Wetenschap - 2 april 1998

Er is geen pop-beleid in Wageningen

Er is geen pop-beleid in Wageningen

Er is geen pop-beleid in Wageningen
Het grote probleem waar beginnende bands mee kampen is het vinden van geschikte oefenruimte. Toch hebben Wageningse bands volgens cultuurambtenaar Herman Helmers van de gemeente Wageningen weinig reden tot klagen. De gemeente Wageningen heeft een subsidie verleend aan drie locaties die gebruikt kunnen worden als oefenruimte. Dat zijn de vereniging Wagban, cafe 't Gat en binnenkort De Bovenste Polder. Voor een betrekkelijk kleine stad als Wageningen is dat aardig veel.
De behoefte aan oefenruimte is in de loop der jaren toegenomen, maar de gemeente is beperkt in haar mogelijkheden financiele bijstand te verlenen. In principe is er geen popbeleid in Wageningen, omdat de materie te ongrijpbaar is. Een paar vrienden richten een bandje op, dat vervolgens na een maand weer opgeheven wordt. Het is onmogelijk je beleid daarop af te stemmen. Met de bijstand die we verlenen aan deze drie oefenruimtes helpen we in totaal een twintigtal bands. Meer kunnen we niet doen.
Voorzitter Joris Breedveldt van de vereniging Wagban, die voor bandjes oefenruimte huurt in Unitas, is minder enthousiast over de samenwerking met de gemeente. Met Wagban is destijds de afspraak gemaakt dat de gemeente garant stond voor de kosten die wij maakten. We kregen een lening die wij via de contributiegelden van aangesloten bands terug moesten betaalden. Dat klinkt als een goede constructie, ware het niet dat wij daarvoor veel bands in ons bestand nodig hebben. Er zijn nu maar tien bands aangesloten. Hoe minder bands, hoe hoger de contributie. En hoe hoger die contributie, hoe minder bands zich bij ons aanmelden. Een neerwaartse spiraal.
Moe van het zoeken naar de juiste oefenruimte nam de band Flux zelf het initiatief. De band vonden een leegstaande ruimte op een Wagenings industrieterrein - de locatie houdt de band geheel volgens Flux-traditie geheim. We hebben een tijdlang niet gespeeld, mede omdat we nooit de juiste plek konden vinden om te oefenen, vertelt Flux-lid Scope. Maar we beginnen ons aardig thuis te voelen in dit nieuwe hok. Ik denk zelfs dat we op korte termijn weer eens gaan optreden.
The Bullfrog Bluesmachine
Bezetting: Hans Klerken (zang en gitaar), Mark Spronk (toetsen en backing vocals), Chris Jansen (bas, backing vocals), Evert Veenhuis (drums)
De foto's aan de muur zijn een weggevertje. Wie de woning van Hans Klerken, zanger en gitarist van The Bullfrog Bluesmachine betreedt, wordt meteen geconfronteerd met zijn helden. Rory Callagher, Stevie Ray Vaughn en Keith Richards zijn niet alleen prominent vertegenwoordigd in zijn huis, maar klinken ook duidelijk door in de muziek van The Bullfrog Bluesmachine. Met name de invloed van Rory Callagher is groot, de naam van de band is afgeleid van een klassieker van deze bluesveteraan. Ik ben eigenlijk mijn hele leven gitaargek geweest, vertelt Klerken. Toen ik een jaar of dertien was, begon die verslaving met Hank Marvin, de vaste gitarist van Cliff Richards Shadows. Door hem ben ik gitaar gaan spelen. Klerkens studie bracht hem naar Wageningen. Vrijwel onmiddelijk richtte hij een band op. M'n eerste bandje was een hardrockband, Highway 69, maar die ging al weer vrij snel ter ziele. M'n tweede band, Hipshaken Mama, speelde een soort kruisbestuiving tussen hardrock en blues.
Klerken combineerde zijn studie met het spelen in diverse bands. Hij is de eerste om toe te geven dat het studieklimaat destijds meer ruimte liet voor een intensieve hobby. Toch is hij van mening dat hij, nu hij een baan en een gezin heeft, veel vrijer is geworden in zijn manier van spelen. Ik heb een aantal zekerheden in m'n leven. De droom om muzikant te worden leeft ook niet echt meer. De druk is eraf, het gaat nu puur en alleen om het spelplezier en het musiceren op zich. Daarmee is echter niet gezegd dat The Bullfrog Bluesmachine een vrijblijvend tijdverdrijf is. Een professionele hobby-band, zo zou ik The Bullfrog Blues Machine willen omschrijven. De bandleden wonen door heel Nederland verspreid, maar vinden de band toch belangrijk genoeg om elke week naar Wageningen te reizen om hier te oefenen. Het is een hobby, maar we hebben er veel voor over.
Discografie: cd Hatched (in eigen beheer opgenomen), december 1996
Typisch Wagenings
Als universiteitsstad en als thuishaven van bands en muzikanten neemt Wageningen een bijzondere plaats in. De kleinschaligheid van de stad en gemoedelijke mentaliteit van haar inwoners zorgen voor een haast intieme scene. Maar wat vinden Wageningse muzikanten zelf eigenlijk typisch Wagenings?
Leon Bellaart (D'Upyoghurted): Als ik de Hoofdstraat een keer op en neer loop, ben ik al drie bekenden tegengekomen. Vaak heb ik met twee daarvan al eens samen gespeeld. De aanwezigheid van veel muzikanten op een paar vierkante kilometers, dat vind ik typisch Wagenings.
Sander Posthuma (De Drie Tieten): Wat mij altijd opvalt is de populariteit van folkmuziek in Wageningen en omgeving. Er wonen hier veel folkliefhebbers, maar ook veel folkmuzikanten. Het zal wel met de landelijke omgeving te maken hebben, maar ik vind Wageningen een echte folkstad.
Joost Witte (Captain Gumbo); Toen ik in Toontje Lager speelde en wij ineens doorbraken, merkte ik aan de reacties in Wageningen wel eens dat sommigen het jammer vonden dat we opeens zo groot werden. Wageningen moest ons ineens met de rest van Nederland delen. Mensen waren niet zozeer jaloers, maar wilden graag dat we een beetje onthielden waar we vandaan kwamen. Breek je als Wageningse band door, dan houden de Wageningers je wel met beide benen op de grond.
Flux
Bezetting: Scope La Barba (drums, percussie, zang), Doc H (gitaar, piano, zang), Bobby Flucks (zang, trompet, piano), Flo McCross (bas, zang), Abe Ferguson (wakakaba, zang)
Flux tart de heersende wetten van de popmuziek en weigert bijvoorbeeld categorisch de namen van de bandleden prijs te geven. Dat is ooit als een geintje ontstaan, maar we maken er graag een traditie van, aldus drummer Scope
Een andere typisch Flux-verschijnsel is het feit dat het vijftal zich profileert als een band die jas-muziek maakt; een jas is immers net zoveel als een blouse (blues) of een rok (rock). En op de vraag wie de band als belangrijkste inspiratiebron beschouwt, antwoordt Scope: Ach, iedereen roept altijd Frank Zappa als ze onze muziek horen, dus vooruit, Zappa is ons grote voorbeeld.
Het is niet eenvoudig tot het diepste wezen van de band door te dringen. Flux laat vooral de muziek het woord doen. Op hun eerste cd, Godfathers of Jas klinkt de band inderdaad als Zappa in z'n geniaalste dagen, maar ook de georganiseerde chaos van Ziggy Stardust klinkt in de muziek van het experimentele span door. Dat is logisch, gezien de grote verscheidenheid aan instrumenten die de Flux-leden bespelen. De band koppelt piano en trompet aan het bezwerende geluid van Abes didgeridoo. Dat de band van wanten weet, bewijst de live-demo van de band. Tijdens een optreden in het voorprogramma van Herman Brood pakt Flux het Edense publiek volledig in en neemt het mee op een muzikale ontdekkingsreis naar de grenzen van hun muzikale kunnen
Discografie: Godfathers of Jas (1996)
D'Upyoghurted
Bezetting: Leon Bellaart (leadrapper), Chris Smit (gitaar), Jean-Pierre (bas), Manolo (drums), Matthijs van de Veer (keyboard), Ivo Mooij (saxofoon), Frank-E (saxofoon)
Een cross over-band die een mengeling van hip-hop, funk, en metal speelt en rapt over schapen. Wageningen ging al plat voor deze zevenmansformatie en de rest van Nederland zal spoedig volgen. D'Upyoghurted is de liefdesbaby van voorman en leadrapper Leon Bellaart, ooit een gitaarspelende skater, maar na het horen van The Geto Boys een absolute rap-fanaat. Toen ik de Geto Boys en A Tribe Called Quest hoorde, dacht ik: dit wil ik ook, vertelt Bellaart. Die rapmuziek kwam als geroepen, ik heb m'n halve jeugd van m'n moeder moeten horen dat ik absoluut niet kon zingen. Dankzij de rap kon ik toch overbrengen wat ik wilde zeggen, zonder een begenadigd zanger te hoeven zijn.
Toen hij voor zijn studie Milieubeheer in Wageningen terechtkwam, richtte hij aanvankelijk de jazz-funkband JaFu op. Maar in zijn vriendenkring ontdekte hij meer geinteresseerden voor een op hip-hop-leest geschoeide band, dus zag D'Upyoghurted in oktober 1996 het levenslicht. De naam ontstond tijdens een hectische jamsessie. We waren een beetje aan het pielen toen ik opmerkte dat het nummer dat we speelden een beetje zurig klonk, legt Leon uit. Ik vond dat het nummer wat op-ge-yoghurt moest worden. Toen zijn we ons D'Upyoghurted gaan noemen.
De teksten ontstaan meestal vanzelf. Ik freestyle wat over de groove heen en dan komt er na verloop van tijd lijn in. De onderwerpen die hij in zijn teksten behandelt zijn divers en bepaald niet alledaags. Ik ben geen Nederlandse rapper die heel erg op een Amerikaanse rapper wil lijken. Dus schrijf ik ook over zaken die normaal gesproken nooit in rap-teksten voorkomen. Zo is Woolstore Demeaned ontstaan, het eerste rap-nummer over schapen.
Discografie: D'Upyoghurted heeft nog geen cd opgenomen, maar beschikt wel over een live-demo, onder fans fel begeerd
De Drie Tieten
Bezetting: Sander Posthuma (contrabas), Ruben Spelbos (banjo), Herman Schoenmakers (gitaar, accordeon, mandoline, mondharmonica), Sieard de Jong (viool, banjo, mandoline, tin whistle), Erik Gorter (drums)
De Wageningse folkband De Drie Tieten heeft zichzelf een korte adempauze gegund. Na twee cd's en zo'n duizend optredens leek het de band verstandig om pas op de plaats te maken. Officieel bestaan we nog, maar De Drie Tieten doen even niets, vertelt Sander Posthuma. Hij is sinds een jaar eigenaar van cafe De Zaaier en dat is een van de redenen voor het sabbatical van De Drie Tieten. We hebben het domweg te druk. De band is de afgelopen jaren uitgewaaierd over heel Nederland en vooral onze violist is op het moment erg druk bezig als sessiemuzikant. Maar we hebben een vergadering belegd en als het goed is gaan we snel weer spelen.
Als het zover is, zullen De Drie Tieten wel anders klinken dan voorheen. Ik wil aan een nieuw podiumgeluid werken. Folk is een beetje uitgeraakt, wij willen het weer populair maken met een nieuwe sound. Dat betekent niet dat De Drie Tieten een Nederlands tintje aan de muziek geven. Folk is traditionele muziek die op vaste thema's stoelt, zowel muzikaal als tekstueel. Experimenteren is binnen folk-composities heel moeilijk, helemaal wat de teksten betreft. Drank en feesten zijn zo'n beetje de rode draden in de folkmuziek, ook bij De Drie Tieten.
Discografie: cd Slaan de plank volledig mis, 1995 (Rockhouse)
Voor een enkele dj betaal je evenveel als voor een hele band
De Wageningse muziek-scene is nog altijd levendig en dynamisch, maar aanzienlijk minder omvangrijk dan pakweg vijf jaar geleden. Toen telde Wageningen tachtig bands, nu is dat aantal meer dan gehalveerd. Daarmee is Wageningen exemplarisch voor heel Nederland, want de bandjes-scene lijkt zich ook landelijk momenteel op een all time low te bevinden
Ik denk dat de dance-cultuur van de jaren negentig de grootste oorzaak is van de inzakkende bandjes-scene, zegt Frank Verhoeven, programmeur bij Unitas. Mensen willen tegenwoordig klinkende dj-namen. De disc jockey is tegenwoordig een soort eenmansband, voor een enkele dj betaal je evenveel als voor een hele band.
Een andere oorzaak is volgens Dick Zut van de Jan Bouma Experience het veranderde studieklimaat. Toen ik zes jaar geleden nog studeerde, nam ik regelmatig een dag vrij om te oefenen met de band. Vandaag de dag hebben studenten te maken met tempobeurzen en studiedruk. Je moet in vier jaar tijd je studie afronden; al te veel freewheelen is er niet meer bij.
Joris Breedveldt, voorzitter van de vereniging Wagban, bevestigt deze stelling. Wagban huurt voor aangesloten bandjes oefenruimte bij Unitas. Breedveldt ervaart de terugloop in het aantal bands aan den lijve. Vijf jaar geleden waren meer dan twintig bands lid van Wagban, tegenwoordig zijn dat er niet meer dan tien. Naast de buitenlandstage, die veel bands dwingt tot stoppen, is de toegenomen studiedruk een belangrijk oorzaak van de terugloop.
Of de crisis in de bandjes-scene structureel is of slechts tijdelijk, valt volgens hem niet te zeggen. Het hangt elk jaar weer af van de lichting nieuwe studenten aan de LUW. Daar wordt sinds jaar en dag het gros van de nieuwe bandjes opgericht. Wie weet komt er over een paar jaar weer een hele zwik getalenteerde en gemotiveerde muzikanten naar Wageningen en zijn er in no time weer drie of vier nieuwe bands. Studenten zullen, zeker in Wageningen, altijd muziek blijven maken. Laat ik zeggen dat ik gematigd hoopvol ben.
Live on stage
Jarenlang was jongerencentrum Unitas het belangrijkste pop-podium in Wageningen. Ik denk dat we door onze gastvrijheid veel good will hebben opgebouwd door de jaren heen, vertelt Frank Verhoeven, programmeur van Unitas. De Trockener Kecks werd hier op zeker moment echt vaste klant. Hoewel ze op zeker moment echt een grote en dus dure band waren, hanteerden ze speciaal voor Unitas het tarief uit hun begindagen. Maar ook buitenlandse bands verbazen zich vaak over het feit dat wij niet zo moeilijk doen. Die houding werkt kennelijk, want wie het overzicht van de bezoekende bands van de afgelopen twee jaar bekijkt, ziet een gevarieerde hoeveelheid bands, van Silicon Head tot De Heideroosjes en van Ro and the Paradise Funk tot DJ Dano
Ondanks de variatie valt toch het grote contingent gitaarbands op. Dat is kennelijk regionaal bepaald, veronderstelt Verhoeven. Nieuwe trends als drum 'n bass worden hier wat later omarmd dan in de Randstad. Toch zag ook Unitas zich gedwongen in te haken op de heersende dance-cultuur en worden er dj-cursussen gegeven, dance-avonden georganiseerd en grote dj's geprogrammeerd
Unitas is niet langer het enige belangwekkende podium in Wageningen. Sinds enige tijd is er ook live-muziek te beluisteren in cafes De Zaaier en 't Gat. Marco Schukkmann, tot voor kort programmeur bij 't Gat: Ik denk dat er genoeg ruimte is voor meer podia in Wageningen. Bovendien kan 't Gat niet de grote bands programmeren die Unitas heeft. Wij richten ons op de wat kleinere, meer commerciele bands en we bieden daarnaast bands de gelegenheid om te repeteren. Dat doen we niet om Unitas in de wielen te rijden, maar om muziekliefhebbers de mogelijkheid te geven om te kiezen uit meerdere bands.
Het naast 't Gat gelegen cafe De Zaaier biedt sinds enige tijd ook ruimte aan bands, al benadrukt barman Sander Posthuma - tevens zanger bij De Drie Tieten - dat De Zaaier meer een open podium is dan een heuse concertzaal. Wij zijn in de eerste plaats kleiner behuisd en daarnaast kunnen we niet zo diep in de buidel tasten. Er staat hier een piano en een contrabas; wie wil spelen gaat z'n gang maar. Daarnaast hebben we de zondagavondconcerten waarvan ik de programmering doe.
Ook Posthuma is van mening dat er nog volop ruimte is voor aanbieders op de podium- en oefenruimtemarkt. Momenteel is de scene een beetje ingezakt, maar ik voorspel dat het een kwestie van tijd is voor er weer nieuwe bands komen die willen oefenen. Posthuma's band De Drie Tieten is, samen met Captain Gumbo en oudgedienden als The Bill Collectors, een van de drijvende krachten achter De Bovenste Polder. Deze gerestaureerde steenfabriek net buiten Wageningen zal in maart haar deuren openen en oefenruimtes voor bands en expositielocaties aanbieden
Marco Schukkmann hoopt dat met de opening van De Bovenste Polder de samenwerking tussen de Wageningse podia zal verbeteren. Het kwam in het verleden wel eens voor dat een band die donderdag bij ons speelde op zaterdag bij Unitas stond. Dan snijd je elkaar in de vingers. Ik denk er een gevarieerder aanbod ontstaat als de verschillende cafes en concertzalen de programmeerlijsten naast elkaar leggen.
Non-actief
Sommige Wageningse bands staan, om uiteenlopende redenen, tijdelijk op non-actief. Van andere bands is eenvoudigweg onbekend of zij nog bestaan. Het onderstaande overzicht dient dan ook meer als illustratie dan dat het een complete muziek-staalkaart van Wageningen is
- Tsjek (Olivier Vessing, 0317-423924)
- Que Pasa (Eddy de Kruiff, 0318-624263)
- De Jan Bouma Experience; voormalige Cure-klonen, uitgegroeid tot een volwassen Nederlandstalige popband (Dick Zut, 0317-411024)
- Vanquish; symfonische rockband in de lijn van Foreigner en Rush (Rene Rustewijk, 0317-422098)
- The Lashes; getroffen door de Wageningse ziekte: contactpersoon Jorgen Chardon zit in het buitenland voor een stage
- Dreadz in Babylon; reggaeband die kampt met een vormcrisis, mede door een buitenlandstage. De band zal doorgaan zodra de uitgewaaierde bandleden weer voet op Wageningse bodem zetten (Joris Breedveldt, 0317-417970)
- Passion (Paul Beltman; 0317-424665)
- Grassmoawer; herrieband (Dolf van der Plas, 0317-422707)
- N.O.A.P.E.; voorheen Go Ape. Speelde vroeger hardcore, maar presenteert zich nu als jazz-funkband (Emiel Touffaint, 026-4454849)
- De Klojo's; pret-punkband (Gerbert Roerink; 0317-413357)
- Willie B. & the Blue Sparrow; blues (Winand Bijlmakers, 0317-460428)
- The Bill Collectors; blues (Joost Witte, 0317-420320)
- Kingdom of Desire; powerpop (Bert Klop, 0317-425051)
- The New Black and White Bands Orchestra; jaren-dertig-jazz (Bert van Ginkel, 0318-413935)
Captain Gumbo
Bezetting: Joost Witte (slagwerk en zang), Jan van den Berg (basgitaar), Gerard de Braconier (gitaar en zang), Mark Sohngen (accordeon, trekharmonica en zang)
Joost Witte, muzikant. Het staat zo gewoontjes in het telefoonboek van Wageningen. Achter dat simpele woordje gaat twintig jaar muziekervaring school. Joost Witte is muzikant. Ik kan niks anders en ik wil niks anders.
In het midden van de jaren tachtig stond Witte met de band Toontje Lager in het middelpunt van de belangstelling en was hij zelfs een bekende Nederlander. Na het succes van Toontje Lager volgde een korte periode van uitblazen en de draad weer oppakken. In de behaaglijke luwte van de band Captain Gumbo hervond hij het spelplezier. Hij koos met Captain Gumbo voor een muziekstijl die in Nederland relatief onbekend is. De band speelt cajun en zydeco, blanke, Franstalige volksmuziek vermengd met zwarte rhythm 'n blues zoals die met name in de Amerikaanse staat Louisiana gespeeld wordt. Het is muziek die zich bewezen heeft. Wat me in de teksten aanspreekt is de combinatie van malheur en plezier. Het is droevigheid die vrolijk stemt.
Captain Gumbo is, hoewel de belangrijkste, slechts een van de vele muzikale paden die Witte tegenwoordig bewandelt. Schijnbaar moeiteloos stapt hij van het drummen in Gumbo over op andere muziekstijlen. Ik vind het heerlijk om op donderdag in een rokerig blues-cafe te spelen, op vrijdag in een feesttent smartlappen te zingen en op zaterdag weer te knallen met Gumbo. Ik vergelijk het altijd met thuiskomen na een vakantie. Heerlijk om weg te zijn geweest, maar die luie stoel thuis zit toch het lekkerst. Captain Gumbo is mijn muzikale luie stoel.
Discografie: 1 More 2 Step (oktober 1990); Back a la Maison (november 1992); Chank-a-chank (juni 1994); Midlife two step (juni 1997)
The Able-Bodied Seamen
Bezetting: Claire de Brey (zang), Luc Rouws (drums), Jeroen van Bruggen (klarinet), Roel Olieman (banjo), Stefan Belt (piano), Bernd Hilhorst (saxofoon), Bastiaan Schoenmaker (trompet), Dennis van Schaardenburg (sousafoon), Charles van Deursum (wasbord)
Als huisband van studentenvereniging KSV mag de dixielandband The Able-Bodied Seamen met recht een instituut worden genoemd. Niet minder dan veertien jaar bestaat het gezelschap al; onnodig te zeggen dat traditie telt voor de acht mannen en een vrouw van The Able-Bodied Seamen
We zijn inderdaad schatplichtig aan onze voorgangers, aldus Bernd Hilhorst, saxofonist en manager van de bigband. Het is aan ons om het voortbestaan van de band te garanderen. De traditie speelt ook een rol in het muzikale oeuvre en komt zelfs terug in de naam. Die moet je zien als een eerbetoon aan de oorspronkelijke, zwarte dixielandmuzikanten. Die waren vaak te arm om fatsoenlijke concertkleding te kopen. Om tijdens optredens toch de suggestie van eenheid te wekken kochten ze daarom de afgedankte uniformen van de Amerikaanse marine op. Ook wij dragen tijdens optredens marine-uniformen.
Ook professionaliteit is een woord dat vaak ter sprake komt bij The Able-Bodied Seamen. De band heeft uit eigen gelederen een manager aangewezen die zich bezighoudt met publicitaire kwesties en het regelen van optredens. En tijdens die optredens kan het er heftig aan toe gaan, bezweert Bernd Hilhorst. De band legt voor nieuwkomers de lat muzikaal gezien vrij hoog. Wie bij ons wil spelen, moet op de eerste plaats zijn instrument goed beheersen, omdat we bij live optredens veel improviseren, aldus Hilhorst. Maar met alleen muzikaal talent kom je er niet; ook het bezit van een persoonlijkheid is een voorwaarde. Je moet uitstraling hebben. We zijn allemaal erg leuk op het podium, dan kan het niet zo zijn dat een persoon verzaakt.
Discografie: cd The Able-Bodied Seamen On Tour; single-cd Panta rhei
Intieme scene
Intimiteit is een kenmerk van de Wageningse muziek-scene. De kleinschaligheid van de scene en het beperkte aantal vierkante kilometers waarbinnen muzikanten zich begeven, leiden tot het ontstaan van veel dwarsverbanden, inner circles en kruisbestuivingen. Niet zelden ontstaan uit een of twee opgeheven bands een nieuwe band
D'Upyoghurted bestaat bijvoorbeeld uit de ex-drummer van Datura en de bassist van The Larha's, twee opgeheven Wageningse bands. Sander Posthuma, contrabassist van De Drie Tieten, speelde in het verleden wel eens mee met The Able-Bodied Seamen en Joost Witte, drummer van Captain Gumbo, is de vroegere drumleraar van Paul Beltman van Passion
Drummer Scope mag zich de belangrijkste vertegenwoordiger van dit verschijnsel genoemd worden. Hij groeide op als buurjongen van de gitarist van Kingdom of Desire, een Wageningse powerpopband, en verdeelt momenteel zijn drum-activiteiten tussen het spelen in zijn eigen band Flux en de Jan Bouma Experience

Re:ageer