Wetenschap - 16 maart 1995

Fax | Boedapest

Fax | Boedapest

Paul Kosterink is in 1991 afgestudeerd als milieuhygienicus. Sinds november 1992 werkt hij bij het Regional Environmental Central and EasternEurope in Boedapest.


Even omschakelen naar Nederlands in plaats van Engels en wat Hongaars. Na een paar jaar in Oost-Europa vervagen de nationaliteiten, ondanks het enorme nationalisme in de landen zelf. Ik werk met mensen uit zo'n twintig verschillende landen. En dat is het mooiste van alles. Het maakt niet uitwaar je vandaan ko mt om samen wat te bereiken. En door samen te werken worden mensen gewoon vrienden, ondanks de onenigheid op politiek gebied: Hongaren en Roemenen, Polen en Litouwers, Macedoniers en Albanezen. Dat bewijst maar weer eens dat het niet aan de individuen ligt.

Niet dat het altijd even makkelijk is om in dit deel van Europa te werken. In de Balkanlanden bijvoorbeeld werken ze vaak iets anders dan ik gewend ben. Je krijgt alleen iets gedaan als je hier en daar vrienden hebt. Maar de bureaucratie lijkt op Nederland. En dagelijkse kleine frustraties zijn hier ook.

We werken voor heel Midden- en Oost Europa, vooral voor de milieubeweging. In ieder land heeft onze organisatie bureau's met het hoofdkantoor in Boedapest. Deel van mijn werk is om de bureaus te ondersteunen en het volgen van de milieuproblematiek in de landen.

De laatste lange trip was naar Kroatie. Anderhalve week de milieugroeperingen en overheidsinstanties langs om een beeld te krijgen van de activiteiten in het land en onze mogelijke bijdrage te onderzoeken. Het land is sowieso moeilijk te bereizen door de onmogelijke halve-maan vorm, maar nu helemaal door de bezette gebieden: bijna een-derde van het land is nog steeds bezet door (Bosnische) Serviers.

De reis begon met oponthoud, omdat we de verkeerde grensovergang kozen; iets te dicht langs de bezette gebieden, dus een paar uur omrijden om in Osijek in het noordoosten te komen. De weg van Osijek in de richting van Zagreb was aangrijpend. Dorpen waar huizen waren opgeblazen; alsof er een gasexplosie had plaatsgevonden. Maar in zulke dorpen bliezen Serviers Kroatische huizen op of Kroaten Servische huizen. Niet zelden dorpsbewoners zelf. Dat was zo'n twee jaar geleden. Langs de bezette gebieden in de Krajina is nog niet overal met het opbouwen begonnen. Hele dorpen waren soms kompleet opgeblazen; huis voor huis. De Argentijnse UNPROFOR soldaten (voor hen een koude winter) waren de enige inwoners.

Het boek over ervaringen van burgers in de oorlog in Bosnie, dat ik ervoor las, werd plotseling beangstigend levendig.

Een uur later aan de slivovits en lunch met mensen van een milieugroepering. Heel onwerkelijk. Maar het leven gaat gewoon door natuurlijk. Op milieugebied en vooral natuurbescherming is hier ook nog wel wat te doen. Prachtig land wat natuurschoon betreft en de hele Adriatische kust is schitterend. De zee is gewoon blauw.

Aan de Adriatisch kust in het zuiden waren bijna alle gebouwen al weer gerestaureerd en kon je niet voorstellen dat bijvoorbeeld in het middeleeuwse centrum van Dubrovnik bijna ieder gebouw was getroffen door een granaat. De mensen zijn getekend. Nerveuzer. Kinderen zijn veel agressiever na lange tijden in schuilkelders, zei men ons. Toch waren de mensen niet zo haatdragend tegenover Serviers als gedacht. In Zagreb - wat slechts luchtalarm had - waren de mensen veel extremer over de Serviers.

Terug in Boedapest. Terug in drukte en verkeerssmog. En weer achter m'n beeldscherm in een muf kantoor: de plaatselijke katten vinden dat de ruimte tussen de houten binnenmuur en het dak ook als kattebak geschikt is. Wij niet zo."

Re:ageer