Wetenschap - 13 juni 1996

Denktank Ritzen wil meer geld voor fundamenteel onderzoek

Denktank Ritzen wil meer geld voor fundamenteel onderzoek

OCV verkent toekomst wetenschapsgebieden

Het is hoog tijd dat Nederland meer geld gaat steken in fundamenteel onderzoek op een aantal strategisch belangrijke terreinen. Dat zegt de Overlegcommissie Verkenningen (OCV), Ritzens denktank voor het wetenschapsbeleid en deelnemer aan de NRLO-verkenning over de Landbouwuniversiteit. De OCV wil de betrokken onderzoekers uitdagen en het politieke draagvlak voor de wetenschap versterken, stelt voorzitter Wolff-Albers.


Vier jaar geleden kwam minister Ritzen met zijn eerste aanzet voor een strategisch wetenschapsbeleid. Voor de universiteiten ging het om een nogal lukraak rijtje van vijf prioriteiten, van kunstgeschiedenis tot materiaalkunde. Erg veel indruk maakte dat lijstje niet. Maar de tijd heeft niet stilgestaan. De bewindsman riep een nieuw stelsel van verkenningen in het leven, om keuzes voor het wetenschapsbeleid van de toekomst voor te bereiden.

De voorstellen van de OCV zijn een indrukwekkende stap vooruit. In een groot aantal vakgebieden hebben commissies de toekomst verkend en na discussie met onderzoekers en afnemers keuzes voorgesteld. Zo is het onderzoek in de sociale wetenschappen versnipperd en overwegend kortlopend beleidswerk. Daardoor lopen de onderzoekers de kans mis om een rol te spelen bij het beantwoorden van maatschappelijke uitdagingen, meent de OCV.

Als remedie moeten er enkele grote programma's komen, waarin meerdere disciplines samenwerken. De OCV wil de coordinatie in handen leggen van landelijk onderzoekfinancier NWO, beheerder van de tweede geldstroom. Moeten de universiteiten eigen geld inleveren om de rol van NWO in de sociale wetenschappen te versterken?

Dr A.D. Wolff-Albers, voorzitter van de OCV, stelt hen gerust. Ik zie eerder ruimte bij de derde geldstroom; de enorme wolk kortlopend contract-onderzoek voor allerhande overheden. Daar zitten veel herhalingen in. Dat geld valt veel effectiever te besteden. NWO moet voor deze nieuwe programma's op zoek naar sponsors. Dat kunnen dezelfde overheden zijn die nu kortlopende projecten financieren, met vaak weinig verrassende resultaten."

Makelaar

Ook op andere terreinen hoopt de OCV dat NWO zich ontwikkelt tot een actieve makelaar in onderzoek. Die rol van tussenpersoon zou de beste oplossing zijn om de roep van de politiek om meer relevantie om te zetten in klinkende munt, zonder dat dit ontaardt in een al te grote nadruk op de korte termijn.

De verkenning van de sociale wetenschappen leert ook dat het moeilijk is multidisciplinair onderzoek op gang te krijgen. Wolff-Albers: Er zijn weinig sociale wetenschappers bezig met de milieuproblematiek of met technologische ontwikkeling. Zulke exacte onderwerpen vallen buiten hun blikveld. Toch is het overbruggen van die beta-gammakloof van groot belang, want uit alles blijkt dat het juist daar de komende tijd op zal hangen."

De overlegcommissie komt nu met een onderzoeksplan voor ecologische herstructurering van de economie. Dit initiatief, Factor 4, mikt op halvering van het milieubeslag bij gelijktijdige verdubbeling van de welvaart - dus in feite op vier maal zo schone produktieprocessen.

De OCV wil ambitieuze doelen formuleren in het wetenschapsbeleid. Juist daarmee zijn onderzoekers en geldschieters te motiveren tot extra inspanningen, is de redenatie. En onmogelijk is de ambitie van dit onderzoekprogramma volgens de OCV-voorzitter niet.

Als je het uitwerkt, kom je op vertrouwde terreinen, zoals het energie-onderzoek, de chemie, de landbouwwetenschappen of economie. De belangrijkste vraag zal zijn: hoe integreer je het allemaal?" Ze beseft dat dat nog wat voorbereiding zal vergen.

Impasse

Intussen dalen de overheidsuitgaven voor onderzoek al jaren en minister Ritzen is er niet in geslaagd die trend te keren. De OCV wijst in haar rapport opnieuw op het belang van meer investeringen in onderzoek. Maar komt daar wel iets van terecht?

Er is zeker sprake van een impasse", erkent Wolff-Albers. Want het is duidelijk dat Ritzen geen geld heeft. Maar toch is het goed om nu alvast een strategie op te zetten. Onze toon is: als er straks weer ruimte komt om te investeren, hebben wij daar heel goede bestemmingen voor. Denk aan de problemen met mobiliteit en ruimtegebruik, aan de wens van duurzame economische groei en de gevolgen van vergrijzing. Dat alles vraagt om nieuwe onderzoeksinspanningen. Wij geven daar wegen voor aan. Zo sta je straks in de voorste rij. Want voordat je het weet, zit je al in een nieuwe kabinetsperiode."

Toevallig maakte niemand minder dan premier Kok enkele dagen geleden duidelijk dat er inderdaad hoop is na 1998. In een interview met de Volkskrant zei hij dat een volgend kabinet jaarlijks twee tot drie miljard gulden extra moet gaan uitgeven aan investeringen in de infrastructuur. Behalve vervoersnetwerken en vernieuwde binnensteden ging het hem ook om kennisinfrastructuur. Bovendien wil Kok gaan bewijzen dat er een alliantie tussen economie en milieu mogelijk is.

Wolff-Albers meent dat Ritzen nu al een flinke slag kan slaan door samen met vakministers enkele strategische programma's op te zetten. Ik denk dat hij daar voor zijn wetenschapsbudget 1997, dat in september uitkomt, serieuze pogingen toe zal doen. Hij kan in elk geval beginnen bij de collega's een andere mentaliteit aan te kweken, zodat ze hun eigen belang bij strategische onderzoekprogramma's gaan herkennen."

Topinstituten

Bij Economische Zaken is die mentaliteit al lang aanwezig. Het ministerie is voortvarend bezig met technologieverkenning en -stimulering, ook gericht op de langere termijn. Soms, zoals bij de vorming van technologische topinstituten, lijkt het alsof minister Ritzen daarbij wordt overvleugeld door zijn collega Wijers. Zouden die twee niet beter moeten samenwerken?

Wolff-Albers: Op zich is het jammer dat je bij het wetenschaps- en technologiebeleid altijd stuit op die tweedeling tussen de onderwijsminister en die van Economische Zaken. Maar aan de andere kant: je kunt Wijers niet verwijten dat hij werk maakt van zijn beleid en zelf technologieverkenningen organiseert."

Wat Economische Zaken organiseert, gaat vooral over het einde van de kennisketen. Wil je grenzen verleggen, dan moet daar dieper gravend, fundamenteler onderzoek naast gezet worden. Niemand verbiedt Jo Ritzen om dat alsnog te doen. Het verschil is dat Wijers veel vlottend geld heeft, terwijl Ritzen zijn geld heeft vastzitten bij instituten en universiteiten. Daar kan hij niet zomaar aankomen."

De geringe wendbaarheid van het universitaire onderzoek beperkt wel eens de invloed van Ritzen bij zijn collega's. Eigenlijk is deze bewindsman er tot nu toe niet genoeg in geslaagd om zijn achterban, zoals besturen van universiteiten en onderzoekorganisaties, voor zich te mobiliseren. Ze breken hem nog eerder af, ook als dat uiteindelijk in hun eigen nadeel is."

Re:ageer