Wetenschap - 10 april 1997

Expertisecentrum GIS en Remote sensing in de maak

Expertisecentrum GIS en Remote sensing in de maak

Expertisecentrum GIS en Remote sensing in de maak
Eerste echte fusie tussen DLO en LUW
LUW en DLO zetten voorzichtig de eerste stappen op weg naar integratie. De afdeling Geo-informatie van het Staringcentrum (DLO) wordt samengevoegd met de afdeling GIS en Remote sensing van de universiteit. Voorts gaan LUW en DLO samen een hoogleraar Landgebruiksplanning aanstellen en overwegen ze een gemeenschappelijke bosbouwhoogleraar. Geldgebrek lijkt de belangrijkste drijfveer van de universiteit
Op 2 april kwam voor de eerste keer een commissie onder voorzitterschap van de LUW-bodemkundige prof. dr Johan Bouma bij elkaar. Deze bekeek hoe een Wagenings expertisecentrum op het gebied van geografische informatiesystemen (GIS) en Remote sensing kan worden opgezet. Het centrum moet de aanwezige kennis van LUW en DLO bundelen. Aan het hoofd komt een hoogleraar die parttime in dienst is van de universiteit, en parttime in dienst is van het Staringcentrum als programmadirecteur van het expertisecentrum. Met deze fusie op kleine schaal is de samenwerking tussen DLO en LUW een nieuwe fase ingegaan
In plaats van een formele samenwerking op papier zullen de medewerkers van beide instellingen ook fysiek bij elkaar gaan zitten in het nieuwe onderkomen van het Staringcentrum aan de Mansholtlaan. Ir Gerard van Nieuwenhuizen van het Staringcentrum verwacht dat de LUW-medewerkers straks formeel nog in dienst zijn van hun huidige werkgever, maar in praktijk worden aangestuurd door de baas van het nieuwe expertisecentrum. Natuurlijk werken beide groepen ook nu al veel samen, maar dat is vooral op projectbasis. Wij hebben bijvoorbeeld veel statistische data over het landelijk gebied en het zou interessant zijn om die eens wetenschappelijk te analyseren. Dat kan straks beter uitgevoerd worden.
De betrokkenen zijn lovend over het initiatief. Het wat meer toepassingsgerichte werk van het Staringcentrum sluit prima aan bij de wetenschappelijke invalshoek van de LUW. Bovendien hebben beide GIS-centra een ondersteunende functie, die beter en efficienter wordt bij bundeling van de krachten. LUW-medewerker dr ir Ron van Lammeren van de vakgroep Ruimtelijke planvorming meent dat het Staringcentrum meer dan de LUW op de markt is gericht en daardoor wellicht beter is in het aanbieden en verkopen van technische know how. Daar kan de universiteit dan van meeprofiteren. Wageningen moet het centrum voor GIS en Remote sensing worden met een telefoonnummer en een loket
Second best
Een relativering van de jubelstemming over de samenwerking is echter op zijn plaats, want het idee voor de fusie is ontstaan uit geldgebrek bij de LUW. Het college van bestuur wilde na het vertrek van de laatste hoogleraar GIS en Remote sensing, prof. dr Martin Molenaar, geen voltijdse leerstoel meer financieren. De grootte van de groep rechtvaardigde slechts een halve leerstoel, redeneerde het bestuur. Rector prof. dr Kees Karssen: Als de kritische massa te klein is voor een volwaardige leerstoelgroep, zoeken wij naar een mogelijkheid om die kritische massa te vergroten. Dat kan door samenwerking met een andere universiteit of, zoals in dit geval, met DLO.
Hoewel Van Lammeren veel mogelijkheden ziet voor het nieuwe centrum, betreurt hij de halvering van de leerstoel, omdat er ondanks de kleine vakgroep zijn inziens voldoende redenen zijn voor een voltijdse leerstoel. De huidige optie is dan ook second best
Volgens Karssen gaat de universiteit voortaan niet bij elke lege leerstoel kijken of een alliantie mogelijk is met DLO. Zo gaat de universiteit de levensmiddelen-leerstoelen van Prins en Van 't Riet helemaal zelf invullen, evenals de vacante leerstoel Waterkwaliteitsbeheer. Per leerstoel zal de wenselijkheid of noodzaak worden onderzocht. Vooral in de groene hoek lijken nu samenwerkingsverbanden te ontstaan. Want tegelijkertijd met de GIS-commissie is ook een structuurcommissie bezig, die via een tamelijk unieke constructie een hoogleraar Landgebruiksplanning zoekt
Alliantie
Voor deze leerstoel stelden college en universiteitsraad in het leerstoelenplan slechts 0,4 personeelsplaats beschikbaar. De ervaring leert echter dat het schier onmogelijk is een kwalitatief goede kandidaat te vinden voor twee dagen in de week. Dus bood het Staringcentrum aan om de leerstoel te verdubbelen en de andere helft voor haar rekening te nemen. Een commissie met vertegenwoordigers van Staringcentrum en LUW is inmiddels bezig met de voorbereidingen van de sollicitatieprocedure. De hoogleraar krijgt een aanstelling bij de LUW en het Staringcentrum
Volgens ir Wim de Haas van het Staringcentrum is een verregaande fusie, zoals bij GIS, niet ter sprake geweest. Voorlopig moet de persoonlijke alliantie waarborgen dat de twee groepen meer met elkaar samenwerken. Met deze constructie is al ervaring opgedaan, omdat ook recreatiehoogleraar prof. dr Adrie Dietvorst jarenlang een aanstelling bij beide instituten had
De Haas: Toegepast en fundamenteel onderzoek zijn nu teveel gescheiden werelden. Die proberen we bij elkaar te brengen. Ik denk dat de colleges en afstudeervakken interessanter kunnen worden als er een sterke koppeling is tussen de wetenschappelijke fundamenten en de toepassingen. Natuurlijk is een hoogleraarspost ook een beetje een vlaggeschip voor het Staringcentrum, maar het gaat ons toch vooral om de inhoudelijke versterking van beider onderzoek.
Buiten de groep van direct betrokkenen wordt met belangstelling gekeken naar de resultaten van de verschillende fusieconstructies. Vanuit het Kenniscentrum Wageningen is de GIS-fusie in ieder geval aangeduid als pilot project voor de toekomstige fusie van LUW en DLO
Het aantal proefprojecten zal de komende tijd wel groeien, maar die lijken voorlopig vooral uit nood geboren. Zo kreeg het college van bestuur onlangs een interessante optie aangeboden van het Instituut voor bos- en natuuronderzoek (IBN-DLO) voor het vullen van de leerstoel Bosbeheer en bosteelt. Wat de optie van het IBN-DLO inhoudt, wil het college nog niet zeggen in afwachting van de onderhandelingen. Onlangs werd de derde benoemingscommissie zonder succes ontbonden. Wellicht kan nu in samenwerking met het IBN na vijf jaar eindelijk een doorbraak geforceerd worden

Re:ageer