Wetenschap - 21 november 1996

Fusieplan LUW/DLO: vakgroepen en instituten samen in

Fusieplan LUW/DLO: vakgroepen en instituten samen in

Het personeel van de LUW-vakgroepen en de DLO-instituten moet samen worden ondergebracht in zes a tien expertise-clusters. Dat staat in de gezamenlijke notitie van LUW en DLO, die ze vorige week naar minister Van Aartsen stuurden. Deze fusie laat onverlet dat er gescheiden budgetten blijven voor onderwijs, fundamenteel en strategisch onderzoek binnen het centrum, aldus de besturen.


Op dit moment krabben de ruim zestig LUW-vakgroepen zich achter de oren over de vraag met welke vakgroepen ze willen fuseren in de tien departementen die het college van bestuur voorstelt. Deze departementen zijn de opmaat voor een nog grotere fusie. Elk departement wordt straks namelijk aan een DLO-instituut gekoppeld en gaat dan door het leven als expertise-cluster. Dat staat althans te lezen in het voorstel van LUW en DLO aan minister Van Aartsen.

LUW en DLO doen voorstellen om het Kenniscentrum Wageningen (KCW) verder in te richten. Het plan komt voort uit de onderhandelingsteams van de organisaties, voorgezeten door LUW-rector Karssen en DLO-directielid Van Zaane, waarna de universiteitsraad en de centrale ondernemingsraad van DLO om (vertrouwelijk) advies is gevraagd.

De besturen willen fuseren tot een bestuur, dat beide organisaties dan integraal kan aansturen. Daarna moeten de vakgroepen en instituten fuseren tot expertise-clusters. In deze clusters worden expertise en medewerkers gebundeld op gebieden die in brede zin disciplinair aan elkaar verwant zijn. Bij deze organisatie-eenheden worden de medewerkers tewerkgesteld." Ze worden zoveel mogelijk op een locatie gehuisvest en krijgen elk een eigen leiding.

De nieuwe clusters moeten een bijdrage leveren aan de hoofdfuncties van het kenniscentrum: kennisontwikkeling en -toepassing (onderzoek) en kennisoverdracht (onderwijs en advisering). Elk van die functies moeten duidelijk herkenbaar blijven binnen de organisatie, schrijven de besturen. De verschillende KCW-functies vragen naar hun aard een eigen financiering, organisatie en aansturing. Essentieel daarbij is steeds dat de financier in de juiste maat zeggenschap heeft over de besteding van zijn middelen en daarover gerapporteerd wordt."

Sturing

Om de clusters tot uitstekend onderwijs en onderzoek aan te zetten, komt er een project- en programma-organisatie. Die geeft inhoudelijke sturing aan het onderwijs en onderzoek, waarbij de besturen onderscheid maken tussen vier functies: het initiele onderwijs in onderwijsinstituten, het fundamentele onderzoek in onderzoekscholen, het strategische onderzoek en het toegepaste onderzoek. Elk van deze functies van het kenniscentrum heeft een eigen wijze van financiering en kwaliteitsbeoordeling.

Er komt dus een apart budget voor onderwijs, dat wordt toegewezen aan de onderwijsinstituten. Die kunnen met hun budget onderwijs inkopen bij de expertise-clusters. Nieuw is dat het bestuur zich bij de toewijzing van het geld in belangrijke mate laat leiden door de maatschappelijke behoefte aan landbouwingenieurs en -doctors. Daarbij neemt het in acht dat de student in het Nederlandse stelsel in beginsel keuzevrijheid heeft en dat de maatschappelijke vraag op de lange termijn moeilijk is in te schatten." De besturen willen de huidige breedte aan LUW-opleidingen in stand houden, maar het is noodzakelijk dat de universiteit bepaalde basisvakken in samenwerking met andere universiteiten verzorgt. De internationale onderwijsprogramma's moeten worden gefinancierd door de belanghebbenden, ofwel de studenten, schrijven LUW en DLO.

Het fundamentele onderzoek krijgt een eigen budget, dat wordt toegewezen aan de onderzoekscholen. Die kunnen onderzoekers inkopen bij de expertise-clusters. Nieuw is dat het bestuur het fundamentele onderzoek wil rangschikken binnen de kaders van de zeven integrale thema's die de minister in zijn kabinetsbrief noemde: plattelandsontwikkeling, ecologisering van de primaire productie, voedingswetenschappen, genetisch-biologisch onderzoek, ondernemerschap, en agroproductieketens. Deze thema's vormen een goede aanzet, menen LUW en DLO, maar ze beklemtonen daarbij dat het natuur- en milieu-onderzoek niet vergeten mag worden.

Hoewel het fundamentele onderzoek binnen de integrale thema's moet vallen, moet het wel onafhankelijk zijn, schrijven LUW en DLO. Daarmee bedoelen ze dat niet externe financiers maar de instelling zelf verantwoordelijk is voor de financiering en aansturing van het onderzoek. Bovendien is het fundamentele onderzoek onderhevig aan de kwaliteitszorg van de vereniging van universiteiten en kan het putten uit de programma's van NWO, de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek.

Basis

Het strategische onderzoek, het grijze gebied tussen fundamenteel en toegepast onderzoek, wordt input-gestuurd en direct aangestuurd vanuit de behoefte van het (toekomstige) toegepaste onderzoek. Dat klinkt nogal tegenstrijdig, maar de besturen bedoelen waarschijnlijk dat er geld komt voor langlopend onderzoek naar meer fundamentele technische en sociale processen, dat kan dienen als basis om nieuwe opdrachten bij externe financiers in de wacht te slepen.

Bij het toegepaste onderzoek is de klant koning. Dit onderzoek moet toepasbare oplossingen leveren voor concrete vragen van financiers, die daarvoor betalen. Geen opdrachten, geen werk. Binnen het kenniscentrum is daar dus geen budget voor.

Elk van de expertise-clusters wordt dus geacht om zowel de interne als de externe onderwijs- en onderzoeksmarkt te bespelen. De hoofden van de clusters (een- of meerkoppig) moeten aan integraal management gaan doen: ze zijn verantwoordelijk voor de inhoud, het personeel en de besteding van de centen. Sturing vindt plaats op basis van resultaat-verantwoordelijkheid." De clusters en onderzoeksgroepen moeten dus doelen halen, waarop ze worden afgerekend. Van onderzoeksgroepen binnen de clusters is nog steeds sprake, omdat leerstoelhouders en onderzoekleiders taken krijgen toegewezen.

Op centraal niveau moeten de bureaus van beide organisaties in elkaar worden geschoven, waarbij de integrale verantwoordelijkheid van de nieuwe clusters erop wijst dat met name de LUW fors moet decentraliseren. Ook de ondersteunende diensten van LUW en DLO worden in het voorstel in elkaar geschoven en de samenvoeging van kassen en proefboerderijen ligt ook in de planning.

Om de reorganisatie te realiseren, willen de besturen binnen de organisatie personen of groepen aanwijzen die belast zijn met de feitelijke ontwikkeling en doorvoering van het veranderingsproces".

Re:ageer