Wetenschap - 19 januari 1995

Fax | masaya, nicaragua

Fax | masaya, nicaragua

Irma Beusink werkt voor de Stichting Nederlandse Vrijwilligers in Nicaragua. Ze werkt sinds vijf jaar in het project Campesino a Campesino.


Een paar weken geleden is hier in Nicaragua de purisima gevierd, ofwel de onbevlekte ontvangenis van de maagd Maria.

De maagdelijkheid van Maria wordt geeerd en bezongen bij de met veel bloemen versierde Mariabeelden, waar na afloop snoep en fruit wordt uitgedeeld. Ondanks de economische crisis besteden de Nicaraguanen veel geld aan deze Mariadevotie.

Het katholieke geloof inspireert de normen en waarden van de Nicaraguaanse cultuur nog sterk. Het zijn de vrouwen in dit promiscue land die ervoor moeten zorgen hun maagdelijkheid niet te verliezen, terwijl de mannen juist trachten zoveel mogelijk vrouwen te versieren. Ondanks een vrij progressieve grondwet, is het vreemdgaan van vrouwen in het gewone wetboek strafbaar, terwijl dit bij mannen alleen maar geldt als sprake is van een schandaal. Zowel de man als de omgeving zorgen er op allerlei manieren voor dat de vrouw niets met andere mannen krijgt. Bezitsdrang, jaloezie en wantrouwen zijn hiervan de oorzaak. In veel gevallen schuwen de mannen het gebruik van geweld niet om hun vrouwen thuis op haar plaats te houden. Daarom waren er twee weken geleden, op de internationale dag van geweld tegen vrouwen, allerlei bijeenkomsten georganiseerd in het land. Belangrijk strijdpunt was het geweld tegen vrouwen als een delict erkend te krijgen.

In het zuiden van Masaya, waar ik werk met het programma Campesino a Campesino, liggen de verhoudingen tussen mannen en vrouwen enigszins anders dan op de rest van het platteland. Vrouwen hebben hier de commercialisatie van landbouwprodukten in handen. Veel mannen hebben er problemen mee dat hun vrouwen tegenwoordig het grootste deel van het familieinkomen inbrengen. Toch laten ze de vrouwen gaan, de noodzaak is immers groot.

Een promotor van Campesino a Campesino laat zijn vrouw, die Dona Maria heet, sinds een jaar niet meer alleen naar de voorlichtingsbijeenkomsten gaan. Ooit had zij opgemerkt dat hij haar wel eens sloeg. De promotor doet op de groepsbijeenkomsten met vrouwen erg zijn best in het geven van adviezen.

Ook bij de forummiddag over geweld tegen vrouwen wilde hij aanwezig zijn. Dona Maria deed haar mond niet open, in tegenstelling tot andere vrouwen die ervaringen naar voren brengen of allerlei opmerkingen maken bij het vrouwentheaterstuk. Op een dag krijg ik haar alleen te spreken en vertelt ze me een middag lang haar verhaal. Al 15 jaar slaat hij haar bont en blauw, vaak na een dronken bui. Nu ze het sinds een jaar niet meer pikt, beschuldigt hij de vrouwen van de groep dat zij haar tegen hem opzetten. Ze mag dan ook onder geen geding met andere vrouwen over haar ervaringen praten. Sinds die dag zit hij als een onschuldig promotor de vergaderingen bij. De motivatie om mannen te integreren binnen het programma wordt bij mij nu wel wat minder; toch niet beter eerst met aparte vrouwengroepen doorwerken? Zijn commentaar na afloop van een discussiemiddag was: Ik was vroeger wat hard met het uitoefenen van mijn gezag binnen het gezin."

Wanneer ik nu al die hoge stemmetjes de Marialiedjes hoor zingen, al die mooi gekleurde bloemen en Maria altaartjes zie, moet ik denken aan een populair Nicaraguaans liedje pobre la maria, wat betekent: arme Maria..."

Re:ageer