Wetenschap - 28 september 1995

Een goed idee is niet genoeg

Een goed idee is niet genoeg

Trucs om een succesvol wetenschapper te worden

Wetenschap is meer dan feiten bouwen, beweert de filosoof Bruno Latour. Een wetenschapper moet behalve slim ook sluw zijn: hij moet zijn ideeen weten te verkopen en zich een weg bluffen naar de top.


Een aantal jaren geleden ontdekten twee Wageningse wetenschappers dat de voederconversie bij runderen anders werkt dan altijd was aangenomen. De voedselefficientie van runderen bleek niet onbeperkt te beinvloeden. Runderen hebben namelijk in de evolutionaire geschiedenis geleerd in de winter te functioneren op een lagere conversie dan in de zomer. Het tweetal schreef zijn bevindingen netjes op en verwachtte dat de vakwereld wel onder de indruk zou zijn van de resultaten.

Bij vakbroeders uit het buitenland was dat ook het geval; de twee werden overal uitgenodigd en kregen belangrijke prijzen. Maar de eigen Nederlandse collega's wilden er niets van weten. Hoe goed de bewijzen voor de theorie ook waren, de nieuwe ideeen werden niet bediscussieerd en niet geaccepteerd. De nieuwe theorie paste niet in het stramien en werd terzijde geschoven.

Wetenschap blijkt meer te zijn dan alleen het genereren van goede ideeen. Het wetenschappelijk bedrijf is meer dan een laboratorium of een snelle computer. Het draait erom ideeen, nieuwe feiten en theorieen aan de man te brengen. Sprekend voorbeeld daarvan zijn de citatie-indices. Het belangrijkste en meest geaccepteerde middel om wetenschappers, ook die van de Landbouwuniversiteit, te beoordelen op hun wetenschappelijk kwaliteit is het tellen van het aantal keren dat ze worden geciteerd. Het gaat daarbij niet alleen om wat iemand schrijft maar vooral ook om het tijdschrift waar het artikel in staat en het aantal keren dat het wordt gelezen en overgeschreven.

Universiteiten spreken ook wel eens onderling af wie de beste is. Een vertegenwoordiger van de bedrijfskunde-opleiding Nijenrode liet zich onlangs ontvallen dat Nijenrode met een clubje van tien vergelijkbare Europese opleidingen had afgesproken dat zij de besten zijn. Ongeacht hun kwaliteit komen nieuwelingen daar niet tussen. Zij zullen dus altijd minder in aanzien staan. Andere universiteiten verzetten zich niet tegen dergelijke borstklopperij.

Koffietafels

In zijn boek Science in action legt filosoof Bruno Latour uit waarom wetenschap meer is dan nieuwe vondsten doen, slim redeneren en uitvindingen bedenken. Hij laat zien hoe wetenschap verankerd is in het maatschappelijke leven. Wetenschappers hebben omgangsvormen ontwikkeld, hebben impliciete en expliciete afspraken gemaakt over hoe ze met elkaar en mensen buiten de wetenschap omgaan. Latour stelt dat die regels kennen voor een wetenschapper zeker zo belangrijk is als alleen met slimme vondsten komen. Een wetenschapper die helemaal in zijn eentje werkt is in de visie van Latour zelfs helemaal geen wetenschapper. Want de wetenschapper bestaat bij de gratie van zijn collega's. Wetenschappelijke vindingen zijn ook zelden het resultaat van een plotseling opkomende gedachte. Meestal zijn ze de resultante van het werk van meerdere onderzoekers over een langere termijn.

Veel van het wetenschappelijk bedrijf speelt zich relatief onzichtbaar af, op de gangen van de instituten en aan de lab- en koffietafels. Soms is het prachtig zichtbaar. Neem een willekeurig wetenschappelijk congres: de wetenschappers praten niet alleen over hun kennis maar zeker zo vaak over strategieen. Met wie zullen ze gaan samenwerken, waar kunnen ze financiering vandaan halen, hoe zorgen ze ervoor dat hun instituut het grootste wordt?

De gesprekspartners worden niet at random uitgekozen maar zijn uitermate uitgekiend. Op een congres zijn altijd wel een paar big shots die naam hebben in het vakgebied. Iedereen wil even met ze praten en een visitekaartje afgeven. Diegenen die in rang net iets onder deze groten staan, hebben de meeste kans op een gelegenheid ze een handje te schudden en een praatje te maken. Ze mogen zelfs een gesprek met een lagere abrupt afbreken als ze een kans zien om een hogere aan te spreken.

Tactieken

Het is de kunst omhoog te klimmen op die wetenschappelijke ladder. Hoe krijg je de juiste mensen geinteresseerd in jouw nieuwe ideeen of theorieen? En hoe zorg je ervoor dat geldschieters er wat in zien? Sommige manieren liggen voor de hand. Zo is natuurlijk een omgeving van goede onderzoekers een voordeel. Als zij jouw onderzoek goed vinden, zullen zij dat verder verkondigen; zo worden jouw ideeen wereldkundig.

Omdat een goede onderzoeksgroep niet voor iedereen is weggelegd, heeft Latour in zijn boek een aantal aardige tactieken op een rijtje gezet die kunnen helpen bij het succesvol maken van een goed idee of gevonden feit.

De eerste tactiek is om te proberen het idee zo aan te passen dat het beantwoordt aan de expliciete interesses of belangen van mensen. Zo kan een aio heel strategisch zijn hypothese aanpassen aan de interesse van de hoogleraar. Die hoogleraar publiceert vervolgens mee en geeft de publikatie zo meer gewicht. Latour waarschuwt voor het gevaar bij deze tactiek dat de hoogleraar er met het idee vandoor gaat en zelf met de eer gaat strijken.

Een tweede methode is om de interesses van mensen te vervangen. Het zal niet altijd meevallen, maar soms lukt het iemand van zijn eigen ideeen af te brengen zodat hij in de jouwe gaat geloven. De truc is een geldschieter zo ver te krijgen dat hij zijn geld niet steekt in het onderwerp dat hij eerst voor ogen had, maar in het onderwerp waar jij veel in ziet.

Latours derde recept is zeggen dat de ideeen van de anderen wel goed zijn, maar alleen te verwezenlijken op jouw manier, met jouw truc of methode. Als een fabrikant een resistent tarweras wil, kan een moleculair onderzoeker hem overtuigen dat dat tarweras alleen te maken is als de onderzoeker eerst een hele genenkaart van tarwe opstelt. Misschien niet een helemaal eerlijke tactiek, geeft Latour toe, maar wel een effectieve.

Ruis

Een vierde manier om belangstelling te kweken is de interesses van anderen te beinvloeden, aldus de filosoof. Bijvoorbeeld door nieuwe doelstellingen te verzinnen voor anderen. Klassiek voorbeeld is natuurlijk de cd-speler. De uitvinders moesten gedaan krijgen dat de consument voortaan alleen nog maar wilde luisteren naar muziek zonder ruis. Voor die tijd was ruis nauwelijks een probleem voor de amateur-muziekliefhebber.

Als mensen dan eenmaal door een van deze tactieken geinteresseerd zijn geraakt, dan is het zaak om die mensen vast te houden. Dat kan volgens Latour door de vinding aan zo veel mogelijk zaken te koppelen en bondgenootschappen te kweken. Zijn die banden er eenmaal, dan is de vinding waarschijnlijk geslaagd.

Re:ageer