Wetenschap - 8 augustus 1996

Een flesje wijn met kerst

Een flesje wijn met kerst

Werken naast de studie

Afdelingsgenoten Max van Hoffen, zesdejaars veeteler, en Jaap Hoes, derdejaars doorstromer, proberen zoveel mogelijk te werken in de vakantie. Vandaag zijn ze echter arbeidsloos.

Werken doen ze het hele jaar, maar in de zomer doorgaans wat meer. Van Hoffen had de afgelopen maand drie weekenden achtereen het geluk als caddymaster op een golfbaan in Nuenen te kunnen werken, met nog twee weekenden in het vooruitzicht. Een relaxed baantje dat hij via via op de studentenvereniging heeft bemachtigd. Caddymaster is een best baantje: lekker achter het bureau een beetje de telefoon opnemen."

Van Hoffen somt zijn historie aan baantjes op: stellingen bouwen voor het Kruidvat, behoezen van schuimrubberen matrassen in een beddenfabriek, chaufferen. En het mooist van al: nachtwaker zijn in het Arboretum voor Beelden op de Berg. Van Hoffen: Dat deden we met mijn toenmalige huis, De Kogel. Iedere avond moesten we met z'n tweeen 's nachts rondlopen, drie maanden lang, zwart, een prachtig baantje."

Deze zomer heeft Van Hoffen regelmatig werk in gezelschap van Hoes - Dat gaat echt heel goed, nietwaar schat? - plafonnetjes gelegd, verhuisd en greppels gegraven. Hoes is, doorgaans alleen, ook bij Malenstein in Ede in de weer: vrachtauto's in- en uitladen, orders klaarmaken en stenen sjouwen.

Beiden hebben dus ervaring in een scala van banen. Hoes: De sfeer heb je zelf in de hand. Als je aan komt lopen van Hoi, ik ben student, ik ben slim en jullie zijn dom dan gaat het natuurlijk niet goed." Pesterijtjes komen wel eens voor. Kijk, Malenstein verzorgt veertig procent van de distributie van Gamma. Daar zitten hangkasten bij, waarvan de zwaarste zestig kilo wegen. Als je wijs loopt te doen, laten ze je die in je eentje op pellets stapelen. Dan kom je natuurlijk gebroken thuis."

Van Hoffen: Meestal houd je je op de vlakte als je ergens begint, omdat je niet weet wat je wel of niet kan maken."

Hoes beaamt; Ik kijk altijd de kat uit de boom, ik zeg nooit uit eigen beweging dat ik student ben en als ze het vragen probeer ik er omheen te lullen." Wat het werk zelf betreft liggen zijn ergste ervaringen in de tempex-fabriek in Ede - producent van piepschuim - en in de kaasfabriek in Wageningen: Vreselijk saai, een geestelijke uitputtingsslag. Het is vooral lopende-bandwerk. Papiertjes tussen schijfjes kaas leggen terwijl de machines zoveel lawaai maken dat je de radio niet hoort, ook al staat die op tien." Dat is echter wel het werk dat doorgaans het makkelijkst te krijgen is, aldus het duo.

Wasserij De Lelie is ook regelmatig een werkplek voor armlastige studenten. Idyllisch gelegen onderaan de Wageningse Berg, met uitzicht op de uiterwaarden. Eenmaal binnen is dat echter direct vergeten. Geavanceerde machinerieen produceren aardig wat decibellen en er wordt hard gewerkt. Plantmanager R.M. Buis geeft, zichtbaar trots, een rondleiding door de fabriek. Er heerst een behoorlijk temperatuurtje, hoewel alles tegen elkaar openstaat. Wekelijks volgt zo'n 85 ton wasgoed, afkomstig van ziekenhuizen, verzorgingstehuizen en bedrijven als Hak, Coberco en De Baronie, een vast route door het bedrijf. Bijna alles gaat volautomatisch; alleen het sorteren van vuilgoed, het vullen van machines, het inleggen van het wasgoed voor de mangel en het inpakken gebeurt door mensenhanden.

Bij De Lelie werken zestig mensen vast; alleen bij vakantie en ziekte doet het bedrijf een beroep op uitzendbureaus. De uitzendkrachten doen hun werk naar behoren en de uitval is gering. Buis: De laatste twee jaar geven we de mensen voor ze komen werken een rondgang door het bedrijf. Het vaste personeel wordt gevraagd aandacht aan hen te besteden." Volgens Buis gaat dat meestal goed. Maar dat ligt ook aan de instelling van de mensen zelf."

Tweedejaars Diedenoortstudent Hester Brinkman heeft zich ingeschreven bij vier uitzendbureaus tegelijk en heeft daardoor regelmatig werk. Bij wasserij De Lelie heeft ze drie keer gewerkt. Uitsluitend lopende-bandwerk, zoals de was inleggen. Het is niet geweldig maar het verdient. Het werk is erg eentonig, alleen maar staan." 's Avonds dus pijnlijke benen. Maar daar kun je wel aan wennen, al ziet Brinkman zichzelf het werk niet wekenlang doen. Contact met de vaste werknemers is er nauwelijks. Veel wordt er niet tegen je gezegd; in de pauzes zitten de uitzendkrachten meestal apart aan een tafeltje."

Hester Brinkman werkt door het jaar genomen een dag in de week. Dit jaar stond ze onder meer drie weken achter de lopende band bij een drukkerij en waste ze af bij het IAC. Thans enqueteert ze telefonisch boeren voor Agromarkt, drie dagen per week. Dat is een stuk relaxeter dan achter de lopende band; nu blijf ik lekker achter mijn bureau." Bovendien verdient ze, nu ze de 21 is gepasseerd, beter dan voorheen: zo'n tien gulden netto per uur.

Datzelfde bedrag verdienen doorgaans ook Jaap Hoes en Max van Hoffen. Hoes: Bovendien krijg ik fietsgeld als ik in Ede werk, toch al gauw zo'n 7,35 gulden netto per dag." Gemiddeld werkt hij het hele jaar door een dag in de week. Allebei staan ze bij uitzendbureau Allround ingeschreven onder de noemer voor alles wat los en vast zit. Hoes: Allround is wel 'n goeie; ik kreeg zelfs een verjaardagstaart." Van Hoffen vult aan: Randstad ook wel, die geven een flesje wijn met kerst. Als je al wat langer ingeschreven staat, kun je af en toe binnen bepaalde grenzen voorkeuren aangeven, zoals samen werken." Hoes: Ja, soms heb je geluk dat het werk leuk is."

Re:ageer