg, reageert met name violiste en concertmeester Fieneke argwanend. Wat is dat nou voor een vraag? Waarom is een schilderij van Van Gogh mooi. Het gaat om muziek die eeuwig is." En dat is muziek van de Beatles of John Coltrane niet? Bas Mirko Opdam: Dat kan ook prachtig zijn, maar kunst heeft toch iets eeuwigs..." Fagotspeelsters Sytske Moolenaar herkent nog veel in de muziek van toen. De basisprincipes van de menselijke emoties zijn toch niet veranderd." Fieneke blijft bij haar allereerste drijfveer - 't Is gewoon gaaf, hartstikke leuk." - al kan ze zich later die exacte moderne woordkeus niet herinneren.

Jazz

Contrabassist Annemiek Barnouw komt uit de jazz; ze bespeelt nu twee jaar het omvangrijke fretloze instrument met een strijkstok. In de jazz, in de improviserende muziek, heb je natuurlijk meer vrijheid. Dan speel je met een combo van vier, vijf man. Binnen een orkest met 130 mensen kan dat natuurlijk niet. Vergeet overigens niet dat de Be Bop in de jaren vijftig dansmuziek was. Ik kan me daar dus niets bij voorstellen. Ook die muziek wordt tegenwoordig anders uitgevoerd. Dat geldt ook voor de klassieke muziek; in de uitvoering zit een deel van de weerspiegeling van onze maatschappij."

Sytske: Het is heel moeilijk om van sommige muziek de juiste partituur te pakken te krijgen. Soms is die er gewoon niet meer, of was de notatie zodanig dat veel moet worden geinterpreteerd. Zo heb ik nu twee maal een requiem van Mozart gespeeld, van verschillende muziekuitgeverijen. Dat waren compleet verschillende stukken." In de barokmuziek was de notatie al helemaal incompleet, omdat in die muziektraditie de uitvoerend muzikant rondom de thema's improviseerde.

Allen roepen, wat al te nadrukkelijk, dat ze heus wel van house houden en dat ze na een uitvoering flink uit hun dak gaan. Mirko vraagt zich af hoe belangrijk het is dat de huidige tijdgeest zich in de muziek weerspiegelt. Hij draait het liever om: de oude muziek weerspiegelt zich in de moderne. Een hardrocksolo had niet kunnen bestaan als ooit niet een mijnheer Bach loopjes had verzonnen. Natuurlijk zijn maar heel weinig muzikanten zich daarvan bewust. Maar een enkeling verdiept zich in de filosofie van Plato. Toch is onze samenleving doordrongen van het Platoonse gedachtengoed."

Atonaal

Een lichte, maar inmiddels vrolijke, irritatie blijft over de suggestie dat ze alleen muziek van doden ten gehore brengen. De jubileumuitvoering is immers ook de wereldpremiere van een nieuw stuk van Steven Hogenbirk. Een modern stuk, voortbouwend op tradities uit de gecomponeerde muziek. Nee, er zijn geen hip hop-invloeden. Het is een in hoge mate atonaal stuk: dus geen lekker in het gehoor liggende harmonieen onder herkenbare melodieen. De verschillende zangstemmen worden niet samengevoegd tot een koor, maar behandeld als afzonderlijk instrument, zoals tenor Siebe Bosch, onder hilariteit van de anderen, laat horen.

Of ze de atonale muziek nu zijn gaan waarderen? Niet per definitie, maar het instuderen heeft wel geleid tot een zekere fascinatie. Natuurlijk, niet elk stuk wordt gewaardeerd, al blijkt, zegt Fieneke, vaak wel dat een stuk na een paar keer pas tot leven komt. Het feit dat het de eerste keer dat je het hoort niet aanspreekt zegt niets. Dat heb ik wel vaker. Later krijgt een stuk pas diepte."

Re:ageer